Archief 745
Inventaris 745-337
Pagina 51
Dossier 92
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte notulen/verslag van een vergadering (waarschijnlijk een gemeentelijke commissie).

Origineel

Getypte notulen/verslag van een vergadering (waarschijnlijk een gemeentelijke commissie). -8-

De heer Gaaikema wyst in verband met den leeftyd der assistenten op de arbeidswetgeving: men mag als men veertien jaar is werken, ook in fabrieken en werkplaatsen. In vele gevallen is dit zwaardere arbeid dan het bystaan van een venter.

De heer Van 't Hek is voor het verleenen van bystand aan de venters Lymer en Koning. Het verleenen van een ventvergunning na vyf jaar acht spreker van secundair belang; het kan later nog wel eens bekeken worden.

De heeren Neeter en Presser zyn tegen het verleenen van bystand aan de onderhavige twee personen, omdat de assistenten den leeftyd van achttien jaar nog niet hebben bereikt.

De heeren Gaaikema en Van 't Hek hebben geen bezwaar tegen verleening van de bedoelde assistentie.

Wat het na verloop van vyf jaren verleenen van nieuwe ventvergunningen betreft aan de assistenten kan de Commissie zich nog geen eindoordeel vormen. Besloten wordt om deze aangelegenheid zoo noodig in een volgende vergadering opnieuw aan de orde te stellen; vooraf zal echter den Wethouder worden bericht, dat tegen het aanvaarden van zyn voorstel, naar het oordeel der Commissie een formeel bezwaar bestaat, nog daargelaten of het om practische redenen wel wenschelyk is. Immers er zyn thans twaalf vergunningen voor bystand, doch indien bekend wordt, dat men door middel van den bystand in het bezit van een ventvergunning kan komen, is het te verwachten, dat veel meer aanvragen zullen worden ingediend: een dokters-attest is vry gemakkelyk te krygen. Een en ander neemt niet weg, dat de Commissie in principe erkent, dat iemand, die jarenlang een venter assisteerde, moreel wel eenig recht op een ventvergunning krygt. Ook tegen verleening van een standplaatsvergunning aan een venter, die niet kan roepen, heeft de Commissie in principe geen bezwaar.

Vervolgens stelt de Voorzitter punt 4 der agenda aan de orde: * Spelling en Grammatica: Het document hanteert de spelling-De Vries en Te Winkel (vóór de spellinghervorming van 1947), herkenbaar aan het gebruik van de 'y' in plaats van 'ij' (leeftyd, bystand, vry), de 'oo' in open lettergrepen (zoo) en de buigings-n (den, zyn).
* Inhoudelijke discussie: Er is een meningsverschil binnen de commissie over de minimumleeftijd voor assistenten van straatverkopers. De heer Gaaikema verwijst naar de Arbeidswet (die destijds werken vanaf 14 jaar toestond), terwijl anderen de grens op 18 jaar willen leggen.
* Beleidsvrees: De commissie vreest een aanzuigende werking ("precedentwerking"). Als het assisteren van een venter automatisch leidt tot een eigen vergunning na vijf jaar, vreest men een vloedgolf aan aanvragen, mede omdat een benodigd medisch attest ("dokters-attest") eenvoudig te verkrijgen zou zijn.
* Sociale aspecten: Er wordt gesproken over het "morele recht" op een vergunning na jarenlange trouwe dienst. Tevens is er aandacht voor venters die "niet kunnen roepen" (mogelijk door ziekte of beperking), wat suggereert dat het vocaal aanprijzen van waren een essentieel onderdeel van het beroep was. Dit document biedt een inkijkje in de lokale regelgeving rondom ambulante handel in de vroege 20e eeuw. Straathandel was een belangrijke vorm van inkomstenderving voor de lagere sociale klassen, maar werd door gemeenten strikt gereguleerd via een vergunningenstelsel om de openbare orde te handhaven en de concurrentie te beperken. De discussie over de leeftijd van assistenten raakt aan de bredere maatschappelijke ontwikkeling van kinderarbeid naar strengere arbeidswetgeving. De genoemde namen (Gaaikema, Van 't Hek, Neeter, Presser) kunnen, indien gekoppeld aan een specifieke stad, helpen bij het exact dateren en plaatsen van dit verslag.

Samenvatting

  • Spelling en Grammatica: Het document hanteert de spelling-De Vries en Te Winkel (vóór de spellinghervorming van 1947), herkenbaar aan het gebruik van de 'y' in plaats van 'ij' (leeftyd, bystand, vry), de 'oo' in open lettergrepen (zoo) en de buigings-n (den, zyn).
  • Inhoudelijke discussie: Er is een meningsverschil binnen de commissie over de minimumleeftijd voor assistenten van straatverkopers. De heer Gaaikema verwijst naar de Arbeidswet (die destijds werken vanaf 14 jaar toestond), terwijl anderen de grens op 18 jaar willen leggen.
  • Beleidsvrees: De commissie vreest een aanzuigende werking ("precedentwerking"). Als het assisteren van een venter automatisch leidt tot een eigen vergunning na vijf jaar, vreest men een vloedgolf aan aanvragen, mede omdat een benodigd medisch attest ("dokters-attest") eenvoudig te verkrijgen zou zijn.
  • Sociale aspecten: Er wordt gesproken over het "morele recht" op een vergunning na jarenlange trouwe dienst. Tevens is er aandacht voor venters die "niet kunnen roepen" (mogelijk door ziekte of beperking), wat suggereert dat het vocaal aanprijzen van waren een essentieel onderdeel van het beroep was.

Historische Context

Dit document biedt een inkijkje in de lokale regelgeving rondom ambulante handel in de vroege 20e eeuw. Straathandel was een belangrijke vorm van inkomstenderving voor de lagere sociale klassen, maar werd door gemeenten strikt gereguleerd via een vergunningenstelsel om de openbare orde te handhaven en de concurrentie te beperken. De discussie over de leeftijd van assistenten raakt aan de bredere maatschappelijke ontwikkeling van kinderarbeid naar strengere arbeidswetgeving. De genoemde namen (Gaaikema, Van 't Hek, Neeter, Presser) kunnen, indien gekoppeld aan een specifieke stad, helpen bij het exact dateren en plaatsen van dit verslag.

Gerelateerde Documenten 4