Archief 745
Inventaris 745-289
Pagina 300
Dossier 55
Jaar 1939
Stadsarchief

Archiefdocument

1 november 1938 Van: J.W. Sturm (handtekening), vismakelaar/handelaar. Aan: Den WelEdHeer Dr. B. van der Laan, Directeur Marktwezen, Amsterdam.

Origineel

1 november 1938 J.W. Sturm (handtekening), vismakelaar/handelaar. Den WelEdHeer Dr. B. van der Laan, Directeur Marktwezen, Amsterdam. Amsterdam 1 November 1938.

den Wel Ed Heer
Dr. B. van der Laan.
Dir: Marktwezen
Amsterdam

Heden 1 November '38, heb ik verkocht een
partij visch uit Zweden en Denemarken
aangevoerd door tusschenkomst van H. Wijnschenk.
(extra consent.): als volgt:

Uit Zweden:-
80 kistjes schelvisch à 35 pond
opbrengst per kist f. 2.- - 2.30 totaal f 167.10.

Uit Denemarken.-
15 kistjes gullen à 35 pond
opbrengst per kistje 2.60 - 3.90 totaal 50.50
14 kistjes schol à 35 pond.
opbrengst per kistje 3.40 - 3.80 totaal 48.30
12 kistjes kabelj: (94 stuks) à 35 pond.
opbrengst per stuk 0.60 - 1.80 totaal 71.60.


121 kistjes. totaal bruto opbrengst f 337.50.

Hoogachtend
[Signatuur: J.W. Sturm]

[Marginalia links onder:]
(alleen voor de Zweedsche visch)
Deze gegevens doorzenden naar
V. Schaik, doch eerst
bij H. Wijnschenk informeeren,
op welk consent (eigen of ander)
deze hoev. zijn afgeschreven.
W.E.

Er op wijzen, dat de
opbrengst v. de Afslag niet aan de
zenders mag worden doorgegeven,
omdat een deel der visch wel
was door of vanwege W. in de
afslag werd gekocht, om de
prijs op te houden. Het document is een zakelijke afrekening of rapportage over de verkoop van 121 kisten vis (schelvis, gul, schol en kabeljauw) uit Zweden en Denemarken. De totale bruto opbrengst bedroeg 337,50 gulden. De vis werd geïmporteerd via H. Wijnschenk, gebruikmakend van een "extra consent" (een invoervergunning).

De aantekeningen in de kantlijn, waarschijnlijk geschreven door een ambtenaar van het Marktwezen (geparafeerd "W.E."), zijn zeer onthullend over de toenmalige handelspraktijken en bureaucreatie:
1. Bureaucratische controle: Men wil weten op wiens importvergunning ("consent") deze specifieke hoeveelheid vis is afgeboekt.
2. Marktmanipulatie: Er wordt expliciet instructie gegeven om de veilingprijzen ("opbrengst v. de Afslag") niet aan de oorspronkelijke verzenders in het buitenland te communiceren. De reden hiervoor is dat Wijnschenk (of iemand namens hem) zelf een deel van de vis op de afslag heeft opgekocht. Dit werd gedaan als een vorm van prijssteun: door zelf mee te bieden, werd voorkomen dat de prijs te ver kelderde, waardoor de marktwaarde kunstmatig "opgehouden" werd. Dit document stamt uit november 1938, de late crisisjaren vlak voor de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de Nederlandse handel sterk gereguleerd door middel van contingenten en invoervergunningen (consenten) om de eigen markt te beschermen en de deviezenstroom te controleren.

De brief geeft een inkijkje in de werking van de Amsterdamse vismarkt en de nauwe betrokkenheid van de Dienst van het Marktwezen bij de controle op de import en de prijsvorming. De genoemde Dr. B. van der Laan was een bekend figuur binnen de Amsterdamse gemeentelijke administratie in die tijd. De praktijk van het "ophouden van de prijs" door handelaren die hun eigen waar (deels) terugkopen op de afslag was een bekende, zij het soms omstreden, methode om marktstabiliteit te veinzen tegenover de producenten/leveranciers.

Samenvatting

Het document is een zakelijke afrekening of rapportage over de verkoop van 121 kisten vis (schelvis, gul, schol en kabeljauw) uit Zweden en Denemarken. De totale bruto opbrengst bedroeg 337,50 gulden. De vis werd geïmporteerd via H. Wijnschenk, gebruikmakend van een "extra consent" (een invoervergunning).

De aantekeningen in de kantlijn, waarschijnlijk geschreven door een ambtenaar van het Marktwezen (geparafeerd "W.E."), zijn zeer onthullend over de toenmalige handelspraktijken en bureaucreatie:
1. Bureaucratische controle: Men wil weten op wiens importvergunning ("consent") deze specifieke hoeveelheid vis is afgeboekt.
2. Marktmanipulatie: Er wordt expliciet instructie gegeven om de veilingprijzen ("opbrengst v. de Afslag") niet aan de oorspronkelijke verzenders in het buitenland te communiceren. De reden hiervoor is dat Wijnschenk (of iemand namens hem) zelf een deel van de vis op de afslag heeft opgekocht. Dit werd gedaan als een vorm van prijssteun: door zelf mee te bieden, werd voorkomen dat de prijs te ver kelderde, waardoor de marktwaarde kunstmatig "opgehouden" werd.

Historische Context

Dit document stamt uit november 1938, de late crisisjaren vlak voor de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de Nederlandse handel sterk gereguleerd door middel van contingenten en invoervergunningen (consenten) om de eigen markt te beschermen en de deviezenstroom te controleren.

De brief geeft een inkijkje in de werking van de Amsterdamse vismarkt en de nauwe betrokkenheid van de Dienst van het Marktwezen bij de controle op de import en de prijsvorming. De genoemde Dr. B. van der Laan was een bekend figuur binnen de Amsterdamse gemeentelijke administratie in die tijd. De praktijk van het "ophouden van de prijs" door handelaren die hun eigen waar (deels) terugkopen op de afslag was een bekende, zij het soms omstreden, methode om marktstabiliteit te veinzen tegenover de producenten/leveranciers.

Locaties

Amsterdam

Gerelateerde Documenten 6