Archiefdocument
Origineel
12 februari 1942 J. Rijnvis, Lijnbaansgracht 291, Amsterdam. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen). [Rechtsboven:] Amst. 12 Febr ’42
[Aantekening rechts:] m.i. Insp
Mijnheer de Directeur
Daar mijn toegangskaart tot
de Vischmarkt (Ruiterkade) Dinsdag
j.l. is ingetrokken zoo verzoek
ik beleefd om deze weer terug
te krijgen. Omdat daar ~~na~~
(na mijn ventvergunning is in-
getrokken ook mijn staanplaats
vergunning is opgezegd) een
betrekking heb als inkooper
en verkooper voor een
vischzaak aan de Lijnbaansgr:
308 te amsterdam, om deze
redenen hoop ik dat U mijn
verzoek om weer de markt
te mogen bezoeken zal
toestaan.
bij voorbaat beleefd
mij dienstig teken ik
[handtekening] J. Rijnvis
Lijnbaansgr 291
[Stempel in linkermarge:]
№ 46A/25/1 W. 1942 16/2 Het document is een handgeschreven verzoekschrift (petitie) van J. Rijnvis. De schrijver verzoekt de directeur om teruggave van zijn toegangsbewijs voor de vismarkt aan de De Ruijterkade. Rijnvis legt uit dat zijn persoonlijke vent- en staanplaatsvergunningen zijn ingetrokken, maar dat hij nu in loondienst werkt als "inkooper en verkooper" voor een viszaak aan de Lijnbaansgracht 308. Om deze nieuwe functie uit te kunnen oefenen, is toegang tot de groothandelsmarkt noodzakelijk. Het taalgebruik is formeel en onderdanig, passend bij de tijd en de verhouding tot de autoriteiten ("verzoek ik beleefd", "mij dienstig teken ik"). De archiefstempel geeft aan dat het verzoek op 16 februari 1942 administratief is verwerkt. Dit schrijven dateert uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd was de distributie van goederen en de uitoefening van beroepen in de handel streng gereguleerd door middel van een complex vergunningenstelsel. Het intrekken van een ventvergunning betekende vaak een direct verlies van inkomen voor kleine zelfstandigen. De vismarkt aan de De Ruijterkade was op dat moment het centrale punt voor de visaanvoer en -handel in Amsterdam. De noodzaak om als werknemer van een andere zaak alsnog toegang te krijgen, illustreert de economische overlevingsstrategieën van burgers in oorlogstijd binnen de restrictieve kaders van het marktwezen.