Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 7 april 1944 (verzonden), 11 april 1944 (ontvangen/gestempeld). E. J. Stevens. Burgemeester (van Amsterdam). [Linksboven, potlood:] Du
[Middenboven, paars stempel:] Nº 23/5 L.M. 1944 [Rechtsboven, inkt:] 11/4 9.45
[Middenboven, potlood:] VM tb [Rechtsboven, potlood:] 7-4-44.
Burgemeester.
Mijnheer, Ik, E. J. Stevens wens
gaarne van een plaats op
het waterlooplein gebruik
te maken voor koek en ijs.
Ben sinds januari ziek
geweest, maar ben nu weer
in staat een plaats in
te nemen.
E. J. Stevens
Van Ostadestr.
20 Zuid
Amsterdam
[Linksonder, diverse handschriften:]
Meyers
ong. e.d.d. 17/4 44.
aan opruiming geen
gevolg gegeven ong. ead.
[Rechtsonder, rood stempel:] 11 APR. 1944
[Rechtsonder, potlood:] 7 2/6 '44 opb. [paraaf] Het document is een sober, handgeschreven verzoek van een kleine ondernemer aan het Amsterdamse stadsbestuur tijdens de Tweede Wereldoorlog. De afzender, E. J. Stevens, vraagt toestemming om zijn nering (verkoop van koek en ijs) op het Waterlooplein te hervatten na een ziekteperiode van enkele maanden.
De brief is kenmerkend voor de ambtelijke molen in oorlogstijd:
* Ziekte als reden: De afzender voert ziekte sinds januari aan als reden voor de eerdere afwezigheid, waarschijnlijk om te voorkomen dat de marktplaats definitief aan iemand anders vergeven zou worden of dat de vergunning zou vervallen.
* Administratieve verwerking: De vele stempels en krabbels tonen aan dat zelfs een simpel verzoek voor een marktplaats door verschillende handen ging. De afkorting "L.M." in het stempel staat mogelijk voor de afdeling Luchtbeschermingsdienst of een gerelateerde gemeentelijke instantie die in 1944 toezicht hield.
* Kanttekening: De notitie linksonder ("aan opruiming geen gevolg gegeven") suggereert dat er wellicht een opdracht was om ongebruikte plekken "op te ruimen" (vrij te maken), maar dat dit in dit specifieke geval nog niet was gebeurd of is stopgezet. Dit schrijven dateert van april 1944, een periode van grote schaarste en spanning in bezet Amsterdam. Het Waterlooplein, van oudsher een Joodse markt, had door de deportaties zijn oorspronkelijke karakter al grotendeels verloren. Dat Stevens hier een plek vraagt voor "koek en ijs" is wrang gezien de enorme voedseltekorten die in die periode in de stad heersten.
De Van Ostadestraat 20 Zuid, het adres van de afzender, ligt in de Pijp. Het feit dat de brief direct aan de Burgemeester is gericht (destijds de door de Duitsers aangestelde Edward Voûte), was de standaardprocedure voor officiële vergunningsaanvragen. Dergelijke documenten geven een inkijkje in het dagelijks overlevingsstreven van de 'gewone' Amsterdammer die probeerde zijn broodwinning veilig te stellen te midden van de bezetting.