Archief 745
Inventaris 745-311
Pagina 13
Dossier 6
Jaar 1940
Stadsarchief

Administratief kladblad/werknotitie met berekeningen.

Origineel

Administratief kladblad/werknotitie met berekeningen. [Linksboven]
van den Directeur van het Slachtwezen
Nieuwe toestand

werk over Pensioen
loon diensten genoten

31.20 | 123 | 1746
31.20 | 118 | 1746
32.64 | 80. | 1778

[Rechtsboven]
Toepassing van artikel 8
lid 2 van het K.B. d.d.
11 Juli 1922 S. 444, zoals
dit is gewijzigd bij K.B. d.d.
5 December 1926 S. 354.

[In de cirkel (kladberekeningen)]
31.20
52


62.40
15600


1622.40 = 1623 =
* 118.
60.72 | 1746 Wierhoff
43.73


112.45
5


117.45 | 1623 -
66.50 | 123
50.50 | -----
----- | 1746 Kransen
117.00
5


122.00

32.64
52


65.28
16320


1697.28 = 1698 =
+ 40.74
1698 + 31.04 | 80. | Kemink


1178 Dit document is een administratieve werknotitie waarop pensioenbedragen worden berekend voor drie specifieke werknemers van het Slachtwezen: Wierhoff, Kransen en Kemink. De aanleiding voor deze berekening is een wijziging in de regelgeving, specifiek de aanpassing van een Koninklijk Besluit uit 1922 door een nieuw besluit op 5 december 1926 (gepubliceerd in het Staatsblad, S. 354).

De berekeningswijze volgt een vast patroon:
1. Een wekelijks bedrag (bijv. 31.20 of 32.64) wordt vermenigvuldigd met 52 weken voor een jaarbedrag.
2. Dit bedrag wordt afgerond (bijv. 1622.40 naar 1623).
3. Er wordt een specifieke toeslag bij opgeteld (123, 118 of 80), wat resulteert in het uiteindelijke pensioentotaal (1746 of 1778).

Het document toont de handmatige, soms rommelige manier waarop ambtenaren individuele dossiers moesten bijwerken na landelijke wetswijzigingen in de jaren 20. In de jaren 20 van de vorige eeuw was de pensioenwetgeving voor ambtenaren en personeel in publieke dienst (zoals het Slachtwezen) volop in beweging. Het genoemde K.B. van 1922 was een hoeksteen van de pensioenregelingen uit die tijd. De wijziging in 1926 duidt vaak op een inflatiecorrectie of een aanpassing van de indexering. Het "Slachtwezen" was een essentiële gemeentelijke dienst belast met de keuring van vee en vlees voor de volksgezondheid. Dergelijke diensten hadden hun eigen administratieve korps dat verantwoordelijk was voor de nauwkeurige uitvoering van rechtspositionele besluiten voor hun personeel.

Samenvatting

Dit document is een administratieve werknotitie waarop pensioenbedragen worden berekend voor drie specifieke werknemers van het Slachtwezen: Wierhoff, Kransen en Kemink. De aanleiding voor deze berekening is een wijziging in de regelgeving, specifiek de aanpassing van een Koninklijk Besluit uit 1922 door een nieuw besluit op 5 december 1926 (gepubliceerd in het Staatsblad, S. 354).

De berekeningswijze volgt een vast patroon:
1. Een wekelijks bedrag (bijv. 31.20 of 32.64) wordt vermenigvuldigd met 52 weken voor een jaarbedrag.
2. Dit bedrag wordt afgerond (bijv. 1622.40 naar 1623).
3. Er wordt een specifieke toeslag bij opgeteld (123, 118 of 80), wat resulteert in het uiteindelijke pensioentotaal (1746 of 1778).

Het document toont de handmatige, soms rommelige manier waarop ambtenaren individuele dossiers moesten bijwerken na landelijke wetswijzigingen in de jaren 20.

Historische Context

In de jaren 20 van de vorige eeuw was de pensioenwetgeving voor ambtenaren en personeel in publieke dienst (zoals het Slachtwezen) volop in beweging. Het genoemde K.B. van 1922 was een hoeksteen van de pensioenregelingen uit die tijd. De wijziging in 1926 duidt vaak op een inflatiecorrectie of een aanpassing van de indexering. Het "Slachtwezen" was een essentiële gemeentelijke dienst belast met de keuring van vee en vlees voor de volksgezondheid. Dergelijke diensten hadden hun eigen administratieve korps dat verantwoordelijk was voor de nauwkeurige uitvoering van rechtspositionele besluiten voor hun personeel.

Gerelateerde Documenten 6