Archiefdocument
Origineel
17 september 1940. M A R K T W E Z E N A M S T E R D A M .
K.M.No.87 Amsterdam, 17 September 1940.
Kennisgeving aan de
ambtenaren en werklieden.
Hiermede breng ik te Uwer kennis, dat door Burgemeester en Wethouders machtiging is verleend U een renteloos voorschot op Uw salaris of loon te verstrekken, voor den aankoop van de hoeveelheid brandstoffen, welke U volgens de thans geldende regeling <u>vóór 1 October</u> van Uwen leverancier kunt betrekken.
Dit voorschot zal binnen een tijdvak van zes maanden door wekelijksche of maandelijksche inhouding op Uw loon of salaris moeten worden terugbetaald.
De Directeur,
[handtekening] Dit document is een officiële interne mededeling van de Amsterdamse gemeentedienst 'Marktwezen'. Het is kort na het begin van de Duitse bezetting van Nederland opgesteld. De tekst is zakelijk en formeel ("Hiermede breng ik te Uwer kennis").
De kern van de boodschap is een sociale maatregel: werknemers kunnen een renteloze lening krijgen om kolen of andere brandstoffen in te kopen voor de komende winter. De nadruk op de datum "vóór 1 October" wijst op een strakke deadline in de distributieregeling. De terugbetalingsregeling is eveneens duidelijk vastgelegd (zes maanden via looninhouding), wat duidt op een strakke administratieve afhandeling. De handtekening van de directeur onderstreept de rechtsgeldigheid van het besluit. In september 1940 bevond Nederland zich in de eerste maanden van de Duitse bezetting. Hoewel het dagelijks leven in het begin nog enigszins normaal leek, werden de gevolgen van de oorlog snel merkbaar, met name door de invoering van distributie en schaarste van goederen.
Brandstof (voornamelijk kolen voor de kachel) was een essentieel product voor de winter. De overheid probeerde via rantsoenering de voorraden te beheren. Voor veel arbeiders en ambtenaren was de aanschaf van een volledige wintervoorraad in één keer een grote financiële uitgave. Het aanbod van een renteloos voorschot door het gemeentebestuur (Burgemeester en Wethouders) was een vorm van secundaire arbeidsvoorwaarde om te voorkomen dat personeel in de kou kwam te zitten of in de schulden raakte bij externe geldschieters. Het feit dat dit via het Marktwezen liep, toont aan dat dergelijke regelingen op het niveau van individuele gemeentediensten werden gecommuniceerd.