Archief 745
Inventaris 745-355
Pagina 207
Dossier 100
Jaar 1941
Stadsarchief

Brief (fragment, bladzijde 2).

17 oktober 1941 (afgeleid uit tekst: "17 October 1941"). Van: Directeur van het Marktwezen en de Gemeentelijken Adviseur voor Voedings- en Distributie-aangelegenheden.

Origineel

Brief (fragment, bladzijde 2). 17 oktober 1941 (afgeleid uit tekst: "17 October 1941"). Directeur van het Marktwezen en de Gemeentelijken Adviseur voor Voedings- en Distributie-aangelegenheden. Bladzijde 2 van brief No. 37/118/1 N. d.d. 17 October 1941 aan den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen van den Directeur van het Marktwezen en den Gemeentelijken Adviseur voor Voedings- en Distributie-aangelegenheden.

De laatste ondergeteekende neemt met betrekking tot dit verzoek hetzelfde standpunt in als hij heeft ingenomen ten aanzien van het verzoek van Esveld en zou U willen adviseeren de fa. Bakker & Brouwer voorloopig als grossier tot de Centrale Markt toe te laten, in afwachting van de nadere beslissingen, welke bovengenoemde organisatie te haren opzichte zal nemen.

A. Kramer, Rozenstraat 215 I, alhier.

Kramer is in het bezit van een erkenning als groothandelaar-kleinhandelaar van de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale. Kramer heeft tot 1940 als grossier een pakhuis in huur gehad op de Centrale Markt. Hij heeft zich als zoodanig echter niet kunnen handhaven en treedt dan ook sedert 1940 op als kleinhandelaar (venter en marktkoopman).
Kramer heeft eenige punten op de veilingen te Beverwijk, Delft, Kapelle-Biezelinge en Oud-Beyerland, welke punten thans nog worden gerealiseerd.
Kramer heeft medegedeeld, dat hij de goederen, welke hij op de veilingen kocht, overgedragen heeft aan den grossier Van Sasne, welke op de Centrale Markt is gevestigd. Deze is met ingang van 19 October door den prijsrechter gestraft met sluiting van zijn zaak.
Ten aanzien van Kramer moet worden medegedeeld, dat hem door den eersten ondergeteekende den toegang tot de Centrale Markt gedurende 14 dagen is ontzegd wegens het betrokken zijn bij het verhandelen van bonnen voor grove-wintergroenten.
Kramer wordt algemeen ongunstig beoordeeld, maar behalve het bovenstaande zijn tot nog toe geen positieve feiten ter kennis gekomen, die een uitsluiting tot de Centrale Markt zouden wettigen. Het is waarschijnlijk, dat Kramer bij de uitreiking der nieuwe vergunningen door den Vakgroep Groothandel, als groothandelaar zal worden erkend. Ondergeteekenden meenen U te mogen adviseeren Kramer voorloopig als grossier tot de Centrale Markt toe te laten, in afwachting van de nadere beslissingen, welke bovengenoemde organisatie te zijnen opzichte zal nemen.
Overigens zijn beide ondergeteekenden van oordeel, dat aan Kramer als voorwaarde tot eventueele toelating op de Centrale Markt als grossier, zal moeten worden gesteld, dat hij niet meer als kleinhandelaar zal optreden.

H. Bernhard, Sloterkade 130 hs, alhier.

Bernhard is in het bezit van een erkenning als groothandelaar. Bernhard heeft tot 1 September 1941 een pakhuis in huur gehad op de Centrale Markt, doch heeft zich, mede als gevolg van het vorderen van zijn auto door de Duitsche macht, niet kunnen handhaven. Hij heeft daarna in Frankrijk gewerkt en sedert eenigen tijd is hij weer in Amsterdam terug en verzoekt thans opnieuw als grossier tot de Centrale Markt te worden toegelaten.
Bernhard heeft enkele toewijzingen op veilingen op eigen naam, doch krijgt voornamelijk via commissionnairs geleverd.
Bernhard staat niet gunstig aangeschreven en zou bovendien veel zwarten handel drijven in fruit. Dit wordt betuigd door een telefonische mededeeling van Inspecteur Ponne van de Economische Politie te dezer stede, die B Dit document is een ambtelijk advies aan de wethouder over het al dan niet verlenen van toegang tot de Centrale Markt in Amsterdam aan specifieke handelaren tijdens de bezettingsjaren. Het belicht de complexe bureaucratie van de distributie en de strenge controle op handelaren.

Kernpunten uit het document:
* A. Kramer: Hoewel hij een geschiedenis heeft van wisselend succes (van grossier naar venter) en recentelijk gestraft is met een marktverbod van 14 dagen vanwege fraude met groentenbonnen, wordt toch geadviseerd hem "voorloopig" toe te laten als grossier. De voorwaarde is dat hij stopt met kleinhandel.
* H. Bernhard: Zijn situatie illustreert de directe impact van de bezetting; hij verloor zijn bedrijfsvoering mede doordat de Duitsers zijn auto vorderden, waarna hij in Frankrijk ging werken (mogelijk gedwongen of uit noodzaak). Bij zijn terugkeer in Amsterdam wordt hij echter beschuldigd van "zwarten handel" door de Economische Politie, wat zijn hernieuwde toelating bemoeilijkt.
* Regulering: De tekst verwijst naar diverse instanties zoals de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale, de Vakgroep Groothandel en de Economische Politie, wat de verregaande regulering van de voedselketen aantoont. De brief is gedateerd in oktober 1941, een periode waarin de Duitse bezetter de Nederlandse economie steeds strakker reguleerde. De Centrale Markt in Amsterdam was het zenuwcentrum voor de voedselvoorziening van de stad. Vanwege de toenemende schaarste werden distributiebonnen ingevoerd voor bijna alle levensmiddelen.

Misbruik van deze bonnen of handel buiten de officiële kanalen om ("zwarte handel") werd streng vervolgd door de Economische Politie en speciale prijsrechters. De "Vakgroep Groothandel" was onderdeel van de door de Duitsers ingestelde organisatie van het bedrijfsleven (de zogenaamde "Opbouworgaan"-structuur), bedoeld om de controle op de productie en distributie te centraliseren en te vergemakkelijken voor de behoeften van de bezetter. Het vorderen van voertuigen, zoals in het geval van Bernhard, was een veelvoorkomende praktijk die veel ondernemers tot wanhoop of illegale praktijken dreef.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk advies aan de wethouder over het al dan niet verlenen van toegang tot de Centrale Markt in Amsterdam aan specifieke handelaren tijdens de bezettingsjaren. Het belicht de complexe bureaucratie van de distributie en de strenge controle op handelaren.

Kernpunten uit het document:
* A. Kramer: Hoewel hij een geschiedenis heeft van wisselend succes (van grossier naar venter) en recentelijk gestraft is met een marktverbod van 14 dagen vanwege fraude met groentenbonnen, wordt toch geadviseerd hem "voorloopig" toe te laten als grossier. De voorwaarde is dat hij stopt met kleinhandel.
* H. Bernhard: Zijn situatie illustreert de directe impact van de bezetting; hij verloor zijn bedrijfsvoering mede doordat de Duitsers zijn auto vorderden, waarna hij in Frankrijk ging werken (mogelijk gedwongen of uit noodzaak). Bij zijn terugkeer in Amsterdam wordt hij echter beschuldigd van "zwarten handel" door de Economische Politie, wat zijn hernieuwde toelating bemoeilijkt.
* Regulering: De tekst verwijst naar diverse instanties zoals de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale, de Vakgroep Groothandel en de Economische Politie, wat de verregaande regulering van de voedselketen aantoont.

Historische Context

De brief is gedateerd in oktober 1941, een periode waarin de Duitse bezetter de Nederlandse economie steeds strakker reguleerde. De Centrale Markt in Amsterdam was het zenuwcentrum voor de voedselvoorziening van de stad. Vanwege de toenemende schaarste werden distributiebonnen ingevoerd voor bijna alle levensmiddelen.

Misbruik van deze bonnen of handel buiten de officiële kanalen om ("zwarte handel") werd streng vervolgd door de Economische Politie en speciale prijsrechters. De "Vakgroep Groothandel" was onderdeel van de door de Duitsers ingestelde organisatie van het bedrijfsleven (de zogenaamde "Opbouworgaan"-structuur), bedoeld om de controle op de productie en distributie te centraliseren en te vergemakkelijken voor de behoeften van de bezetter. Het vorderen van voertuigen, zoals in het geval van Bernhard, was een veelvoorkomende praktijk die veel ondernemers tot wanhoop of illegale praktijken dreef.

Gerelateerde Documenten 6