Archief 745
Inventaris 745-315
Pagina 392
Dossier 24
Jaar 1940
Stadsarchief

Officiële correspondentie / Beschikking.

Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam).

Origineel

Officiële correspondentie / Beschikking. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). [Bovenaan rechts, handgeschreven:]
Isc. M. de Boer [?]

[Midden links, getypt:]
VP/DV.

[Links onder kenmerk, getypt:]
25/71/2 M.

[Handgeschreven aantekening door kenmerk heen:]
Verzonden 17/5-140

[Rechts, getypt:]
16 Mei 1940.

[Adresblok, getypt:]
den Heer L. van Kolm,
Lepelstraat 85 III,
Amsterdam-C.
Wijk 10.

[Inhoud brief, getypt:]
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 18 April jl. ver-
leen ik U hierbij gedurende ten hoogste vier weken na dato dezes
uitstel van Uw verplichting om regelmatig Uw plaats op de markt
Albert Cuypstraat te bezetten, mits U zorg draagt, dat het ook
tijdens Uw afwezigheid verschuldigde marktgeld wekelijks wordt
betaald.

[Onderaan rechts, getypt:]
De Directeur, * Onderwerp: De brief betreft een tijdelijke ontheffing van de bezettingsplicht voor een standplaats op de markt.
* Kernbepaling: De heer Van Kolm krijgt toestemming om zijn plaats op de Albert Cuypmarkt voor maximaal vier weken onbezet te laten. Dit is een reactie op een verzoek van bijna een maand eerder (18 april).
* Voorwaarde: De financiële verplichting blijft onverkort van kracht; het marktgeld moet wekelijks worden voldaan, ook bij afwezigheid.
* Administratieve context: De brief vertoont de kenmerken van een gestandaardiseerd proces. De handgeschreven aantekening "Verzonden 17/5-'40" bevestigt de daadwerkelijke verzending door de administratie.
* Taalgebruik: Het document is opgesteld in een zakelijke, formele ambtelijke stijl, kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw (gebruik van "den Heer", "jl.", "dato dezes"). * Tijdsgewricht: De datum (16 mei 1940) is uiterst precair. Het is slechts twee dagen na het bombardement op Rotterdam en de Nederlandse capitulatie. Terwijl het land in schok verkeert door de Duitse inval, blijkt uit dit document dat de gemeentelijke bureaucratie in Amsterdam in eerste instantie 'gewoon' doordraait en dagelijkse zaken zoals marktvergunningen afhandelt.
* Geadresseerde: De heer Levi van Kolm (geboren 1900) was inderdaad een Joodse marktkoopman die woonde op het adres Lepelstraat 85-3. De Lepelstraat lag in het hart van de Joodse buurt van Amsterdam.
* Historisch perspectief: De Albert Cuypmarkt was een belangrijke plek voor Joodse handelaren. Dit document dateert van vlak vóór de invoering van de anti-Joodse maatregelen door de bezetter. In 1941 zouden Joodse kooplieden worden verbannen van de reguliere markten naar speciale "Jodenmarkten".
* Lotgevallen: Uit archieven (zoals het Joods Monument) blijkt dat Levi van Kolm en zijn gezin de Holocaust niet hebben overleefd; zij zijn in 1943 in Sobibor vermoord. Dit schijnbaar banale administratieve document is daarmee een tastbaar overblijfsel van een leven dat kort daarna door de oorlog en vervolging volledig zou worden ontworteld.

Samenvatting

  • Onderwerp: De brief betreft een tijdelijke ontheffing van de bezettingsplicht voor een standplaats op de markt.
  • Kernbepaling: De heer Van Kolm krijgt toestemming om zijn plaats op de Albert Cuypmarkt voor maximaal vier weken onbezet te laten. Dit is een reactie op een verzoek van bijna een maand eerder (18 april).
  • Voorwaarde: De financiële verplichting blijft onverkort van kracht; het marktgeld moet wekelijks worden voldaan, ook bij afwezigheid.
  • Administratieve context: De brief vertoont de kenmerken van een gestandaardiseerd proces. De handgeschreven aantekening "Verzonden 17/5-'40" bevestigt de daadwerkelijke verzending door de administratie.
  • Taalgebruik: Het document is opgesteld in een zakelijke, formele ambtelijke stijl, kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw (gebruik van "den Heer", "jl.", "dato dezes").

Historische Context

  • Tijdsgewricht: De datum (16 mei 1940) is uiterst precair. Het is slechts twee dagen na het bombardement op Rotterdam en de Nederlandse capitulatie. Terwijl het land in schok verkeert door de Duitse inval, blijkt uit dit document dat de gemeentelijke bureaucratie in Amsterdam in eerste instantie 'gewoon' doordraait en dagelijkse zaken zoals marktvergunningen afhandelt.
  • Geadresseerde: De heer Levi van Kolm (geboren 1900) was inderdaad een Joodse marktkoopman die woonde op het adres Lepelstraat 85-3. De Lepelstraat lag in het hart van de Joodse buurt van Amsterdam.
  • Historisch perspectief: De Albert Cuypmarkt was een belangrijke plek voor Joodse handelaren. Dit document dateert van vlak vóór de invoering van de anti-Joodse maatregelen door de bezetter. In 1941 zouden Joodse kooplieden worden verbannen van de reguliere markten naar speciale "Jodenmarkten".
  • Lotgevallen: Uit archieven (zoals het Joods Monument) blijkt dat Levi van Kolm en zijn gezin de Holocaust niet hebben overleefd; zij zijn in 1943 in Sobibor vermoord. Dit schijnbaar banale administratieve document is daarmee een tastbaar overblijfsel van een leven dat kort daarna door de oorlog en vervolging volledig zou worden ontworteld.

Gerelateerde Documenten 4