Ambtelijk advies / memorandum.
Origineel
Ambtelijk advies / memorandum. 20 november 1939. Advies op N° 25/pr 9/11/39.
Den Heer Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier.
In verband met bijgaand verzoek van M.A.G. Melen-
klaken, pl. 170 AC, diene het volgende:
Bedoeling van verzoeker is, in verband met
ziekte van zijn vader, dien hij verzorgt, tijdelijke
toestemming om voorloopig alléén des Zaterdags
zijn marktplaats te bezetten.
Alhoewel als regel geëischt wordt, dat vaste
plaatshouders op dagmarkten minstens twee
malen per week hun plaats bezetten en verschei-
dene hoofllieden precies dezelfde wenschen als
den heer Melenklaken hebben, komt mij, gezien de huise-
lijke omstandigheden waarin verzoeker verkeert
en welke U eveneens bekend zijn!, als uitzonde-
ringsgeval gewenscht voor, van dezen gedragsregel
af te wijken.
M.i. kan het verzoek voor een omlijnd tijdvak
(3 mnd. b.v.) worden ingewilligd.
Amst. 20 Nov. 39
[handtekening, mogelijk S. Meurhuizen] * Inhoud: Het document betreft een formeel advies aan de Inspecteur van het Marktwezen over een verzoek tot ontheffing van de marktvoorschriften. Een marktkraamhouder (Melenklaken, standplaats 170 AC) vraagt of hij tijdelijk alleen op zaterdag op de markt mag staan in plaats van de verplichte twee dagen per week.
* Reden: De verzoeker moet voor zijn zieke vader zorgen.
* Oordeel: De schrijver van het advies erkent dat er een strikte regel is (minstens twee keer per week aanwezig zijn) en dat andere "hoofdlieden" (marktkooplieden) vaak soortgelijke verzoeken doen die doorgaans worden afgewezen om precedentwerking te voorkomen. Echter, vanwege de specifieke, schrijnende thuissituatie van Melenklaken (die blijkbaar reeds bekend is bij de inspecteur), wordt geadviseerd een uitzondering te maken.
* Aanbeveling: Het verzoek inwilligen voor een beperkte periode van bijvoorbeeld drie maanden.
* Taalgebruik: Formeel-ambtelijk Nederlands uit de vooroorlogse periode (bijv. "diene het volgende", "geëischt", "voorloopig"). Opvallend is de spelfout "hoofllieden" (waarschijnlijk bedoeld: hoofdlieden). Dit document stamt uit november 1939, een periode van grote onzekerheid in Nederland. Hoewel Nederland nog neutraal was in de Tweede Wereldoorlog, was de mobilisatie in volle gang, wat grote druk legde op gezinnen en de economie.
In Amsterdam was de marktsector streng gereguleerd door de gemeente om de kwaliteit en de continuïteit van de markten te waarborgen. Standplaatshouders hadden de plicht hun plek regelmatig te bezetten; deden zij dit niet, dan konden zij hun vergunning verliezen. Dit document illustreert de menselijke maat binnen de bureaucratie van het Amsterdamse Marktwezen: ambtenaren moesten de balans vinden tussen het handhaven van rigide marktverordeningen en het tonen van coulance in individuele gevallen van sociale of medische nood. M.A.G. Melen M.A.G. Melenklaken S. Meurhuizen Marktwezen