Archief 745
Inventaris 745-315
Pagina 31
Dossier 21
Jaar 1940
Stadsarchief

Doorslag van een ambtelijke brief (getypt).

18 januari 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentelijke instantie, zoals de Gemeentelijke Arbeidsbeurs of een aanverwante dienst). Aan: Den Heer Directeur voor Maatschappelijken Steun, Reguliersdwarsstraat 67-71, Amsterdam-C.

Origineel

Doorslag van een ambtelijke brief (getypt). 18 januari 1940. De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentelijke instantie, zoals de Gemeentelijke Arbeidsbeurs of een aanverwante dienst). Den Heer Directeur voor Maatschappelijken Steun, Reguliersdwarsstraat 67-71, Amsterdam-C. [Handgeschreven rechtsboven:] Bew. m. de kaart.

[Linksboven:]
25/8/2 M.
1

[Midden boven:]
VP/DV. extra

[Rechtsboven:]
18 Januari 1940.

[Adresserig:]
den Heer Directeur voor
Maatschappelijken Steun,
Reguliersdwarsstraat 67-71,
Amsterdam-C.
Wijk 5.

[Inhoud:]
In bijlage dezes heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen van een op 11 Januari jl. door E.E. Schrandt, Cornelis Anthoniszstraat 19 I, aan mij gerichten brief. Ik verzoek U beleefd mij, zoo mogelijk spoedig, te doen berichten, of Schrandt moet worden beschouwd als een persoon, die - op grond van het feit, dat hij onderhoudsplichtige bloedverwanten heeft - geen ondersteuning van Uw Bureau ontvangt, doch wiens financieele omstandigheden overigens volkomen gelijk zijn te stellen met die van hen, die wel volledige ondersteuning ontvangen.

De Directeur, * Administratieve procedure: De brief is een formeel verzoek om informatie tussen twee gemeentelijke instanties. Het doel is om de sociaaleconomische status van een individu (E.E. Schrandt) vast te stellen ten behoeve van verdere dossierafhandeling.
* Onderhoudsplicht: Kern van de vraag is de "onderhoudsplicht" van bloedverwanten. In de toenmalige wetgeving (en praktijk van de armenzorg) werd eerst gekeken of familieleden in staat waren voor iemand te zorgen alvorens de overheid steun verleende.
* Gelijkstellingsvraag: De afzender wil weten of Schrandt, ondanks dat hij geen steun ontvangt vanwege die onderhoudsplichtige familie, qua behoeftigheid in feite op hetzelfde niveau staat als mensen die wel recht hebben op volledige ondersteuning. Dit suggereert dat er mogelijk een regeling of tegemoetkoming is waar Schrandt alleen voor in aanmerking komt als zijn armoede officieel "erkend" wordt, ook al krijgt hij geen directe uitkering.
* Toon: De brief hanteert de destijds gebruikelijke formele en hoffelijke ambtelijke taal ("heb ik de eer U", "verzoek U beleefd"). * Tijdsgewricht: Januari 1940. Nederland verkeert in de mobilisatieperiode, vlak voor de Duitse inval in mei 1940. De economische omstandigheden waren zwaar en de werkloosheid was aanzienlijk.
* Maatschappelijke Steun: De Dienst voor Maatschappelijken Steun was de Amsterdamse instantie die de armenzorg en steunverlening aan werklozen coördineerde. Het adres Reguliersdwarsstraat 67-71 was het hoofdkantoor van deze dienst.
* Locatie: De genoemde Cornelis Anthoniszstraat bevindt zich in de Amsterdamse wijk "Oud-Zuid". De aanduiding "Wijk 5" bij het adres van de ontvanger wijst op de administratieve indeling van de stad door de sociale diensten.
* Bureaucratie van de Armoede: Dit document illustreert de fijnmazige en soms rigide controle op behoeftigheid in de vroege 20e eeuw, waarbij de verantwoordelijkheid voor het individu primair bij de familie werd gelegd.

Samenvatting

  • Administratieve procedure: De brief is een formeel verzoek om informatie tussen twee gemeentelijke instanties. Het doel is om de sociaaleconomische status van een individu (E.E. Schrandt) vast te stellen ten behoeve van verdere dossierafhandeling.
  • Onderhoudsplicht: Kern van de vraag is de "onderhoudsplicht" van bloedverwanten. In de toenmalige wetgeving (en praktijk van de armenzorg) werd eerst gekeken of familieleden in staat waren voor iemand te zorgen alvorens de overheid steun verleende.
  • Gelijkstellingsvraag: De afzender wil weten of Schrandt, ondanks dat hij geen steun ontvangt vanwege die onderhoudsplichtige familie, qua behoeftigheid in feite op hetzelfde niveau staat als mensen die wel recht hebben op volledige ondersteuning. Dit suggereert dat er mogelijk een regeling of tegemoetkoming is waar Schrandt alleen voor in aanmerking komt als zijn armoede officieel "erkend" wordt, ook al krijgt hij geen directe uitkering.
  • Toon: De brief hanteert de destijds gebruikelijke formele en hoffelijke ambtelijke taal ("heb ik de eer U", "verzoek U beleefd").

Historische Context

  • Tijdsgewricht: Januari 1940. Nederland verkeert in de mobilisatieperiode, vlak voor de Duitse inval in mei 1940. De economische omstandigheden waren zwaar en de werkloosheid was aanzienlijk.
  • Maatschappelijke Steun: De Dienst voor Maatschappelijken Steun was de Amsterdamse instantie die de armenzorg en steunverlening aan werklozen coördineerde. Het adres Reguliersdwarsstraat 67-71 was het hoofdkantoor van deze dienst.
  • Locatie: De genoemde Cornelis Anthoniszstraat bevindt zich in de Amsterdamse wijk "Oud-Zuid". De aanduiding "Wijk 5" bij het adres van de ontvanger wijst op de administratieve indeling van de stad door de sociale diensten.
  • Bureaucratie van de Armoede: Dit document illustreert de fijnmazige en soms rigide controle op behoeftigheid in de vroege 20e eeuw, waarbij de verantwoordelijkheid voor het individu primair bij de familie werd gelegd.

Locaties

De genoemde Cornelis Anthoniszstraat bevindt zich in de Amsterdamse wijk "Oud-Zuid". De aanduiding "Wijk 5" bij het adres van de ontvanger wijst op de administratieve indeling van de stad door de sociale diensten.

Gerelateerde Documenten 4