Brief (verzoekschrift)
Origineel
Brief (verzoekschrift) 26 april 1940 L. Slier, Tugelaweg 88 II, Amsterdam (O.) De Directeur van het Marktwezen, Amsterdam Nº 25/77/1 M. 1940 27/4
Amsterdam 26 April 1940
Den Heer Directeur van het Marktwezen.
mi [onleesbaar]
Mijnheer,
Door deze verzoek ik U mij voor onbepaalde
tijd toestemming te verlenen voor hulp
op mijn standplaats in de Albert Cuypstraat.
Ik verzoek U om deze hulp, daar ik een
compagnon heb gekregen.
Hopend een gunstig antwoord van U te
mogen ontvangen, verblijf ik.
Hoogachtend
L. Slier
Tugelaweg 88 II
Amsterdam (O.)
[Rechtsonder in de hoek staat het getal 25 genoteerd.] In deze brief verzoekt de heer L. Slier om officiële toestemming van de gemeente Amsterdam (het Marktwezen) om zich op zijn marktplaats te laten bijstaan door een helper. Hij geeft aan dat hij een compagnon heeft aangetrokken, wat de reden is voor de aanvraag voor onbepaalde tijd.
De brief is representatief voor de strikte regulering van de Amsterdamse markten in die tijd; voor elke wijziging in de bezetting van een standplaats was toestemming van de directeur nodig. De onderstrepingen bij "Albert Cuypstraat" en "compagnon" zijn waarschijnlijk later aangebracht door een ambtenaar om de kern van het verzoek snel te kunnen herleiden. De aantekening "27/4" in de kop wijst op de datum van ontvangst of administratieve verwerking. De historische context van dit document is aangrijpend: de brief is geschreven op 26 april 1940, exact twee weken voor de Duitse inval in Nederland op 10 mei 1940. Op het moment van schrijven was er weliswaar een grote oorlogsdreiging, maar het civiele en commerciële leven in Amsterdam verliep nog volgens de normale bureaucratische regels.
De afzender, L. Slier, woonde aan de Tugelaweg in de Transvaalbuurt. Dit was een buurt met een zeer grote Joodse populatie. Gezien de naam en de locatie is het zeer waarschijnlijk dat het hier gaat om een Joodse marktkoopman. Na de bezetting zouden deze ondernemers al snel te maken krijgen met anti-Joodse maatregelen, die uiteindelijk leidden tot hun uitsluiting van de markten en deportatie. Dit document vormt daarmee een verstild bewijs van een normaal werkend leven aan de vooravond van een catastrofe. L. Slier Gemeente Amsterdam Marktwezen