Ambtelijke notitie/correspondentie van de Gemeente Amsterdam (Marktwezen).
Origineel
Ambtelijke notitie/correspondentie van de Gemeente Amsterdam (Marktwezen). Augustus – september 1940. [Stempel linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 85/47/1 1940
DOORGEZONDEN: 21/8-1940.
[Rechtsboven handgeschreven]
636
[Hoofdtekst handgeschreven]
M. Grootkerk
pl. 11 a Mosplein (per 27/7 '40)
(verzoek kan niet worden toegestaan)
Ambtenaar Mosplein
advies svp
[Midden rechts, aantekeningen proces]
RA 23/8 '40
Oproepen 4-9-'40
[Onleesbare paraaf/naam]
p. 6/9 - 9 uur
[Midden links]
Aan den Heer
Inspecteur.
M.i. niet toestaan, is niet mogelijk
sinds laatste overeenkomst met hallenzetters.
[Onderaan, slotnotitie]
afgedaan
aan M. Grootkerk medegedeeld
dat hem niet kon worden toegestaan
om op de markt Mosplein een eigen
stal (bakfiets) te plaatsen.
Amsterdam
Aug.: 1940 [Paraaf B]
gb 9-9-'40
11-9-'40 m.p. [Paraaf]
[Voetnoot formulier]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 * Verzoeker: Het betreft Meyer Grootkerk (1901-1943), een Joodse marktkoopman in Amsterdam. Hij had een vaste staanplaats (nr. 11a) op de markt op het Mosplein.
* Inhoud: Grootkerk verzoekt de marktmeester/inspecteur om met zijn eigen bakfiets als verkoopkraam op de markt te mogen staan, in plaats van gebruik te maken van de standaard marktkramen.
* Besluitvorming: Het verzoek wordt ambtelijk beoordeeld. De inspecteur adviseert negatief ("M.i. niet toestaan"). De reden die wordt opgegeven is van contractuele aard: er is een overeenkomst met de "hallenzetters" (de bedrijven die de officiële marktkramen opbouwen en verhuren). Het toestaan van eigen kramen of bakfietsen zou in strijd zijn met deze afspraken.
* Tijdlijn: Het proces loopt van de doorzending op 21 augustus 1940 tot de uiteindelijke afhandeling ("afgedaan") op 11 september 1940. Grootkerk is op 6 september opgeroepen om de afwijzing mondeling toegelicht te krijgen. * Historische context: Dit document dateert van de eerste maanden van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de afwijzing hier formeel-administratief wordt onderbouwd (het contract met de hallenzetters), is het relevant te weten dat Joodse marktkooplieden in deze periode steeds vaker tegen bureaucratische muren opliepen. Meyer Grootkerk werd later in de oorlog gedeporteerd en is in 1943 in Sobibor vermoord.
* Marktwezen: De "hallenzetters" waren essentieel in het Amsterdams marktwezen; zij hadden het monopolie op het plaatsen van kramen. Kooplieden probeerden vaak onder deze kosten uit te komen door eigen middelen (zoals een bakfiets) te gebruiken, wat door de gemeente strikt werd gereguleerd om de inkomsten van de hallenzetters en de uniformiteit van de markt te waarborgen.