Getypte brief (doorslag/kopie).
Origineel
Getypte brief (doorslag/kopie). 18 september 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt). G.J.A. Overwater, dienstplichtig soldaat bij de M.C.I 34 R.I., gestationeerd in Vesting Holland. [Handgeschreven rechtsboven in blauwe inkt:]
Mr. Müller [onderstreept]
[Linksboven getypt:]
VP/HG.
64/47/2 H.
[Handgeschreven schuin in het midden, potlood:]
Aanget
[daaronder een paraaf]
[Rechtsboven getypt:]
18 September 1939.
[Adresblok getypt:]
Dienstplichtig soldaat
G.J.A. Overwater,
M.C.I 34 R.I.
Vesting Holland.
[Inhoud brief getypt:]
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 14 dezer bericht ik U, dat het daarin vervatte verzoek niet voor inwilliging in aanmerking kan komen. U is verplicht om het door U voor het kalenderjaar 1939 verschuldigde marktgeld te betalen. Bij de vaststelling van dit marktgeld op ƒ 90,- is rekening gehouden met de omstandigheid, dat tuinders niet het geheele jaar van hun marktplaats gebruik plegen te maken. In Uw geval heeft U althans gedurende 8 maanden de Centrale Markt kunnen bezoeken, weshalve voor kwijtschelding van een deel van het verschuldigde geen aanleiding bestaat.
[Afsluiting getypt:]
De Directeur, * Onderwerp: Afwijzing van een verzoek tot kwijtschelding van marktgeld.
* Kernboodschap: De ontvanger (Overwater) moet het volledige marktgeld van ƒ 90,- over het jaar 1939 betalen. De directeur beargumenteert dat dit bedrag al rekening houdt met seizoensgebonden afwezigheid en dat de 8 maanden aanwezigheid van Overwater voldoende rechtvaardiging zijn voor de volledige heffing.
* Tijdstip: De brief is gedateerd op 18 september 1939. Dit is slechts enkele weken na de algemene mobilisatie van het Nederlandse leger (28 augustus 1939) vanwege de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog in Polen.
* Militair adres: De afkorting "M.C.I 34 R.I." staat voor de 1e Machinegeweercompagnie van het 34e Regiment Infanterie. "Vesting Holland" was het strategische hart van de Nederlandse verdediging. Dit document biedt een interessant inkijkje in de frictie tussen de militaire mobilisatie en de dagelijkse civiele verplichtingen in 1939. Veel mannen werden plotseling uit hun normale werkleven (in dit geval de tuinbouw/markt) weggeroepen om het land te verdedigen. Dit leidde tot inkomstenverlies, waardoor verzoeken om kwijtschelding van zakelijke lasten zoals "marktgeld" veelvuldig voorkwamen.
De formele en afwijzende toon van de directeur illustreert dat de overheid of marktinstanties in de eerste maanden van de mobilisatie nog vasthielden aan strikte regels, ondanks de buitengewone omstandigheden waarin de soldaten zich bevonden. De brief laat zien hoe de bureaucratie doordraaide terwijl het land zich opmaakte voor oorlog.