Archief 745
Inventaris 745-318
Pagina 78
Dossier 24
Jaar 1940
Stadsarchief

Doorslag (carbonkopie) van een officiële ambtelijke brief.

18 november 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam).

Origineel

Doorslag (carbonkopie) van een officiële ambtelijke brief. 18 november 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam). [Handgeschreven, rechtsboven:] M. de Boer [?]

[Handgeschreven, middenboven:] Verzonden 18/11

[Getypt, rechtsboven:] VP/HG.

den Heer N.Gobits,
Plantage Parklaan 23 I,
Amsterdam-Centrum.

Wijk 10.

25/226/2 M.
18 November 1940.

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 6 dezer bericht ik U, dat het daarin vervatte verzoek niet voor inwilliging in aanmerking kan komen. Indien U voortaan niet regelmatig van de U verleende voorkeurskaart voor een plaats op de markt Albert Cuypstraat gebruik maakt, zal deze kaart worden ingetrokken, overeenkomstig de desbetreffende bepalingen van het Reglement op de Markten.

De Directeur, De kern van deze brief is een formele afwijzing van een verzoek dat door de heer N. Gobits op 6 november 1940 was ingediend. Hoewel de inhoud van dat verzoek niet expliciet wordt genoemd, is de reactie van de directeur streng. Niet alleen wordt het verzoek afgewezen, er wordt ook een expliciete waarschuwing toegevoegd: indien de heer Gobits zijn "voorkeurskaart" (een vergunning voor een vaste standplaats) voor de Albert Cuypmarkt niet regelmatig gebruikt, zal deze worden ingetrokken.

De toon is ambtelijk en dwingend, wat wordt benadrukt door de onderstreping van het woord "niet". De brief verwijst naar de strikte handhaving van het "Reglement op de Markten". Deze brief dateert van november 1940, zes maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context is van groot historisch belang:
1. De geadresseerde: Nathan Gobits was een Joodse marktkoopman. De Plantage Parklaan lag in de Amsterdamse Jodenbuurt.
2. De markt: De Albert Cuypmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van Amsterdam, waar destijds veel Joodse handelaren werkten.
3. De tijdgeest: In de herfst van 1940 begonnen de bezettingsautoriteiten met de systematische uitsluiting van Joden uit het economische leven. Hoewel deze brief een reguliere ambtelijke waarschuwing lijkt over het marktrecht, vond dit plaats in een periode waarin de bewegingsvrijheid en de bestaanszekerheid van Joodse Amsterdammers steeds verder werden ingeperkt. Het "niet regelmatig gebruik maken" van een standplaats kon in deze periode vaak het gevolg zijn van de toenemende restricties of armoede onder Joodse marktkooplui.
4. Archiefbron: Dergelijke documenten bevinden zich vaak in de archieven van de Dienst der Markten van de Gemeente Amsterdam, die tijdens de oorlog nauwgezet toezag op de aanwezigheid en vergunningen van (met name Joodse) handelaren. M. de Boer N. Gobits Gemeente Amsterdam

Samenvatting

De kern van deze brief is een formele afwijzing van een verzoek dat door de heer N. Gobits op 6 november 1940 was ingediend. Hoewel de inhoud van dat verzoek niet expliciet wordt genoemd, is de reactie van de directeur streng. Niet alleen wordt het verzoek afgewezen, er wordt ook een expliciete waarschuwing toegevoegd: indien de heer Gobits zijn "voorkeurskaart" (een vergunning voor een vaste standplaats) voor de Albert Cuypmarkt niet regelmatig gebruikt, zal deze worden ingetrokken.

De toon is ambtelijk en dwingend, wat wordt benadrukt door de onderstreping van het woord "niet". De brief verwijst naar de strikte handhaving van het "Reglement op de Markten".

Historische Context

Deze brief dateert van november 1940, zes maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context is van groot historisch belang:
1. De geadresseerde: Nathan Gobits was een Joodse marktkoopman. De Plantage Parklaan lag in de Amsterdamse Jodenbuurt.
2. De markt: De Albert Cuypmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van Amsterdam, waar destijds veel Joodse handelaren werkten.
3. De tijdgeest: In de herfst van 1940 begonnen de bezettingsautoriteiten met de systematische uitsluiting van Joden uit het economische leven. Hoewel deze brief een reguliere ambtelijke waarschuwing lijkt over het marktrecht, vond dit plaats in een periode waarin de bewegingsvrijheid en de bestaanszekerheid van Joodse Amsterdammers steeds verder werden ingeperkt. Het "niet regelmatig gebruik maken" van een standplaats kon in deze periode vaak het gevolg zijn van de toenemende restricties of armoede onder Joodse marktkooplui.
4. Archiefbron: Dergelijke documenten bevinden zich vaak in de archieven van de Dienst der Markten van de Gemeente Amsterdam, die tijdens de oorlog nauwgezet toezag op de aanwezigheid en vergunningen van (met name Joodse) handelaren.

Genoemde Personen 2

Locaties

Albert Cuypmarkt

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam

Gerelateerde Documenten 3