Getypte ambtelijke brief.
Origineel
Getypte ambtelijke brief. 18 februari 1939. Onbekend (vermoedelijk de directeur of beheerder van de Centrale Markt, gezien de inhoud en kenmerken). [Handgeschreven: extra]
VP/G.
66/3/5 M
n 3
18 Februari 1939.
Vordering op G.A.Beuzenberg.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
Onder terugzending van de met Uw kantbrief d.d. 10
dezer om advies ontvangen stukken no. 851 L.M.1938 heb ik de
eer U te berichten, dat ik met myn rapport d.d. 1 December
1938 (No.66/35/1 M) voorstelde Beuzenberg tot betaling van
zyn schuld te noodzaken, omdat ik uit het feit, dat hy een
groentewinkel heeft, afleidde, dat hy tot betaling in staat
moet worden geacht. Op 26 Januari jl. ontving ik echter een
brief van den directeur van den dienst voor Maatschappelyk
Hulpbetoon te Velsen, van welken brief ik in bylage dezes
een afschrift overleg. Hieruit blykt, dat Beuzenberg onmach-
tig is om de verschuldigde huur te betalen. Ik heb hem op
verzoek van den voornoemden directeur, voorloopig wederom
als kooper tot de Centrale Markt toegelaten.
By de beoordeeling van zyn schuld kan myns inziens
rekening worden gehouden met de omstandigheid, dat hy de
destyds gehuurde pakhuisafdeeling niet langer heeft gebruikt
dan den termyn, dien hy heeft betaald. Had hy toen onthef-
fing van het huurcontract gevraagd, op grond van financieele
onmacht, dan zou dat verzoek zeer waarschynlyk zyn ingewil-
ligd. Hoewel het feit, dat hy zonder meer is vertrokken na-
tuurlyk moet worden afgekeurd, meen ik toch, dat in de ge-
geven omstandigheden aanleiding bestaat om, overeenkomstig
het verzoek van den meergenoemden directeur, kwytschelding
van deze vordering te verleenen. * Kern van het document: De brief is een advies aan de wethouder betreffende een openstaande schuld van een groentenhandelaar, de heer G.A. Beuzenberg.
* Herziening van standpunt: De schrijver komt terug op een eerder advies uit december 1938. Destijds dacht men dat Beuzenberg kon betalen omdat hij een winkel had. Nieuwe informatie van de sociale dienst (Maatschappelijk Hulpbetoon) uit Velsen toont echter aan dat de man financieel onmachtig is.
* Huidige status: Om Beuzenberg in staat te stellen zijn brood te verdienen, is hij (op voorspraak van de directeur in Velsen) weer toegelaten als koper op de Centrale Markt.
* Conclusie/Advies: De schrijver adviseert om de vordering (openstaande huur voor een pakhuis) kwijt te schelden. Hoewel Beuzenberg laakbaar handelde door zonder bericht te vertrekken, heeft hij de ruimte niet langer gebruikt dan waarvoor hij al betaald had. Gezien zijn armoede wordt kwijtschelding redelijk geacht. Dit document stamt uit februari 1939, de late periode van de Grote Depressie en vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De economische omstandigheden voor kleine zelfstandigen, zoals groentewinkeliers, waren in die tijd bijzonder zwaar.
De "Centrale Markt" verwijst vrijwel zeker naar de Centrale Markthallen in Amsterdam (geopend in 1934), het knooppunt voor de voedseldistributie in de regio. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was een specifieke politieke functie die toezag op de voedselvoorziening en de markt. De correspondentie met "Maatschappelyk Hulpbetoon te Velsen" illustreert hoe lokale overheden en sociale diensten destijds samenwerkten bij gevallen van armoede en schuldproblematiek. Het gebruik van woorden als "onmacht", "ingewilligd" en de spelling met "y" in plaats van "ij" is kenmerkend voor de ambtelijke schrijftaal van die periode. G.A. Beuzenberg