Dienstverslag / Rapport van de Dienst Marktwezen.
Origineel
Dienstverslag / Rapport van de Dienst Marktwezen. 6 maart 1940. Nº 25/39 / M. 1940 6/3
Onderwerp:
Instaan op markt-
plaats zonder toestem-
ming.
Den Heer Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier.
Rapport.
Niettegenstaande herhaalde waarschuwingen v.z. [onzerzijds] blijven de navolgende kooplieden doorgaan met het zich doen assisteeren zonder toestemming Directie Marktwezen:
[Kantlijn: 25/39/2 1e W.] Plh. 255 M Wessels - hulp van jongen, oud ± 12 jaar.
[Rode aantekening: Krijgt rapport 3.2 =]
[Kantlijn: 25/39/4 3e W. 25/170/2 msg 25/2 en 25/192/15 msg 20/10] Plh. 221 J.M. Hangjas - hulp van twee zoontjes, oud ± 12 en 14 jaar.
[Rode aantekening: Krijgt rapport 16/3]
bovendien vervangen zij Hangjas.
[Kantlijn: 25/39/3 1e W.] Plh. 290 Y. Walg - assistent J. van Ouden is herhaaldelijk alleen werkzaam achter een stal (schoenreparatie’s), zoodat hij als vervanger optreedt, terwijl bovendien een ± 12 jarig zoontje behulpzaam is.
Alb Cuypstraat 262 II
Verzoeke maatregelen enz.
[Ambtelijke afhandeling onderaan:]
9/3 ’40 [Paraaf]
Wessels en Walg: waarschuwing s.v.p.
[Gestempeld/Omlijnd:] Accoord mp. 7/3
Ambt. 2 Afd. i/o [Handtekening]
Hangjas is reeds voorwaardelijk geschorst met 1 dag schorsing.
Ik stel U thans voor Hangjas het recht te ontzeggen om gedurende twee dagen een plaats op een der markten in te nemen en wel op 12 en 13 Maart a.s.
[Handtekening/Paraaf rechtsonder] Dit document is een intern rapport van de Amsterdamse Dienst van het Marktwezen uit maart 1940. De inspecteur rapporteert drie specifieke gevallen waarbij marktkooplieden de regels overtreden:
1. M. Wessels: Gebruikt een 12-jarige jongen als hulp zonder toestemming.
2. J.M. Hangjas: Laat zich vervangen door zijn twee minderjarige zoons (12 en 14 jaar), wat duidt op zowel illegale vervanging als kinderarbeid.
3. Y. Walg: Zijn assistent (J. van Ouden) voert feitelijk de regie over de kraam (schoenreparatie) zonder de vergunninghouder, terwijl ook hier een 12-jarige zoon helpt.
De toon van het rapport is streng ("Niettegenstaande herhaalde waarschuwingen"). Uit de krabbels in de kantlijn blijkt een nauwkeurige administratieve bijhouding van eerdere overtredingen. De sancties verschillen: Wessels en Walg komen weg met een officiële waarschuwing, maar voor Hangjas wordt een zwaardere straf voorgesteld (twee dagen uitsluiting van de markt) omdat hij al een voorwaardelijke straf had openstaan. Het document dateert van vlak voor de Duitse inval in Nederland (mei 1940). Het geeft een inkijkje in de strikte regulering van de Amsterdamse straathandel in die tijd. De "Plaats Houder" (Plh.) nummers verwijzen naar de vaste standplaatsen op markten zoals de Albert Cuypmarkt.
Interessant is de focus op kinderarbeid. Hoewel de Leerplichtwet van 1901 kinderarbeid officieel aan banden legde, was het in familiebedrijven en op de markt nog steeds gebruikelijk dat kinderen van rond de 12 jaar meehielpen, wat hier door de autoriteiten werd gecontroleerd en gesanctioneerd.
De namen in het document, met name "Hangjas" en "Walg", in combinatie met de locatie nabij de Albert Cuypstraat, passen in het beeld van de sociaaleconomische structuur van de Amsterdamse markthandel van die tijd, waar veel Joodse ondernemers actief waren. Kort na dit document, tijdens de bezetting, zouden de regels voor deze groep drastisch en op tragische wijze veranderen.