Dienstbrief (correspondentie tussen gemeentelijke instanties).
Origineel
Dienstbrief (correspondentie tussen gemeentelijke instanties). 29 Augustus 1942. De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en Schoonmaak- Bad- en Zweminrichtingen, Gemeente Amsterdam. Den Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam. [Stempel linksboven:]
№ 77/37/18 M. 1942 31/8
[Briefhoofd:]
Gemeente Amsterdam
Raadhuis, O.Z. Voorburgwal
Aan den Directeur van het Marktwezen,
Jan van Galenstraat 14
AMSTERDAM
Telefoon 43130, 43321
Men wordt verzocht, bij het antwoord nauwkeurig den datum, het nummer en de afdeeling van dezen brief te vermelden
Afd. L.M.
No. 54/21 (1942)
Bijlagen: -
Uw brief: -
Datum: 29 Augustus 1942
d.Str/E
Onderwerp:
Onder verwijzing naar Uw brief dd. 14 Augustus j.l. No. 77/37/17 M betreffende het verhandelen van distributie-bescheiden o.a. door de winkeliers A. van Mourik en P. Groot, deel ik U mede, dat ik mij in principe op het standpunt stel dergelijke gevallen niet ongestraft te laten, doch gezien den langen duur van deze zaak voel ik er thans niets voor hierin nog eenige stappen te doen.
*
De Wethouder
voor de Levensmiddelen, Wasch- en Schoonmaak-
Bad- en Zweminrichtingen,
[Handtekening]
[Voetnoot:]
Model G.A. 5
Stadsdrukkerij Amsterdam
11860-6-42-5000 De brief betreft een besluit van de Amsterdamse wethouder voor Levensmiddelen aangaande een overtreding van de distributiewetgeving. Twee winkeliers, geïdentificeerd als A. van Mourik en P. Groot, worden ervan beschuldigd gehandeld te hebben in distributiebescheiden (zoals bonkaarten of distributiebonnen).
De essentie van de brief is dat de wethouder erkent dat dergelijke vergrijpen normaliter bestraft moeten worden ("niet ongestraft te laten"). Echter, vanwege de trage afhandeling van het dossier ("gezien den langen duur van deze zaak"), besluit hij af te zien van verdere juridische of administratieve stappen. De brief is een voorbeeld van de bureaucratische afhandeling van economische delicten tijdens de bezettingsjaren. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Tijdens de Tweede Wereldoorlog was er een nijpend tekort aan goederen, waardoor het distributiestelsel van cruciaal belang was voor de voedselvoorziening en de economische orde.
- Distributie-bescheiden: De handel in distributiebonnen was een ernstig economisch delict omdat het de door de bezetter en de overheid gecontroleerde markt ondermijnde. Er bestond een omvangrijke zwarte handel in deze papieren.
- Bestuurlijke context: Hoewel Nederland bezet was, bleven veel gemeentelijke diensten functioneren. De wethouder die de brief ondertekende (vaak een door de bezetter benoemde functionaris of een collaborateur, aangezien de democratische gemeenteraden in 1941 waren ontbonden) hield toezicht op de schaarse middelen.
- Locatie: De Jan van Galenstraat 14 was het adres van de Centrale Markthallen in Amsterdam, het zenuwcentrum van de voedseldistributie in de stad.
- Tijdsgeest: Augustus 1942 was een grimmige periode; de grootschalige deportaties van Joodse Amsterdammers waren kort daarvoor begonnen, en de schaarste in de winkels nam hand over hand toe. Het feit dat de wethouder een zaak laat varen wegens de "lange duur" suggereert een zekere mate van bureaucratische overbelasting of willekeur. A. van Mourik E. Gemeente Amsterdam Marktwezen