Officiële circulaire/brief van het gemeentebestuur.
Origineel
Officiële circulaire/brief van het gemeentebestuur. 6 juli 1939. Burgemeester en Wethouders van Amsterdam (ondertekend door de Secretaris). De Hoofden der Gemeentelijke Diensten en Bedrijven. GEMEENTE AMSTERDAM
S.V./EL
Afd.O.G.Z.
No.472 (1939)
Amsterdam, 6 Juli 1939.
[Paars stempel: № 1/49/M. 1339 met handgeschreven toevoegingen]
[Handgeschreven paraaf in rechterbovenhoek: m.i. Dir. W.E. / Opb]
De Minister van Binnenlandsche Zaken heeft ons medegedeeld, dat aan zijn departement na afloop van elke maand zoo spoedig mogelijk een overzicht wordt samengesteld van de kosten van alle vluchtelingenkampen, hetgeen noodzakelijk is ten einde een juist inzicht te behouden in de voor dit doel ter beschikking gestelde gelden en het Comité voor de Joodsche Vluchtelingen alhier in de gelegenheid te kunnen stellen van een en ander kennis te nemen.
Bij het samenstellen van dat overzicht blijkt echter herhaaldelijk dat voor de in deze gemeente gelegen kampen de noodige gegevens niet beschikbaar zijn, aangezien de gemeentelijke diensten en bedrijven eerst na geruimen tijd hun vorderingen indienen. Het betreft hier zoowel de levering van levens- en geneesmiddelen, van water, gas en electriciteit, als bewezen diensten door gemeentepersoneel.
Ten einde dit met enkele voorbeelden te illustreeren, wijst de Minister er op, dat eerst kort geleden een tweetal declaraties werd ontvangen van het hoofdbureau van politie alhier, resp. ten bedrage van f.2.415,60 en f.2,70 wegens kosten van voeding en transport van Joodsche vluchtelingen, die in December 1938 en Januari 1939 naar de kampen te Hoek van Holland, Veenhuizen en Reuver zijn overgebracht.
Bij het Lloyd's Hotel, waar sedert 13 Februari j.l. vluchtelingen verblijven, werd eerst voor korten tijd het verbruik van water opgenomen, terwijl voor gas en electriciteit nog geen rekening is ingediend.
Een dergelijke vertraging in het indienen van vorderingen werkt voor de administratie van het Departement uiteraard zeer belemmerend.
Op verzoek van den Minister noodigen wij U dan ook uit, te bevorderen, dat vorderingen op de in deze gemeente of elders gelegen vluchtelingenkampen zoo spoedig mogelijk, liefst in de eerste week na afloop van de maand, waarop de vordering betrekking heeft, bij het Departement van Binnenlandsche Zaken worden ingediend.
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam,
[Signatuur]
de Secretaris,
[Signatuur: Van Rijn]
Aan de Hoofden der Gemeentelijke
Diensten en Bedrijven. Dit document is een administratieve aanwijzing van het Amsterdamse gemeentebestuur aan zijn eigen diensten. De kern van de zaak is de gebrekkige facturatie van kosten die gemaakt worden voor de opvang van Joodse vluchtelingen.
Kernpunten:
1. Bureaucratische frictie: De centrale overheid (Ministerie van Binnenlandse Zaken) klaagt dat de gemeente Amsterdam te traag is met het doorgeven van kosten voor vluchtelingenopvang.
2. Financieel overzicht: De Minister heeft deze gegevens nodig om grip te houden op het budget en om het Comité voor de Joodsche Vluchtelingen te informeren (dat vaak zelf ook fondsen wierf of bijdroeg).
3. Specificatie van kosten: Het gaat om basisbehoeften: voedsel, medicijnen, water, gas, elektriciteit en personeelskosten.
4. Concrete locaties: Er wordt expliciet verwezen naar het Lloyd’s Hotel in Amsterdam als opvanglocatie, en naar transporten naar kampen in Hoek van Holland, Veenhuizen en Reuver. De datum van dit document, 6 juli 1939, is cruciaal. Het is minder dan twee maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Sinds de Kristallnacht (november 1938) was de stroom Joodse vluchtelingen uit nazi-Duitsland en Oostenrijk naar Nederland enorm toegenomen.
De Nederlandse overheid voerde een restrictief vluchtelingenbeleid; vluchtelingen werden beschouwd als "ongewenste vreemdelingen" en moesten in centrale kampen worden ondergebracht. Het Lloyd’s Hotel aan de Oostelijke Handelskade in Amsterdam fungeerde in deze periode als een van de belangrijkste opvangcentra (centraal vluchtelingenkamp).
De brief illustreert hoe de overheid, ondanks de humanitaire crisis die zich aan de grenzen voltrok, vasthield aan strikte administratieve en financiële procedures. Het toont ook aan dat de kosten voor de opvang nauwlettend werden gemonitord, waarbij de overheid probeerde de financiële verantwoordelijkheid deels bij de Joodse gemeenschap zelf (het genoemde Comité) te leggen. Kort hierna, in oktober 1939, zouden veel van deze vluchtelingen worden overgebracht naar het nieuw gebouwde kamp Westerbork. O.G.Z. Gemeente Amsterdam Hoofdbureau Politie