Officiële brief/correspondentie.
Origineel
Officiële brief/correspondentie. 24 februari 1944. BEDRIJFSCHAP VOOR VISSCHERIJPRODUCTEN
Afdeeling Verdeeling
Betreffende J.F. Thoiest Amsterdam
Bericht op schrijven
's-Gravenhage, 24 februari 1944.
Bij antwoord vermelden 4611/Verd/P
Bijlagen 1 Stuks, t.w. afschr.schr.van Rijksdienst ter Uitv.v.d.Zuiderzee-steunwet 1925.
Den Heer Directeur van het Marktwezen
J.v.Galenstraat 14
AMSTERDAM. -
[Paarse stempels:]
Nº 466/20/1 M. 1944 [handgeschreven:] 25/2
[Handgeschreven aantekeningen midden-rechts:]
mw. Dir
[Paraaf]
ontvangen
[Inhoud:]
Bijgaand gelieve U aan te treffen afschrift van een schrijven van den Rijksdienst ter Uitvoering der Zuiderzeesteunwet 1925 met verzoek Uw standpunt terzake kenbaar te willen maken.
BEDRIJFSCHAP VOOR VISSCHERIJPRODUCTEN,
[Handtekening onleesbaar]
[Handgeschreven aantekeningen linksonder:]
Is al jaren uit het bedrijf. Commissie adviseert "afwijzen".
BS
[Paraaf]
v Beers
schrijven
[Voet tekst:]
2e Adelheidstraat 300, 's-Gravenhage — Postgirorekening 351833 — Telegram-adres: BEVIPRO
Telefoon 720080 en 772162, Intercomm. XX. Voor afdeeling Distributie 722641
40305-10000-1-'44 V.V.O. 6698 K 2435 * Administratieve context: De brief dient als geleidebrief voor een dossier van de Rijksdienst ter Uitvoering der Zuiderzeesteunwet 1925. De ontvanger (Directeur Marktwezen Amsterdam) wordt om een advies gevraagd betreffende een specifiek individu (J.F. Thoiest).
* Besluitvorming: De handgeschreven kanttekening linksonder is cruciaal; deze vermeldt dat de betreffende persoon al jaren niet meer werkzaam is in de visserijsector. Op basis hiervan adviseert de commissie om de aanvraag (vermoedelijk voor steun of een vergoeding) af te wijzen.
* Organisatiestructuur: Het document toont de gelaagde bureaucratie tijdens de bezettingstijd, waarbij semi-overheidsinstellingen (bedrijfschappen) en gemeentelijke diensten (Marktwezen) samenwerkten aan de uitvoering van vooroorlogse wetgeving. * Zuiderzeesteunwet 1925: Deze wet was bedoeld om vissers en aanverwante bedrijven te compenseren voor de economische schade veroorzaakt door de afsluiting van de Zuiderzee (de bouw van de Afsluitdijk). Hoewel de wet uit 1925 stamt, liepen de aanvragen en uitkeringen door tot ver in de jaren '40 en '50.
* Tijdsgeest: De datum (februari 1944) plaatst het document in de late oorlogsjaren. Ondanks de bezetting bleven reguliere administratieve processen, zoals de uitvoering van de Zuiderzeesteunwet, doorlopen.
* Bedrijfschap: De "Bedrijfschappen" waren publiekrechtelijke organisaties die tijdens de bezetting een belangrijke rol speelden in de ordening van het economisch leven, vaak onder toezicht van de bezetter, maar uitgevoerd door Nederlands personeel.