Getypte brief (ambtelijke correspondentie).
Origineel
Getypte brief (ambtelijke correspondentie). 27 juli 1944. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten of een sociale dienst van de gemeente Amsterdam). Den Heer waarnemend Politie-President, Marnixstraat 260-264, Amsterdam-Centrum. Ter attentie van Kapitein Gaaikema. 30/36/2M. VB/SV.
inlichtingen
marktkoopman.
Attentie Kapt.
Gaaikema.
Verzonden 27/7
mrp
27 Juli 1944.
Den Heer waarnemend Politie-
President,
Marnixstraat 260-264,
Amsterdam-Centrum.
Bij mijn dienst is een verzoek in-
gekomen van G.J.S. Flemminks, wonende
Jac.van Lennepstraat 263 III hem een plaats
op de markt Waterlooplein te verleenen voor
den verkoop van textielgoederen en/of twee-
de-handsch artikelen.
Flemminks voornoemd, die invalide
is en vroeger met zijn broer samen handel
heeft gedreven, is thans in het bezit van
een uitverkoopvergunning voor het gedeelte
textiel, dat hij uit den handel met zijn
broer heeft overgehouden.
Beleefd verzoek ik U mij zoo moge-
lijk, omtrent de antecedenten van deze
personen te doen inlichten, opdat dezer-
zijds kan worden overwogen of betrokkene
een plaats op een der markten te dezer
stede kan worden toegewezen.
De Directeur, * Inhoud: De brief betreft een formele aanvraag van de directeur van een gemeentelijke dienst aan de waarnemend Politie-President van Amsterdam. Er wordt gevraagd naar de "antecedenten" (het verleden/strafblad) van de heer G.J.S. Flemminks. Deze man, die als invalide wordt beschreven, wil een standplaats op de markt op het Waterlooplein om restvoorraden textiel en tweedehands goederen te verkopen.
* Toon: De toon is uiterst formeel en ambtelijk ("Beleefd verzoek ik U"), typerend voor de bureaucratische taal van die tijd.
* Administratieve controle: Het document illustreert de strikte controle die de overheid uitoefende op economische activiteiten, zelfs voor kleinschalige handel op de markt. Voor elke vergunning was blijkbaar een politie-onderzoek naar de achtergrond van de aanvrager nodig. * Tijdsbeeld (Bezetting): De brief is gedateerd op 27 juli 1944, ruim een maand na D-Day en tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de naderende bevrijding en de oorlogsomstandigheden draaide de ambtelijke molen in Amsterdam gewoon door.
* Locatie: De Marnixstraat 260-264 was het hoofdbureau van de Amsterdamse politie. De genoemde Kapitein Gaaikema was een bekende figuur binnen het politieapparaat tijdens de oorlogsjaren, vaak betrokken bij administratieve en toezichthoudende taken.
* Waterlooplein: De markt op het Waterlooplein had van oudsher een sterk Joods karakter. Na de grootschalige deportaties van de Joodse bevolking uit Amsterdam was het karakter van de markt drastisch veranderd en stond het onder streng toezicht van de bezettingsautoriteiten en de gelijkgeschakelde gemeentediensten.
* Schaarste: De handel in "textielgoederen en/of tweede-handsch artikelen" was in 1944 van groot belang vanwege de enorme tekorten aan nieuwe grondstoffen en kleding door de oorlogseconomie.