Archief 745
Inventaris 745-267
Pagina 248
Dossier 100
Jaar 1939
Stadsarchief

Uittreksel (Extract) uit het Boek der Besluiten van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam.

23 juni 1939 (besluitdatum); advies Schoonheidscommissie van 25 november 1936. Dossier: 1/50/M, 420

Origineel

Uittreksel (Extract) uit het Boek der Besluiten van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam. 23 juni 1939 (besluitdatum); advies Schoonheidscommissie van 25 november 1936. [Stempel linksboven:] Nº 1/50/M. 1939 [handgeschreven:] 10/7
No. 420 V.H.1939.
[Handgeschreven:] 561 Lm. 1939.

[Handgeschreven rechtsboven:] Marktw.

[Stempel:] Gezien
[Handtekening/Paraaf onleesbaar]

[Rechts in de marge:]
Tot het plaatsen van eenige werken op de lijst, als bedoeld in art. 1, 1e lid, der ~~Monumentenlijst~~ [handgeschreven:] verordening (lijst III).

E x t r a c t

uit het Boek der Besluiten van

Burgemeester en Wethouders van Amsterdam.

Vrijdag, 23 Juni 1939.

Op voorstel van den Wethouder voor de Openbare Gezondheid en het Ziekenhuis-wezen, voor den Wethouder voor de Volkshuisvesting, besluiten Burgemeester en Wethouders, lettende:

a. op artikel 1, eerste lid der Monumentenverordening;
b. op het advies van de Schoonheidscommissie van 25 November 1936,

de op de bij dit besluit behoorende lijst vermelde werken te plaatsen op de lijst, bedoeld in artikel 1, eerste lid, der Monumentenverordening, opgenomen in het Gemeenteblad 1936, afdeeling 3, volgno. 82.

Afschrift hiervan zal worden gegeven aan de afdeelingen Volkshuisvesting (15 stuks), Publieke Werken (10 stuks) en voorts aan alle overige afdeelingen der Gemeentesecretarie, alsmede aan het Bureau Gemeentesecretaris (5 stuks), den Gemeente-ontvanger en het Pensioenbureau.
TG.

Voor eensluidend extract,

de Secretaris,

(get.) VAN LIER. Dit document is een officieel uittreksel van een besluit van het Amsterdamse college van Burgemeester en Wethouders uit 1939. De kern van het besluit is het aanwijzen van bepaalde bouwwerken ("werken") voor de stedelijke monumentenlijst.

Het besluit is gebaseerd op de Monumentenverordening van 1936 en volgt op een advies van de Schoonheidscommissie uit datzelfde jaar. Opvallend is dat het voorstel gezamenlijk komt van de wethouders voor Volksgezondheid/Ziekenhuiswezen en Volkshuisvesting, wat suggereert dat de betreffende monumenten mogelijk gerelateerd waren aan sociale woningbouw of medische instellingen.

Het document bevat diverse administratieve aantekeningen, waaronder distributie-instructies voor verschillende gemeentelijke diensten (zoals Publieke Werken en de Gemeente-ontvanger), wat de bureaucratische afhandeling van monumentenzorg in die periode illustreert. In de jaren dertig van de 20e eeuw begon Amsterdam met een actiever beleid voor het behoud van jonger erfgoed en stadsgezicht, nog voordat er een landelijke monumentenwet bestond (die pas in 1961 kwam). De 'Monumentenverordening' van 1936 was een cruciaal instrument voor de gemeente om gebouwen te beschermen die voor de stad van historisch of esthetisch belang waren.

De ondertekenaar, mr. M.J. van Lier, was een invloedrijke gemeentesecretaris die een belangrijke rol speelde in het Amsterdamse ambtenarenapparaat tijdens het interbellum. De handgeschreven correctie in de kantlijn (het vervangen van "lijst" door "verordening") toont de nauwkeurigheid van de juridische verslaglegging in die tijd. De datum, juni 1939, plaatst dit document in de maanden vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. M.J. van Lier Gemeente Amsterdam Publieke Werken

Samenvatting

Dit document is een officieel uittreksel van een besluit van het Amsterdamse college van Burgemeester en Wethouders uit 1939. De kern van het besluit is het aanwijzen van bepaalde bouwwerken ("werken") voor de stedelijke monumentenlijst.

Het besluit is gebaseerd op de Monumentenverordening van 1936 en volgt op een advies van de Schoonheidscommissie uit datzelfde jaar. Opvallend is dat het voorstel gezamenlijk komt van de wethouders voor Volksgezondheid/Ziekenhuiswezen en Volkshuisvesting, wat suggereert dat de betreffende monumenten mogelijk gerelateerd waren aan sociale woningbouw of medische instellingen.

Het document bevat diverse administratieve aantekeningen, waaronder distributie-instructies voor verschillende gemeentelijke diensten (zoals Publieke Werken en de Gemeente-ontvanger), wat de bureaucratische afhandeling van monumentenzorg in die periode illustreert.

Historische Context

In de jaren dertig van de 20e eeuw begon Amsterdam met een actiever beleid voor het behoud van jonger erfgoed en stadsgezicht, nog voordat er een landelijke monumentenwet bestond (die pas in 1961 kwam). De 'Monumentenverordening' van 1936 was een cruciaal instrument voor de gemeente om gebouwen te beschermen die voor de stad van historisch of esthetisch belang waren.

De ondertekenaar, mr. M.J. van Lier, was een invloedrijke gemeentesecretaris die een belangrijke rol speelde in het Amsterdamse ambtenarenapparaat tijdens het interbellum. De handgeschreven correctie in de kantlijn (het vervangen van "lijst" door "verordening") toont de nauwkeurigheid van de juridische verslaglegging in die tijd. De datum, juni 1939, plaatst dit document in de maanden vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.

Genoemde Personen 1

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam Publieke Werken

Kooplieden in dit dossier 33

K. Kol 761
Bij invoer
Bij invoer
Bij invoer
Bij invoer
M. Reinders 10676
Gr. Brittannië
Januari 1937 -
J. Hartgers 1225.-
Uitgaven tot fob. 950.-
N. Afrika
Vereenigde Staten 1936-'37
Vereenigde Staten 5.9%
V. Amerika 72.766
S.V. 14544
Alle 33 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 4