Archief 745
Inventaris 745-295
Pagina 441
Dossier 23
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtsbrief / Adviesnota

18 februari 1939 Van: Onbekend (waarschijnlijk een marktmeester of directeur van de Centrale Markt) Dossier: 66/35/1

Origineel

Ambtsbrief / Adviesnota 18 februari 1939 Onbekend (waarschijnlijk een marktmeester of directeur van de Centrale Markt) 66/3/5 M
n 3

Verzonden 20/2 [handgeschreven]
W. Müller
M. Prouse [handgeschreven]

VP/G.

18 Februari 1939.

Vordering op G.A.Beuzenberg.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.

Onder terugzending van de met Uw kantbrief d.d. 10 dezer om advies ontvangen stukken no.851 L.M.1938 heb ik de eer U te berichten, dat ik met myn rapport d.d. 1 December 1938 (No.66/35/1 M) voorstelde Beuzenberg tot betaling van zyn schuld te noodzaken, omdat ik uit het feit, dat hy een groentewinkel heeft, afleidde, dat hy tot betaling in staat moet worden geacht. Op 26 Januari jl. ontving ik echter een brief van den directeur van den dienst voor Maatschappelyk Hulpbetoon te Velsen, van welken brief ik in bylage dezes een afschrift overleg. Hieruit blykt, dat Beuzenberg onmachtig is om de verschuldigde huur te betalen. Ik heb hem op verzoek van den voornoemden directeur, voorloopig wederom als kooper tot de Centrale Markt toegelaten.

By de beoordeeling van zyn schuld kan myns inziens rekening worden gehouden met de omstandigheid, dat hy de destyds gehuurde pakhuisafdeeling niet langer heeft gebruikt dan den termyn, dien hy heeft betaald. Had hy toen ontheffing van het huurcontract gevraagd, op grond van financieele onmacht, dan zou dat verzoek zeer waarschynlyk zyn ingewilligd. Hoewel het feit, dat hy zonder meer is vertrokken natuurlijk moet worden afgekeurd, meen ik toch, dat in de gegeven omstandigheden aanleiding bestaat om, overeenkomstig het verzoek van den meergenoemden directeur, kwytschelding van deze vordering te verleenen. Dit document is een ambtelijk advies over een incassokwestie. De kern van het geschil is een openstaande schuld van de heer G.A. Beuzenberg, een groentewinkelier, voor de huur van een "pakhuisafdeeling" (vermoedelijk op het terrein van de Centrale Markt).

De ambtenaar herziet zijn eerdere standpunt. Waar hij in december 1938 nog adviseerde om de schuld met dwang in te vorderen (omdat het bezit van een winkel duidde op solvabiliteit), is hij nu van mening veranderd door informatie van de dienst Maatschappelijk Hulpbetoon in Velsen. Uit die informatie blijkt dat er sprake is van "financiële onmacht".

Er worden twee verzachtende omstandigheden aangedragen:
1. De schuldenaar heeft de ruimte niet langer gebruikt dan de periode waarvoor hij al wel betaald had.
2. De schuldenaar is weer toegelaten als koper op de Centrale Markt om hem in staat te stellen zijn nering voort te zetten.

Het eindoordeel is coulant: hoewel het plotselinge vertrek van de huurder formeel wordt afgekeurd, wordt de wethouder geadviseerd om over te gaan tot kwijtschelding. Het document dateert van vlak voor de Tweede Wereldoorlog. Nederland verkeerde nog steeds in de nasleep van de economische crisis van de jaren '30. De bureaucratische taal ("kantbrief", "onmacht", "kwytschelding") en de spelling (zoals "myn", "zyn", "financieele") zijn kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie uit die tijd.

De "Centrale Markt" verwijst naar de groothandelsmarkt (zoals de Centrale Markthal in Amsterdam), die een cruciale rol speelde in de voedselvoorziening van de stad. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was direct verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van deze markt. Het feit dat de dienst Maatschappelijk Hulpbetoon (de voorloper van de sociale dienst) bij de zaak betrokken was, onderstreept de armoede waarin veel kleine zelfstandigen in 1939 nog verkeerden. G.A. Beuzenberg M. Prouse

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk advies over een incassokwestie. De kern van het geschil is een openstaande schuld van de heer G.A. Beuzenberg, een groentewinkelier, voor de huur van een "pakhuisafdeeling" (vermoedelijk op het terrein van de Centrale Markt).

De ambtenaar herziet zijn eerdere standpunt. Waar hij in december 1938 nog adviseerde om de schuld met dwang in te vorderen (omdat het bezit van een winkel duidde op solvabiliteit), is hij nu van mening veranderd door informatie van de dienst Maatschappelijk Hulpbetoon in Velsen. Uit die informatie blijkt dat er sprake is van "financiële onmacht".

Er worden twee verzachtende omstandigheden aangedragen:
1. De schuldenaar heeft de ruimte niet langer gebruikt dan de periode waarvoor hij al wel betaald had.
2. De schuldenaar is weer toegelaten als koper op de Centrale Markt om hem in staat te stellen zijn nering voort te zetten.

Het eindoordeel is coulant: hoewel het plotselinge vertrek van de huurder formeel wordt afgekeurd, wordt de wethouder geadviseerd om over te gaan tot kwijtschelding.

Historische Context

Het document dateert van vlak voor de Tweede Wereldoorlog. Nederland verkeerde nog steeds in de nasleep van de economische crisis van de jaren '30. De bureaucratische taal ("kantbrief", "onmacht", "kwytschelding") en de spelling (zoals "myn", "zyn", "financieele") zijn kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie uit die tijd.

De "Centrale Markt" verwijst naar de groothandelsmarkt (zoals de Centrale Markthal in Amsterdam), die een cruciale rol speelde in de voedselvoorziening van de stad. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was direct verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van deze markt. Het feit dat de dienst Maatschappelijk Hulpbetoon (de voorloper van de sociale dienst) bij de zaak betrokken was, onderstreept de armoede waarin veel kleine zelfstandigen in 1939 nog verkeerden.

Genoemde Personen 2

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente Kruidenier (Droog): Meel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6