Archief 745
Inventaris 745-389
Pagina 301
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Ambtelijke brief/memo.

21 april 1942 (verzonden op 22 april 1942, blijkens handgeschreven aantekening). Van: De Directeur (van de Centrale Markt, Amsterdam), ondertekend door A. Müller. Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam ("Alhier").

Origineel

Ambtelijke brief/memo. 21 april 1942 (verzonden op 22 april 1942, blijkens handgeschreven aantekening). De Directeur (van de Centrale Markt, Amsterdam), ondertekend door A. Müller. Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam ("Alhier"). [Stempel/Handtekening rechtsboven:] A. Müller

[Links bovenaan:]
VD/HG.
[Handgeschreven:] Verzonden 22/4
64/6/1 M.

[Rechts midden:]
21 April 1942.

[Onderwerp:]
Ontbinding huurcontract
W. van Smeerdijk.

[Bestemming:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat de groothandelaar in groenten W. van Smeerdijk, huurder van pakhuisafdeeling C 2 op de Centrale Markt, door den Inspecteur voor de Prijsbeheersching met ingang van 22 November 1941 is gestraft met sluiting van zijn zaak en stillegging der bedrijfsmiddelen, voorgoed, terwijl hem voorts voorgoed is verboden, als groothandelaar in groenten op te treden; deze straffen zijn begin Januari jl. in hooger beroep bevestigd.
Het met Van Smeerdijk gesloten huurcontract voor pakhuisafdeeling C 2 op de Centrale Markt liep op 31 Maart jl. af. Het komt mij gewenscht voor bedoeld contract gerekend te zijn ingegaan 1 Februari 1942 te ontbinden; de huurpenningen tot en met de maand Januari zijn door Van Smeerdijk voldaan.
Ik geef U mitsdien beleefd in overweging wel te willen bevorderen, dat bij Besluit van den Burgemeester het met W. van Smeerdijk gesloten huurcontract voor bovengenoemde pakhuisafdeeling op 1 Februari 1942 wordt ontbonden.

De Directeur,

--- Deze brief betreft de zakelijke afwikkeling van een pakhuisruimte op de Centrale Markt in Amsterdam. De kern van de zaak is de gedwongen sluiting van de groothandel van W. van Smeerdijk.

  • De aanleiding: De ondernemer is door de 'Inspecteur voor de Prijsbeheersching' zwaar gesanctioneerd. De straf is niet mals: permanente sluiting van de zaak en een beroepsverbod als groothandelaar. Dit wijst op een ernstige overtreding van de toen geldende distributie- of prijswetten.
  • De juridische status: De straffen zijn in januari 1942 in hoger beroep onherroepelijk geworden.
  • De administratieve afhandeling: Hoewel het contract formeel tot 31 maart liep, stelt de directeur voor om het contract met terugwerkende kracht per 1 februari 1942 te ontbinden. Dit is logisch aangezien de onderneming al sinds november 1941 stillag en de huur tot en met januari nog voldaan was.
  • Besluitvorming: De directeur vraagt de wethouder om een formeel besluit van de Burgemeester (in die tijd de regeringscommissaris) te bewerkstelligen om de ontbinding juridisch rond te maken.

--- Dit document is opgesteld in april 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog. De context is cruciaal voor het begrip van de tekst:

  1. Prijsbeheersching en Distributie: Tijdens de bezetting was de economie strak gereguleerd. De "Inspecteur voor de Prijsbeheersching" controleerde streng op zwarte handel, prijsopdrijving en het overtreden van distributievoorschriften. Permanente sluiting van een zaak ("voorgoed") was een van de zwaarste administratieve straffen die konden worden opgelegd aan handelaren die buiten de regels van de bezetter om opereerden.
  2. De Centrale Markt: De Centrale Markt (nu het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was het kloppend hart van de voedselvoorziening in de hoofdstad. Controle op de handelaren daar was essentieel voor de bezetter om grip te houden op de voedselstroom.
  3. Bestuurlijke verhoudingen: De brief is gericht aan de Wethouder voor Levensmiddelen. In 1942 was het lokale bestuur gelijkgeschakeld; de wethouders en de burgemeester fungeerden binnen het autoritaire systeem van de bezetter. De directeur van de markt, A. Müller, was verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken op het marktterrein.
  4. Sociaal-economische impact: Het document toont de genadeloze wijze waarop ondernemingen in oorlogstijd geliquideerd konden worden door administratieve besluiten, waarbij een ondernemer van de ene op de andere dag zijn levensonderhoud en bedrijfsmiddelen kon verliezen.

Samenvatting

Deze brief betreft de zakelijke afwikkeling van een pakhuisruimte op de Centrale Markt in Amsterdam. De kern van de zaak is de gedwongen sluiting van de groothandel van W. van Smeerdijk.

  • De aanleiding: De ondernemer is door de 'Inspecteur voor de Prijsbeheersching' zwaar gesanctioneerd. De straf is niet mals: permanente sluiting van de zaak en een beroepsverbod als groothandelaar. Dit wijst op een ernstige overtreding van de toen geldende distributie- of prijswetten.
  • De juridische status: De straffen zijn in januari 1942 in hoger beroep onherroepelijk geworden.
  • De administratieve afhandeling: Hoewel het contract formeel tot 31 maart liep, stelt de directeur voor om het contract met terugwerkende kracht per 1 februari 1942 te ontbinden. Dit is logisch aangezien de onderneming al sinds november 1941 stillag en de huur tot en met januari nog voldaan was.
  • Besluitvorming: De directeur vraagt de wethouder om een formeel besluit van de Burgemeester (in die tijd de regeringscommissaris) te bewerkstelligen om de ontbinding juridisch rond te maken.

Historische Context

Dit document is opgesteld in april 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog. De context is cruciaal voor het begrip van de tekst:

  1. Prijsbeheersching en Distributie: Tijdens de bezetting was de economie strak gereguleerd. De "Inspecteur voor de Prijsbeheersching" controleerde streng op zwarte handel, prijsopdrijving en het overtreden van distributievoorschriften. Permanente sluiting van een zaak ("voorgoed") was een van de zwaarste administratieve straffen die konden worden opgelegd aan handelaren die buiten de regels van de bezetter om opereerden.
  2. De Centrale Markt: De Centrale Markt (nu het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was het kloppend hart van de voedselvoorziening in de hoofdstad. Controle op de handelaren daar was essentieel voor de bezetter om grip te houden op de voedselstroom.
  3. Bestuurlijke verhoudingen: De brief is gericht aan de Wethouder voor Levensmiddelen. In 1942 was het lokale bestuur gelijkgeschakeld; de wethouders en de burgemeester fungeerden binnen het autoritaire systeem van de bezetter. De directeur van de markt, A. Müller, was verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken op het marktterrein.
  4. Sociaal-economische impact: Het document toont de genadeloze wijze waarop ondernemingen in oorlogstijd geliquideerd konden worden door administratieve besluiten, waarbij een ondernemer van de ene op de andere dag zijn levensonderhoud en bedrijfsmiddelen kon verliezen.

Gerelateerde Documenten 3