Handgeschreven ambtelijk memo of geleidebiljet.
Origineel
Handgeschreven ambtelijk memo of geleidebiljet. 21 oktober 1942. Onbekend (geparafeerd, mogelijk 'vD'). Geadresseerd aan "Dir. Centr." (waarschijnlijk Directeur Centraal). n. d. a Dir. Centr.
_______
In bijlage dezer doe ik u
toekomen een afschrift van een
aan mij gezonden brief, met
beleefd verzoek, mij inlichtingen
~~van het daarin omgaande~~
~~te verschaffen~~
om inlichtingen van het
daarin ontleende.
[Paraaf: vD]
[Links onderaan in kleur:] 37/1/6/2 21/10/’42 [Paraaf: HG] Het document is een kort geleidebiljet dat dient om een kopie van een binnengekomen brief door te sturen naar een centrale directie. De schrijver verzoekt om nadere inlichtingen over de inhoud van die bijgevoegde brief ("het daarin ontleende").
Opvallend zijn de tekstuele wijzigingen. De schrijver heeft geworsteld met de formulering: de oorspronkelijke zin (waarschijnlijk iets in de trant van "inlichtingen betreffende het daarin omgaande te verschaffen") is doorgehaald en vervangen door een soberder "om inlichtingen van het daarin ontleende". Dit duidt op een zorgvuldige, ambtelijke afweging van woorden. De afkorting "n. d. a Dir. Centr." bovenaan is een routeringsinstructie, vermoedelijk staande voor "naar de Afdeling Directeur Centraal" of een soortgelijke hiërarchische aanduiding. Gezien de datum, 21 oktober 1942, bevindt dit document zich midden in de periode van de Duitse bezetting van Nederland. De zakelijke, ambtelijke toon en de verwijzing naar een "Directeur Centraal" suggereren correspondentie binnen een overheidsapparaat of een grote semi-overheidsinstelling (zoals de Voedselvoorziening of de distributiediensten, die in die jaren zeer actief waren).
De administratieve codes (37/1/6/2) in de linkerbenedenhoek zijn kenmerkend voor de registratiesystemen van die tijd. Dergelijke documenten zijn vaak de 'sporen' van grotere dossiers; het zijn de verbindingsstukken tussen verschillende ambtelijke niveaus. Het gebruik van blauwgrijs papier was in oorlogstijd gebruikelijk vanwege de schaarste aan wit briefpapier, waarbij dit type papier vaak gereserveerd was voor interne concepten of vluchtige memo's.