Archief 745
Inventaris 745-348
Pagina 1
Dossier 90
Jaar 1941
Stadsarchief

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

27 augustus 1941. Van: J. Porcelijn, de la Reystraat 3 II, Amsterdam O.

Origineel

Handgeschreven brief (verzoekschrift). 27 augustus 1941. J. Porcelijn, de la Reystraat 3 II, Amsterdam O. № 10/19 / M. 1941 20/8

Amsterdam, 27 Augustus 1941

Den Weledelgeboren Heer Den Heer,
Inspecteur Centrale Markthallen,
Amsterdam. W.

Weledelgeboren Heer,

In verband met een aanvrage, door mij ingediend, ter verkrijging van de door mij in 1936 tijdelijk ingeleverde ventvergunning, zou ik gaarne een onderhoud met U hebben.

Gaarne zou ik Uw uitnodiging hiertoe ontvangen waarom ik U bij voorbaat vriendelijk dankzeg.

Hoogachtend,
[Handtekening: J. Porcelijn]

J. Porcelijn
de la Reystraat 3 II
Amsterdam O.

[Marginale notitie in ander handschrift:]
m. oproepen
[Paraaf] In deze brief verzoekt de heer J. Porcelijn om een persoonlijk gesprek met de inspecteur van de Centrale Markthallen in Amsterdam. Het doel van dit onderhoud is het terugkrijgen van zijn ventvergunning (een vergunning om goederen op straat te verkopen), die hij in 1936 tijdelijk had ingeleverd.

De brief is formeel en beleefd van toon, gebruikmakend van de toen gebruikelijke titulatuur ("Weledelgeboren Heer"). De handgeschreven notitie "m. oproepen" (mogelijk "moet oproepen" of "mag oproepen") geeft aan dat de administratie van de Markthallen van plan was op het verzoek in te gaan en de afzender uit te nodigen voor een gesprek. Het document dateert van augustus 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De historische context is hier van cruciaal belang: de afzender, Jacob Porcelijn, woonde in de De la Reystraat in de Transvaalbuurt, een wijk met destijds een zeer grote Joodse populatie.

In deze periode van de oorlog werden anti-Joodse maatregelen steeds strenger. Joodse ondernemers en handelaren werden systematisch uit het economische leven verdrongen. Het terugvragen van een ventvergunning was voor de heer Porcelijn waarschijnlijk een noodzakelijke poging om in zijn levensonderhoud te blijven voorzien in een tijd waarin de bewegingsvrijheid en werkmogelijkheden voor Joden drastisch werden ingeperkt.

Uit historisch onderzoek (o.a. Joods Monument) blijkt dat Jacob Porcelijn (geboren in 1904) en zijn gezin de oorlog niet hebben overleefd; zij zijn in 1943 gedeporteerd en vermoord in Sobibor. Dit geeft dit schijnbaar eenvoudige administratieve schrijven een tragische lading: het vertegenwoordigt een laatste poging om een legaal bestaan op te bouwen onder een regime dat dit onmogelijk maakte. Centrale Markthallen (Inspecteur) J. Porcelijn W.

Samenvatting

In deze brief verzoekt de heer J. Porcelijn om een persoonlijk gesprek met de inspecteur van de Centrale Markthallen in Amsterdam. Het doel van dit onderhoud is het terugkrijgen van zijn ventvergunning (een vergunning om goederen op straat te verkopen), die hij in 1936 tijdelijk had ingeleverd.

De brief is formeel en beleefd van toon, gebruikmakend van de toen gebruikelijke titulatuur ("Weledelgeboren Heer"). De handgeschreven notitie "m. oproepen" (mogelijk "moet oproepen" of "mag oproepen") geeft aan dat de administratie van de Markthallen van plan was op het verzoek in te gaan en de afzender uit te nodigen voor een gesprek.

Historische Context

Het document dateert van augustus 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De historische context is hier van cruciaal belang: de afzender, Jacob Porcelijn, woonde in de De la Reystraat in de Transvaalbuurt, een wijk met destijds een zeer grote Joodse populatie.

In deze periode van de oorlog werden anti-Joodse maatregelen steeds strenger. Joodse ondernemers en handelaren werden systematisch uit het economische leven verdrongen. Het terugvragen van een ventvergunning was voor de heer Porcelijn waarschijnlijk een noodzakelijke poging om in zijn levensonderhoud te blijven voorzien in een tijd waarin de bewegingsvrijheid en werkmogelijkheden voor Joden drastisch werden ingeperkt.

Uit historisch onderzoek (o.a. Joods Monument) blijkt dat Jacob Porcelijn (geboren in 1904) en zijn gezin de oorlog niet hebben overleefd; zij zijn in 1943 gedeporteerd en vermoord in Sobibor. Dit geeft dit schijnbaar eenvoudige administratieve schrijven een tragische lading: het vertegenwoordigt een laatste poging om een legaal bestaan op te bouwen onder een regime dat dit onmogelijk maakte.

Genoemde Personen 3

Centrale Markthallen (Inspecteur) J. Porcelijn W.

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Groenten): Sla Kruidenier (Droog): Meel Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Lever Vleeswaren: Vlees

Thema's

Duitsland/Oosten Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6