Archief 745
Inventaris 745-407
Pagina 653
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Doorslag van een getypte brief (pagina 10 van een groter schrijven).

15 maart 1943. Van: De Gemeentelijke Adviseur voor voedings- en distributieaangelegenheden en de Directeur van het Marktwezen (Amsterdam).

Origineel

Doorslag van een getypte brief (pagina 10 van een groter schrijven). 15 maart 1943. De Gemeentelijke Adviseur voor voedings- en distributieaangelegenheden en de Directeur van het Marktwezen (Amsterdam). Bladzijde 10 van brief No.46A/88/1 M. d.d. 15 Maart 1943 aan den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen.

VII. Aanvulling van het Tweede Uitvoeringsbesluit van het Visscherijbesluit 1941 met bepalingen in zake den verkoop in winkels en vischhallen.

Door ambtenaren van den Centralen Contrôle Dienst is er vaak over geklaagd, dat aan de hand van het 2e Uitvoeringsbesluit te Amsterdam niet kan worden opgetreden tegen winkeliers, die weigerden om hun visch direct aan het publiek te verkoopen, doch deze visch geheel of gedeeltelijk voor vaste klanten reserveerden. Er werd op aangedrongen om het 2e Uitvoeringsbesluit aan te vullen met een bepaling van het 8e Uitvoeringsbesluit, geldende voor de Gemeente Den Haag. Artikel 8 van dit Besluit bepaalt, dat de kleinhandelaren zijn gehouden om de visch onmiddellijk na ontvangst en zonder achterhouding van hoeveelheden voor bestellingen in den winkel, hal of marktplaats te koop aan te bieden. Het bezorgen aan huis - restaurants hieronder begrepen - is verboden.

Tijdens een bespreking, welke wij hierover met den Chef van den Centralen Contrôle Dienst Afd. Visch te Amsterdam hadden, bleek, dat deze contrôle-ambtenaar een dergelijke maatregel wel een stapje in de goede richting achtte, doch dat geenszins van een afdoende maatregel kon worden gesproken. Hij deelde namelijk mede, dat hij op zijn best over 4 contrôleurs kon beschikken, die dus contrôle moeten houden op pl.m. 60 winkels voor versche visch en pl.m. 100 visch- en fruitzaken. Het spreekt vanzelf, dat in deze verhouding van een effectieve contrôle geen sprake kan zijn; het zou slechts mogelijk blijken om eenige winkeliers per dag te contrôleeren, doch het meerendeel der winkeliers zou op den ouden voet door kunnen gaan. Het komt ons voor, dat er, nu de zaken zoo staan, niet voldoende aanleiding bestaat om de Nederlandsche Visscherijcentrale voor te stellen het 2e Uitvoeringsbesluit in den geest van de Haagsche regeling aan te vullen. Naar onze meening moet de Overheid slechts dan overgaan tot het voorschrijven van voorschriften, wanneer vaststaat, dat deze ook in de practijk op redelijke wijze kunnen worden uitgevoerd.

Er is trouwens nog een belangrijk argument, dat ons dwingt U aanvullingen van het 2e Uitvoeringsbesluit af te raden. Te verwachten is namelijk, dat zich voor de winkels files zullen vormen, waarbij weer de menschen, die den tijd hebben om in de rij te staan, steeds de visch zullen krijgen en deze dan veelal tegen zwarte prijzen gaan verkoopen. Het zelfde euvel doet zich blijkens inkomende berichten op de markten, waar uiteraard slechts directe verkoop aan het in een rij wachtende publiek mogelijk is, herhaaldelijk voor.

Overigens kunnen wij U berichten, dat ons uit mededeelingen van Haagsche zijde is gebleken, dat aan de daar geldende regeling voor de winkeliers niet geheel de hand wordt gehouden. Officieus is den winkeliers toegestaan om een gedeelte van hun toewijzing voor vaste klanten te reserveeren.

Al met al meenen wij U te moeten adviseeren, geen wijziging in de bestaande regeling te brengen.

De Gemeentelijke Adviseur voor | De Directeur van
voedings- en distributieaange- | het Marktwezen,
legenheden, | In dit document adviseren twee Amsterdamse ambtenaren de wethouder om de regels voor de visverkoop niet te verstrengen. De Centrale Contrôle Dienst (CCD) had gevraagd om een verbod op het 'achterhouden' van vis voor vaste klanten, naar het voorbeeld van Den Haag. Daar moesten winkeliers hun vis direct na binnenkomst aan het publiek verkopen en was bezorging verboden.

De adviseurs geven drie hoofdredenen om dit niet te doen:
1. Handhaving: Er zijn slechts 4 controleurs voor 160 winkels, waardoor de regel in de praktijk niet te controleren valt.
2. Zwarte handel: Verplichte directe verkoop leidt tot lange wachtrijen. Mensen met veel tijd kopen de vis op om deze vervolgens op de zwarte markt duurder door te verkopen.
3. Ineffectiviteit: Zelfs in Den Haag wordt de regel niet nageleefd en mogen winkeliers officieus alsnog vis reserveren voor hun vaste klanten. Het document dateert van maart 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er een nijpend tekort aan voedsel en waren bijna alle producten 'op de bon' (gerantsoeneerd). De schaarste leidde tot een bloeiende zwarte handel en enorme wachtrijen voor winkels.

De Centrale Contrôle Dienst (CCD) was de instantie die moest toezien op de naleving van de distributieregels. De discussie in de brief toont de spanning aan tussen de bureaucratische wens om eerlijke verdeling af te dwingen en de weerbarstige praktijk van de oorlogseconomie. Het feit dat ambtenaren adviseren tegen nieuwe regels omdat ze "in de practijk" niet uitvoerbaar zijn, is typerend voor de bestuurlijke dilemma's van die tijd: het voorkomen van sociale onrust (door rijen) en illegale handel woog vaak zwaarder dan strikte regelgeving.

Samenvatting

In dit document adviseren twee Amsterdamse ambtenaren de wethouder om de regels voor de visverkoop niet te verstrengen. De Centrale Contrôle Dienst (CCD) had gevraagd om een verbod op het 'achterhouden' van vis voor vaste klanten, naar het voorbeeld van Den Haag. Daar moesten winkeliers hun vis direct na binnenkomst aan het publiek verkopen en was bezorging verboden.

De adviseurs geven drie hoofdredenen om dit niet te doen:
1. Handhaving: Er zijn slechts 4 controleurs voor 160 winkels, waardoor de regel in de praktijk niet te controleren valt.
2. Zwarte handel: Verplichte directe verkoop leidt tot lange wachtrijen. Mensen met veel tijd kopen de vis op om deze vervolgens op de zwarte markt duurder door te verkopen.
3. Ineffectiviteit: Zelfs in Den Haag wordt de regel niet nageleefd en mogen winkeliers officieus alsnog vis reserveren voor hun vaste klanten.

Historische Context

Het document dateert van maart 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er een nijpend tekort aan voedsel en waren bijna alle producten 'op de bon' (gerantsoeneerd). De schaarste leidde tot een bloeiende zwarte handel en enorme wachtrijen voor winkels.

De Centrale Contrôle Dienst (CCD) was de instantie die moest toezien op de naleving van de distributieregels. De discussie in de brief toont de spanning aan tussen de bureaucratische wens om eerlijke verdeling af te dwingen en de weerbarstige praktijk van de oorlogseconomie. Het feit dat ambtenaren adviseren tegen nieuwe regels omdat ze "in de practijk" niet uitvoerbaar zijn, is typerend voor de bestuurlijke dilemma's van die tijd: het voorkomen van sociale onrust (door rijen) en illegale handel woog vaak zwaarder dan strikte regelgeving.

Gerelateerde Documenten 3