Ambtelijk rapport/verslag.
Origineel
Ambtelijk rapport/verslag. 10 september 1940. [Stempel rechtsboven:] № 2/s/115/1 M. 1940 11/9
R A P P O R T
—————
P.J. Scheen, oud 27 jaar en wonende v Ostadestraat 332 alhier, verzoekt om
een erkenning als kleinhandelaar in groenten en fruit. Hij verklaart van
1932 tot 1940 kleinhandel te hebben gedreven in bloemen en groenten en
fruit. Van September 1934 tot Februari 1936 is hij inhet bezit geweest
van een ventvergunning onder serie 22 No 28, waarbij hij gerechtigd was
te venten met bloemen. Sedert 27 April 1936 heeft hij een vaste stand-
plaats in de Alb: Cuypstraat, eveneens voor de verkoop van bloemen.
Ook heeft hij reeds eenige jaren toegang tot de Centr: Markt als bloemen-
kooper. Wel is het bekend, dat hij op zijn standplaats een enkele maal
ook fruit verkoopt. In hoofdzaak is hij echter bloemenhandelaar.
Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen
[Handgeschreven aantekening links:]
G[...] (onleesbaar)
12/9/40 [Paraaf]
1 vb/115 h
Amsterdam 10 September 1940
Controleur,
[Handtekening: D. Elthout] Dit document is een rapportage van een controleur van het Amsterdamse Marktwezen betreffende de heer P.J. Scheen. Scheen probeert een officiële status te verkrijgen als handelaar in groenten en fruit. Uit het onderzoek van de controleur blijkt echter dat Scheen’s professionele verleden en huidige vergunningen (zowel voor het venten als voor de vaste standplaats op de Albert Cuypstraat) vrijwel uitsluitend betrekking hebben op de bloemenhandel.
De controleur concludeert dat Scheen weliswaar incidenteel fruit verkoopt, maar "in hoofdzaak" een bloemenhandelaar is. Deze nuancering was waarschijnlijk van groot belang voor het al dan niet toekennen van de gevraagde erkenning of specifieke inkoopvergunningen voor de Centrale Markthallen. Het document dateert van september 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werd de controle op de distributie van goederen en de registratie van handelaren aangescherpt. Het Marktwezen van de gemeente Amsterdam speelde een cruciale rol in het reguleren van de voedselvoorziening en de ambulante handel.
Handelaren moesten over de juiste papieren beschikken om toegang te krijgen tot de groothandelsmarkten (zoals de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat) en om hun nering legaal te mogen uitoefenen. De Albert Cuypmarkt, waar Scheen zijn standplaats had, was (en is) een van de belangrijkste locaties voor kleinhandel in de stad. De bureaucratische taal in dit rapport illustreert de strikte scheiding tussen verschillende types handelswaar die door de overheid werd gehandhaafd.