Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag/kopie).
Origineel
Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag/kopie). 6 maart 1940. De Directeur (van een niet nader genoemde gemeentelijke dienst, vermoedelijk Gemeentereiniging). Den Heer Directeur van den Markt- en Havendienst te Den Haag. VP/DV. [handgeschreven:] later
20/3/4 M.
6 Maart 1940.
den Heer Directeur van den
Markt- en Havendienst,
te
D E N H A A G.
Naar ik vernam zouden door Uw dienst jaarlijks de kosten worden vergoed, die de Gemeentereiniging moet maken voor het reinigen der straten, waar markten worden gehouden. Ik verzoek U beleefd mij te willen berichten of het vorenstaande juist is en, zoo ja, hoeveel en volgens welke maatstaven terzake door U wordt betaald. Hier ter stede werden de reinigingskosten der straten, waar dag- en weekmarkten worden gehouden, tot nu toe niet door het Marktwezen gedragen, op grond van de overweging, dat een dienst niet over eigen middelen beschikt; in tegenstelling tot een bedrijf, zooals de Centrale Markt, dat wel een kapitaalsdienst heeft en dus wel de kosten der reiniging betaalt.
De Directeur, * Onderwerp: Een ambtelijke navraag naar de financiële verrekening tussen gemeentelijke diensten voor het schoonmaken van marktterreinen.
* Inhoud: De afzender heeft vernomen dat in Den Haag de Markt- en Havendienst de kosten van de straatreiniging vergoedt. Hij verzoekt om opheldering over de gebruikte maatstaven.
* Kernpunt: Er wordt een onderscheid gemaakt tussen een "dienst" (die geen eigen middelen heeft) en een "bedrijf" (zoals de Centrale Markt, die een eigen "kapitaalsdienst" voert). In de stad van de afzender is het tot op dat moment gebruikelijk dat de reinigingskosten niet op de marktorganisatie worden verhaald.
* Stijl: Formeel-ambtelijk, kenmerkend voor de vroege 20e eeuw, met gebruik van de beleefdheidsvorm ("U", "Uw", "beleefd mij te willen berichten"). Dit document stamt uit maart 1940, slechts twee maanden voor de Duitse inval in Nederland. Het biedt een inkijkje in de gemeentelijke bureaucratie en de financiering van publieke diensten in die tijd. Ambtenaren uit verschillende steden wisselden informatie uit over elkaars beleid (best practices) om hun eigen administratieve of financiële processen te professionaliseren of te rechtvaardigen. Het document illustreert de verschuiving in het denken over gemeentelijke diensten: van puur centrale financiering naar een model waarbij diensten die kosten veroorzaken (zoals markten) daarvoor moeten betalen aan de uitvoerende dienst (de reiniging).