Archief 745
Inventaris 745-365
Pagina 30
Jaar 1941
Stadsarchief

Ambtsbrief (waarschijnlijk een doorslag of kopie).

Van: De Directeur van een niet nader genoemde gemeentelijke dienst (waarschijnlijk de Marktwezen-dienst van Amsterdam). Aan: Den Heer S. Abram, Joden Houttuinen 42a, Amsterdam-Centrum.

Origineel

Ambtsbrief (waarschijnlijk een doorslag of kopie). De Directeur van een niet nader genoemde gemeentelijke dienst (waarschijnlijk de Marktwezen-dienst van Amsterdam). Den Heer S. Abram, Joden Houttuinen 42a, Amsterdam-Centrum. [Handgeschreven:] extra
HG.
den Heer S.Abram,
Joden Houttuinen 42a,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 2.

85/1/19 M. 24 Mei 1941.

        Hiermede breng ik onder Uw aandacht, dat U op 17 Mei jl.

ter zake van het plaatsen van kramen e.d. op de markten een bedrag
van ƒ 2,70 aan mijn dienst verschuldigd is.
Ik geef U thans alsnog de gelegenheid dit bedrag binnen
vier dagen na dato dezes te betalen bij den kassier van mijn dienst,
bij gebreke waarvan ik het Gemeentebestuur zal voorstellen de U ver-
leende vergunning in te trekken.

                                               De Directeur, *   **Onderwerp:** Een sommatie tot betaling van marktgeld (staangeld).
  • Kernboodschap: De heer S. Abram heeft een achterstand van 2,70 gulden voor het plaatsen van kramen op 17 mei 1941. Hij krijgt vier dagen de tijd om te betalen, anders zal zijn marktvergunning worden ingetrokken.
  • Toon: De brief is kort, zakelijk en dwingend van aard. Het dreigen met het intrekken van de vergunning voor een relatief klein bedrag (ƒ 2,70) wijst op een strikte handhaving van de regels.
  • Administratieve details: De vermelding "Wijk 2" duidt op de indeling van Amsterdam voor administratieve of politionele doeleinden. * Historische periode: De brief is gedateerd mei 1941, een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland.
  • Locatie: De Joden Houttuinen was een straat in de oude Joodse buurt van Amsterdam. Ten tijde van schrijven was de uitsluiting van Joodse burgers uit het openbare leven en de economie al in volle gang. In februari 1941 was de Joodse wijk door de bezetter tot 'Judenviertel' verklaard.
  • Economische uitsluiting: Voor Joodse marktkooplieden was het verkrijgen en behouden van een vergunning cruciaal voor hun overleving, maar de regelgeving werd steeds stringenter. Vanaf begin 1941 werden Joodse handelaren steeds vaker geweerd van algemene markten en beperkt tot specifieke markten voor Joden (zoals op het Waterlooplein).
  • S. Abram: Uit archieven (zoals de Joodse Raad-kaarten of het Digitaal Monument Joodse Gemeenschap) blijkt vaak dat bewoners van de Joden Houttuinen in grote getale zijn gedeporteerd. Deze brief vormt een tastbaar bewijs van de bureaucratische druk waaronder zij leefden vlak voor de grootschalige deportaties begonnen. Een ogenschijnlijk kleine schuld van 2,70 gulden kon grote gevolgen hebben voor iemands recht om in zijn levensonderhoud te voorzien.

Samenvatting

  • Onderwerp: Een sommatie tot betaling van marktgeld (staangeld).
  • Kernboodschap: De heer S. Abram heeft een achterstand van 2,70 gulden voor het plaatsen van kramen op 17 mei 1941. Hij krijgt vier dagen de tijd om te betalen, anders zal zijn marktvergunning worden ingetrokken.
  • Toon: De brief is kort, zakelijk en dwingend van aard. Het dreigen met het intrekken van de vergunning voor een relatief klein bedrag (ƒ 2,70) wijst op een strikte handhaving van de regels.
  • Administratieve details: De vermelding "Wijk 2" duidt op de indeling van Amsterdam voor administratieve of politionele doeleinden.

Historische Context

  • Historische periode: De brief is gedateerd mei 1941, een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland.
  • Locatie: De Joden Houttuinen was een straat in de oude Joodse buurt van Amsterdam. Ten tijde van schrijven was de uitsluiting van Joodse burgers uit het openbare leven en de economie al in volle gang. In februari 1941 was de Joodse wijk door de bezetter tot 'Judenviertel' verklaard.
  • Economische uitsluiting: Voor Joodse marktkooplieden was het verkrijgen en behouden van een vergunning cruciaal voor hun overleving, maar de regelgeving werd steeds stringenter. Vanaf begin 1941 werden Joodse handelaren steeds vaker geweerd van algemene markten en beperkt tot specifieke markten voor Joden (zoals op het Waterlooplein).
  • S. Abram: Uit archieven (zoals de Joodse Raad-kaarten of het Digitaal Monument Joodse Gemeenschap) blijkt vaak dat bewoners van de Joden Houttuinen in grote getale zijn gedeporteerd. Deze brief vormt een tastbaar bewijs van de bureaucratische druk waaronder zij leefden vlak voor de grootschalige deportaties begonnen. Een ogenschijnlijk kleine schuld van 2,70 gulden kon grote gevolgen hebben voor iemands recht om in zijn levensonderhoud te voorzien.

Locaties

De Joden Houttuinen was een straat in de oude Joodse buurt van Amsterdam. Ten tijde van schrijven was de uitsluiting van Joodse burgers uit het openbare leven en de economie al in volle gang. In februari 1941 was de Joodse wijk door de bezetter tot 'Judenviertel' verklaard.

Gerelateerde Documenten 6