Archief 745
Inventaris 745-311
Pagina 266
Dossier 37
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven conceptnotitie of ontwerp-brief met correcties en doorhalingen.

8 augustus 1940 (8-8-'40).

Origineel

Handgeschreven conceptnotitie of ontwerp-brief met correcties en doorhalingen. 8 augustus 1940 (8-8-'40). [Links bovenin staat een kantlijnnotitie gemarkeerd met 'L']
L, wanneer een gebouw of terrein tegen een lagere prijs dan de normale wordt afgestaan,

[Hoofdtekst]
2) mate van het eerste af, omdat [doorstreept: het als algemeene regel voorschrijft], dat de normale huur [doorstreept: van gebouw of terrein] als opbrengst moet worden geboekt, ongeacht het doel, waarvoor het object ter beschikking wordt gesteld. De vraag of de objecten anders niet verhuurd zouden zijn, wordt in het Besluit van 12 April jl. niet in aanmerking genomen.

[Ingevoegde tekst boven de regel:] Het feit, dat bij de bepaling van den huurprijs rekening moet worden gehouden met den aard van het gebruik, is in strijd met het [doorstreept: laatstgenoemde] Besluit, dat, [doorstreept: ongeacht] het doel waarvoor het object wordt gebruikt boeking van den normalen [ingevoegd: huur]prijs voorschrijft. De normale huurprijs voor de reserveterreinen der CM is die, welke [doorstreept: daarvoor] als industrie-terrein kan worden bedongen en niet de prijs van [doorstreept: sportvelden of oefenterreinen] [ingevoegd: (het doel waarvoor zij thans toevallig dienen)].

[Links in de kantlijn genoteerd bij 'T']
T, zoals mijn luitenant in zijn bovenaangehaald rapport d.d. 8 juli jl. meedeelt,

[Vervolg hoofdtekst]
[Doorstreept: Ik stel het op prijs stellen, indien aan deze aangelegenheid aandacht...]
Hetgeen, dat hiermede de dezerzijds [doorstreept: voorgestelde prijzen] vermeld in de bijlage van mijn bovenaangehaald rapport d.d. 10 juni jl. [doorstreept: moeten worden] zijn gerechtvaardigd.

Ad
8-8-'40
ayp Het document is een ambtelijk concept waarin een discussie wordt gevoerd over de boekhoudkundige waardering van rijksvastgoed (terreinen van de 'CM'). De kern van het betoog is dat de "normale huurprijs" als opbrengst moet worden genoteerd, gebaseerd op de marktwaarde (in dit geval de waarde als industrieterrein), ongeacht of het terrein feitelijk voor een minder lucratief doel zoals sportvelden of oefenterreinen wordt gebruikt.

De schrijver beroept zich op een "Besluit van 12 April jl." om aan te tonen dat de werkelijke aanwending van het terrein niet relevant is voor de boekhoudkundige verantwoording. Er wordt verwezen naar eerdere rapportages van 10 juni en 8 juli, wat duidt op een langer lopende administratieve correspondentie over de waardebepaling van deze terreinen. De tekst staat vol met correcties, wat typisch is voor een eerste kladversie van een brief of memorandum. De datum, 8 augustus 1940, plaatst dit document in de vroege maanden van de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de bezetting bleven de Nederlandse overheidsadministraties grotendeels functioneren volgens de bestaande regels. De term 'CM' verwijst in deze periode vaak naar het Centraal Magazijn van de landmacht of de Constructiewerkplaatsen.

De verwijzing naar het "Besluit van 12 april jl." is interessant, aangezien dit besluit net voor de Duitse inval (10 mei 1940) werd genomen. Het document illustreert de bureaucratische continuïteit: ambtenaren hielden zich in de zomer van 1940 nog intensief bezig met de correcte boekhoudkundige verwerking van huurprijzen volgens vooroorlogse regelingen, terwijl het land onder militair bestuur stond. De luitenant waarnaar verwezen wordt, duidt op een militaire context van het betreffende departement.

Samenvatting

Het document is een ambtelijk concept waarin een discussie wordt gevoerd over de boekhoudkundige waardering van rijksvastgoed (terreinen van de 'CM'). De kern van het betoog is dat de "normale huurprijs" als opbrengst moet worden genoteerd, gebaseerd op de marktwaarde (in dit geval de waarde als industrieterrein), ongeacht of het terrein feitelijk voor een minder lucratief doel zoals sportvelden of oefenterreinen wordt gebruikt.

De schrijver beroept zich op een "Besluit van 12 April jl." om aan te tonen dat de werkelijke aanwending van het terrein niet relevant is voor de boekhoudkundige verantwoording. Er wordt verwezen naar eerdere rapportages van 10 juni en 8 juli, wat duidt op een langer lopende administratieve correspondentie over de waardebepaling van deze terreinen. De tekst staat vol met correcties, wat typisch is voor een eerste kladversie van een brief of memorandum.

Historische Context

De datum, 8 augustus 1940, plaatst dit document in de vroege maanden van de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de bezetting bleven de Nederlandse overheidsadministraties grotendeels functioneren volgens de bestaande regels. De term 'CM' verwijst in deze periode vaak naar het Centraal Magazijn van de landmacht of de Constructiewerkplaatsen.

De verwijzing naar het "Besluit van 12 april jl." is interessant, aangezien dit besluit net voor de Duitse inval (10 mei 1940) werd genomen. Het document illustreert de bureaucratische continuïteit: ambtenaren hielden zich in de zomer van 1940 nog intensief bezig met de correcte boekhoudkundige verwerking van huurprijzen volgens vooroorlogse regelingen, terwijl het land onder militair bestuur stond. De luitenant waarnaar verwezen wordt, duidt op een militaire context van het betreffende departement.

Gerelateerde Documenten 6