Dienstbrief / Rapportage.
Origineel
Dienstbrief / Rapportage. 13 augustus 1941. Straf J. N. Dekker A’dam, 13/8 1941
Centr. Markt.
77/35/5 W. h. M.
Onder terugzending van de met uw kantschrift dd. 9 dezer om advies ontvangen stukken No 53/13 L.M. 1941 heb ik de eer U te berichten, dat bij het onderhavige onderzoek is komen vast te staan, dat de in het rapport van den controleur L.C.W. genoemde Bakker zich niet heeft schuldig gemaakt aan medeplichtigheid.
B. Bakker, die oud 15 jaar, is sedert einde Mei 1941 in lossen dienst van de N.V. Noord-Hollandsche Veiling van Land- en Tuinbouwproducten „Amsterdam”. Bakker verklaarde, dat hij Dekker heeft gewaarschuwd, niet door te gaan met zijn handelwijze, doch dat deze zich hiervan niets aantrok. Bakker wist toen niet, wat hij verder moest doen.
Ik kan U mededeelen, dat Bakker zeer ernstig door de directie van voornoemde veiling is onderhouden. Mede gelet op den jeugdigen leeftijd meen ik, dat in het onderhavige geval met deze ernstige waarschuwing kan worden volstaan.
D.A. * Handschrift: Het document is geschreven in een vlot, goed leesbaar cursief handschrift, kenmerkend voor de administratieve stijl van het midden van de 20e eeuw.
* Inhoud: Het betreft een advies naar aanleiding van een incident op de Centrale Markt in Amsterdam. Een 15-jarige jongen (B. Bakker) werd verdacht van medeplichtigheid aan een strafbaar feit of overtreding gepleegd door J.N. Dekker. De opsteller van de brief concludeert dat de jongen onschuldig is; hij heeft getracht de dader te stoppen, maar wist zich geen raad toen daar niet naar geluisterd werd.
* Taalgebruik: Formeel en ambtelijk ("heb ik de eer U te berichten", "onderhavige onderzoek", "onderhouden" in de betekenis van berispt).
* Status: Het lijkt te gaan om een finale beoordeling van een tuchtrechtelijke of lichte strafrechtelijke zaak waarbij wordt geadviseerd de zaak tegen de minderjarige af te doen met een waarschuwing. Dit document stamt uit augustus 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Markt in Amsterdam was in die tijd een cruciaal en streng gecontroleerd punt voor de voedselvoorziening. Vanwege de schaarste en de invoering van distributiebonnen was er veel controle op de handel.
De "N.V. Noord-Hollandsche Veiling van Land- en Tuinbouwproducten" was een belangrijke speler in de distributieketen. De zaak "Straf J.N. Dekker" wijst waarschijnlijk op een overtreding van de distributiewetten of illegale handel. Dat de autoriteiten de tijd namen om de rol van een 15-jarige hulpkracht nauwkeurig te onderzoeken en vast te leggen, illustreert de bureaucratische nauwgezetheid van het toenmalige bestuursapparaat, zelfs in oorlogstijd. De afdoening met een waarschuwing vanwege zijn "jeugdige leeftijd" toont aan dat er binnen de administratieve rechtspraak nog ruimte was voor enige clementie ten aanzien van minderjarigen.