Archief 745
Inventaris 745-307
Pagina 153
Dossier 2C
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijk rapport van de Dienst Marktwezen te Amsterdam.

18 april 1940.

Origineel

Ambtelijk rapport van de Dienst Marktwezen te Amsterdam. 18 april 1940. Nº 2 B/24/1 M.1940 19/4 [stempel]

R A P P O R T
[linksboven handgeschreven teken, mogelijk een 'a']

M. Aronson, oud 44 jaar en wonende Vrolokstraat 130 alhier,
verzoekt om een erkenning als kleinhandelaar in groenten en
fruit. Aronson verklaart sedert 1931 in de betrokken handel
werkzaam te zijn, zij het hoofdzakelijk in zuidvruchten.
Bij onderzoek in de administratie van Marktwezen is omtrent
Aronson het volgende gebleken. Sedert September 1934 is hij in
het bezit van een ventvergunning onder serie E-Z No 234, waarbij
hij gerechtigd is te venten met fruit. In 1937 en 1939 is hij
in het bezit geweest van een toegangskaart voor de Centr:markt
als kooper, doch heeft hiervan alleen in de zomermaanden gebruik
gemaakt. Thans heeft hij weer sedert Maart toegang als kooper.
Ik moge U er echter op wijzen, dat hij dit altijd gehad heeft
als kooper van zuidvruchten. Van 17 October 1939 tot 17 November
1939 en van 21 December 1939 tot 7 Maart 1940 is Aronson in
steun geweest. Voor zoover door mij kan worden beoordeeld heeft
hij de vragen van zijn invulformulier naar waarheid beantwoord.

18 April '40
Controleur,
[Handtekening: Feltham(?)]

Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen.

[Handgeschreven tekst onderaan:]
Vragenlijst stempelen en
doorzenden naar Den Haag.
Accoord: 20/4 '40 [onleesbare initialen]
Doorgezonden 23/4-'40 [onleesbare initialen] Dit document is een ambtelijk verslag van een controleur van de Amsterdamse Dienst Marktwezen. Het rapport dient om een aanvraag van M. Aronson voor een officiële erkenning als kleinhandelaar te beoordelen. De controleur verifieert de verklaringen van Aronson aan de hand van de officiële registers van de marktadministratie. Hieruit blijkt dat hij al jaren bekend is als venter (ambulante handelaar) en als koper op de Centrale Markt. Er wordt expliciet vermeld dat Aronson in de winter van 1939-1940 "in de steun" (werkloosheidsuitkering) heeft gezeten, wat relevant was voor de beoordeling van zijn continuïteit als handelaar. De conclusie van de controleur is positief: de aanvrager wordt geloofwaardig geacht. De handgeschreven notities tonen de interne afhandeling: na akkoord van de bedrijfschef wordt de aanvraag doorgestuurd naar de centrale instanties in Den Haag. Het rapport is opgesteld in april 1940, minder dan een maand voor de Duitse inval in Nederland. Het biedt een inkijkje in de bureaucratische regulering van de Amsterdamse straathandel aan het eind van de crisisjaren. De Vrolikstraat 130 lag in de Oosterparkbuurt, een wijk met destijds een aanzienlijke joodse bevolking. De achternaam Aronson en de specialisatie in 'zuidvruchten' (importvruchten zoals citrusvruchten) passen in het patroon van de joodse ambulante handel in die periode. Hoewel dit op het moment van schrijven een reguliere administratieve procedure was, werden dergelijke nauwkeurige registers kort daarna door de bezetter misbruikt om joodse ondernemers op te sporen en uit hun beroep te zetten.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk verslag van een controleur van de Amsterdamse Dienst Marktwezen. Het rapport dient om een aanvraag van M. Aronson voor een officiële erkenning als kleinhandelaar te beoordelen. De controleur verifieert de verklaringen van Aronson aan de hand van de officiële registers van de marktadministratie. Hieruit blijkt dat hij al jaren bekend is als venter (ambulante handelaar) en als koper op de Centrale Markt. Er wordt expliciet vermeld dat Aronson in de winter van 1939-1940 "in de steun" (werkloosheidsuitkering) heeft gezeten, wat relevant was voor de beoordeling van zijn continuïteit als handelaar. De conclusie van de controleur is positief: de aanvrager wordt geloofwaardig geacht. De handgeschreven notities tonen de interne afhandeling: na akkoord van de bedrijfschef wordt de aanvraag doorgestuurd naar de centrale instanties in Den Haag.

Historische Context

Het rapport is opgesteld in april 1940, minder dan een maand voor de Duitse inval in Nederland. Het biedt een inkijkje in de bureaucratische regulering van de Amsterdamse straathandel aan het eind van de crisisjaren. De Vrolikstraat 130 lag in de Oosterparkbuurt, een wijk met destijds een aanzienlijke joodse bevolking. De achternaam Aronson en de specialisatie in 'zuidvruchten' (importvruchten zoals citrusvruchten) passen in het patroon van de joodse ambulante handel in die periode. Hoewel dit op het moment van schrijven een reguliere administratieve procedure was, werden dergelijke nauwkeurige registers kort daarna door de bezetter misbruikt om joodse ondernemers op te sporen en uit hun beroep te zetten.

Ambtenaren

Bedrijfschef

Gerelateerde Documenten 6