Extract uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam.
Origineel
Extract uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam. 9 juni 1944. [Linksboven, gestempeld/getypt:]
Nº 23/8 L.M. 1944
[Midden boven, gestempeld:]
L.M. 1944
[Rechtsboven, handgeschreven in potlood/pen:]
D.M.
[diverse initialen/paraaf in rood en blauw potlood]
No. 23/8 L.M. 1944.
[Rechtsboven, getypt:]
Restitutie en ontheffing
van marktgeld.
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten
van den Burgemeester van Amsterdam.
Vrijdag 9 Juni 1944.
Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende besluit genomen:
De Burgemeester van Amsterdam;
Gelet op de bepalingen van de Achtste Verordening van den Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandsche gebied betreffende bijzondere maatregelen op administratief-rechtelijk gebied, (Verordeningenblad voor het bezette Nederlandsche gebied, Stuk 33 No. 152, Gemeenteblad 1941, afdeeling 4, volgn. 517);
Gezien het rapport van den Directeur van den Dienst van het Marktwezen d.d. 2 Juni 1944 No. 21/11/2M;
Gelet op de artt. 36 en 10 van de Verordening op de Heffing van markt-, standplaats- en ventgelden;
B e s l u i t :
aan J. Kolenberg, 1e Jan van der Heijdenstraat 46$^{II}$, op gronden van billijkheid restitutie en ontheffing van marktgeld te verleenen tot een bedrag resp. van ƒ 1,25 en ƒ 25,--.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (3 stuks) en Financiën (2 stuks).
JW
Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,
C.S. Stadhuis,
A'dam, 6-'44.
No. 559
[Onderaan gestempeld en handgeschreven:]
Nº 21/11/4 M. 1944 $^{29}/_{6}$ Dit document is een officieel administratief besluit van het Amsterdamse gemeentebestuur tijdens de Duitse bezetting. Het betreft een individuele financiële gunstverlening: de heer J. Kolenberg, woonachtig in de 1e Jan van der Heijdenstraat (in de wijk De Pijp), krijgt een klein bedrag (1,25 gulden) terugbetaald en wordt vrijgesteld van een verdere betaling van 25 gulden aan marktgeld.
Opvallend is de strikt juridische inkleding. Het besluit wordt niet alleen gebaseerd op lokale marktverordeningen, maar expliciet ook op de "Achtste Verordening van den Rijkscommissaris" (Arthur Seyss-Inquart). Dit illustreert hoe de gemeentelijke bureaucreatie tijdens de bezetting volledig was ingebed in het nationaalsocialistische rechtsbestel. De term "op gronden van billijkheid" duidt erop dat er sprake was van een schrijnende situatie of een bijzondere omstandigheid waardoor strikte handhaving van de regels onredelijk werd geacht. De datum van het besluit, 9 juni 1944, is historisch significant: dit is drie dagen na D-Day (de geallieerde landing in Normandië). Hoewel de bevrijding in zicht kwam, draaide de bezettingsbureauvratie in Amsterdam op dat moment nog op volle toeren onder de pro-Duitse burgemeester Edward Voûte.
De vermelding van de "Wethouder voor de Levensmiddelen" is cruciaal voor deze periode. Vanwege de toenemende schaarste was de distributie van voedsel en de controle op markten een van de belangrijkste en meest gevoelige taken van het stadsbestuur. De 1e Jan van der Heijdenstraat was een levendige straat in een volksbuurt die zwaar getroffen was door de oorlogsomstandigheden en de wegvoering van Joodse medeburgers. Dit document herinnert ons eraan dat, te midden van de totale oorlog, de alledaagse administratieve molen over kleine bedragen en individuele verzoeken gewoon bleef doordraaien.