Archief 745
Inventaris 745-349
Pagina 82
Dossier 7
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte brief op doorslagpapier (kopie voor archief).

30 januari 1941. Van: De Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. Aan: Districtsvertegenwoordiger voor Bedrijfsorganisatie en Economische aangelegenheden van de NSB (Nationaal-Socialistische Beweging).

Origineel

Getypte brief op doorslagpapier (kopie voor archief). 30 januari 1941. De Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. Districtsvertegenwoordiger voor Bedrijfsorganisatie en Economische aangelegenheden van de NSB (Nationaal-Socialistische Beweging). [Handgeschreven rechtsboven:] M. de Leuer

D/HG.
24/2/3 M.

[Handgeschreven in het midden:] Verzonden 30/1

30 Januari 1941.

den Heer Districtsvertegenwoordiger voor Bedrijfsorganisatie en Economische aangelegenheden van de Nationaal-Socialistische Beweging in Nederland,
Waldeck Pyrmontlaan 7,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 13.

Naar aanleiding van Uw brief van 10 Januari jl. bericht ik U het volgende.

A. de plaatsen op de markten te Amsterdam zijn ingevolge artikel 6 van het Reglement op de Markten: vaste plaatsen of losse plaatsen.
De toewijzing van deze plaatsen geschiedt overeenkomstig het bepaalde in artikel 7 van voornoemd Reglement. Daaruit volgt, dat vaste plaatshouders vóór voorkeurskaarthouders en deze vóór ingeschrevenen op de sollicitantenlijst enz. voor een losse plaats in aanmerking komen. Ten slotte wordt zoo noodig onder de niet ingeschreven kooplieden geloot. Alleen voor standwerkers geldt deze regeling niet daar het voor de orde op de markten noodzakelijk is hen op een bepaald gedeelte te plaatsen. Overigens is de onderhavige regeling voor allen gelijk.

B. Krachtens artikel 27, 3e lid van het Reglement op de Markten, vastgesteld door den Gemeenteraad, is het, zonder schriftelijke toestemming van den Directeur van het Marktwezen, verboden, op de markten andere kramen op te zetten of te hebben, dan die, welke gehuurd zijn van personen, aan wie door Burgemeester en Wethouders vergunning is verleend om kramen, bestemd om op de markt te worden gebruikt, aldaar op een anderen dan voor de markt bestemden tijd op te zetten of te hebben. De bedoelde personen (de kramenverhuurders) betalen ter zake een belasting, het kramengeld, aan de Gemeente.
Kooplieden, die hun eigen materiaal willen gebruiken, kunnen op schriftelijke aanvraag, van mij vergunning krijgen, dit materiaal te blijven gebruiken.

C. Over bedoeld lid van het personeel is nog nimmer een zoodanige klacht ingekomen. Het personeel heeft echter opdracht steeds met de noodige tact op te treden.

De Directeur, Deze brief is een formeel antwoord van de Directeur van het Amsterdamse Marktwezen op een schrijven van de NSB. De NSB-vertegenwoordiger had blijkbaar vragen of klachten geuit over de toewijzing van marktplaatsen, de verhuur van kramen en het gedrag van het personeel.

De directeur reageert strikt juridisch en bureaucratisch door te verwijzen naar de bestaande reglementen (artikelen 6, 7 en 27 van het Reglement op de Markten). Hiermee onderstreept hij dat de procedures objectief zijn en dat er geen uitzonderingen worden gemaakt, tenzij via de officiële weg (zoals de schriftelijke aanvraag voor eigen materiaal). In punt C wijst hij de klacht over een personeelslid subtiel af door te stellen dat er nooit eerder klachten waren en dat het personeel geacht wordt "met tact" op te treden. De brief dateert van januari 1941, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode begon de NSB haar invloed op het lokale bestuur uit te breiden en probeerde zij grip te krijgen op economische processen, waaronder de markthandel.

Het is interessant om te zien hoe een gemeentelijke dienst in deze vroege fase van de oorlog communiceert met een nationaalsocialistische instantie. De toon is beleefd maar strikt vasthoudend aan de vigerende gemeentelijke verordeningen. De vermelding van "Wijk 13" bij het adres in Amsterdam-Zuid duidt op de toenmalige wijkindeling van de stad. Korte tijd na deze brief, in februari 1941, zouden de spanningen in Amsterdam escaleren met de Februaristaking, mede veroorzaakt door de acties van de NSB (de WA) in de Jodenbuurt en op de markten. B. Krachtens C. Over M. de Leuer Marktwezen NSB WA

Samenvatting

Deze brief is een formeel antwoord van de Directeur van het Amsterdamse Marktwezen op een schrijven van de NSB. De NSB-vertegenwoordiger had blijkbaar vragen of klachten geuit over de toewijzing van marktplaatsen, de verhuur van kramen en het gedrag van het personeel.

De directeur reageert strikt juridisch en bureaucratisch door te verwijzen naar de bestaande reglementen (artikelen 6, 7 en 27 van het Reglement op de Markten). Hiermee onderstreept hij dat de procedures objectief zijn en dat er geen uitzonderingen worden gemaakt, tenzij via de officiële weg (zoals de schriftelijke aanvraag voor eigen materiaal). In punt C wijst hij de klacht over een personeelslid subtiel af door te stellen dat er nooit eerder klachten waren en dat het personeel geacht wordt "met tact" op te treden.

Historische Context

De brief dateert van januari 1941, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode begon de NSB haar invloed op het lokale bestuur uit te breiden en probeerde zij grip te krijgen op economische processen, waaronder de markthandel.

Het is interessant om te zien hoe een gemeentelijke dienst in deze vroege fase van de oorlog communiceert met een nationaalsocialistische instantie. De toon is beleefd maar strikt vasthoudend aan de vigerende gemeentelijke verordeningen. De vermelding van "Wijk 13" bij het adres in Amsterdam-Zuid duidt op de toenmalige wijkindeling van de stad. Korte tijd na deze brief, in februari 1941, zouden de spanningen in Amsterdam escaleren met de Februaristaking, mede veroorzaakt door de acties van de NSB (de WA) in de Jodenbuurt en op de markten.

Genoemde Personen 3

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Pan Kruidenier (Droog): Meel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen NSB WA