Ambtelijk advies (brief)
Origineel
Ambtelijk advies (brief) 16 januari 1939 De Directeur van het Marktwezen (vermoedelijk Amsterdam) Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier 64/2/2 M.
1
verzonden 17/1
M. Müller
M. Moense
VP/G.
16 Januari 1939.
Verzoek van A. van Smeerdyk om
ontheffing van huurcontract
Centrale Markt.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d.
12 dezer om advies ontvangen stuk No. 84 L.M. 1939 heb ik de
eer U te berichten, dat adressant pakhuisafdeeling No. E 21
op de Centrale Markt heeft gehuurd voor het jaar 1938. In
den loop van November 1938 heeft adressant opgehouden om als
verkooper op de Centrale Markt op te treden; sedertdien is
hy winkelier en hy bezoekt als zoodanig (dus als kooper) de
Centrale Markt. Hy heeft verzocht om met ingang van 1 Decem-
ber 1938 uit de verplichtingen van het bovenbedoelde huur-
contract te worden ontslagen, doch ik heb hem bericht, dat
daartoe myns inziens geen aanleiding bestaat. Hy is den op
1 December jl. vervallen huurtermyn ten bedrage van f 66,63
nog schuldig en ik heb hem in de gelegenheid gesteld om
terzake een afbetalingsregeling te treffen. Ontheffing van
het huurcontract wordt dezerzyds ontraden, omdat niet is
gebleken, dat adressant's financieele omstandigheden het
hem onmogelyk maken om zyn verplichting om ook de laatste
maand huur te betalen, na te komen.
Ik heb de eer U te adviseeren hem te doen berich-
ten, dat zyn verzoek om kwytschelding van de door hem over
de maand December 1938 verschuldigde huurpenningen ten be-
drage van f 66,63 niet voor inwilliging in aanmerking kan
komen, doch dat hy deze schuld desgewenscht in met den di-
recteur van het Marktwezen overeen te komen termynen mag af-
betalen.
De Directeur, * **Kern van het geschil:** De heer A. van Smeerdyk had in 1938 een pakhuis (E 21) gehuurd op de Centrale Markt. Omdat hij in november 1938 stopte als verkoper (groothandelaar) en verderging als winkelier (klant/koper op de markt), wilde hij onder de huur van december 1938 uitkomen.
- Besluitvorming: De Directeur van het Marktwezen adviseert de wethouder negatief op het verzoek tot kwijtschelding. De argumentatie is strikt juridisch: het contract liep door en er is geen bewijs van bittere financiële noodzaak (onvermogen) om niet te betalen.
- Coulance: Hoewel de schuld van ƒ 66,63 (een aanzienlijk bedrag voor die tijd, omgerekend naar huidige koopkracht ongeveer € 600,- à € 700,-) moet worden voldaan, wordt er wel een afbetalingsregeling aangeboden.
- Taalgebruik: Typisch formeel-ambtelijk Nederlands uit het interbellum, met gebruik van de 'y' in plaats van 'ij' (Smeerdyk, hy, zyn, termyn) en de oude spelling (verkooper, financieele). Dit document biedt een inkijkje in het beheer van de Centrale Markthallen in Amsterdam (geopend in 1934 aan de Jan van Galenstraat). In de jaren '30 was dit het kloppende hart van de voedseldistributie in de regio. Het document illustreert de bureaucratische afhandeling van marktzaken en de strikte scheiding tussen de rollen van 'verkoper' (groothandel) en 'koper' (detailhandel/winkelier) op het marktterrein. De datum, januari 1939, plaatst het stuk vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, in een periode waarin de economie nog herstellende was van de crisis van de jaren '30.