Afschrift van een proces-verbaal/aangifte van diefstal.
Origineel
Afschrift van een proces-verbaal/aangifte van diefstal. Behoort bij brief No. 77/4/8 M. d.d. 11 Maart 1939 aan den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen van den Directeur van het Marktwezen.
AFSCHRIFT
Diefstal van een mud (twee zakken) bonte aardappelen, ten nadeele van den aardappelgrossier
N. Greidanus
contra:
Karel Willem Kreyt, geboren te Amsterdam, 7 November 1910, aardappel- en groentenhandelaar, wonende Admiralengracht 58 beletage te Amsterdam (West).
Zaterdag achttien Februari 1900 negenendertig werd mij, Carel Lodewijk Buenting, ambtenaar van het Marktwezen te Amsterdam, tevens onbezoldigd veldwachter dezer Gemeente, door Nies Greidanus, oud 33 jaar, aardappelgrossier, wonende Admiraal de Ruyterweg 252 huis te Amsterdam (West) de navolgende aangifte gedaan en verklaarde hij: "Ik kwam heden te ongeveer 6.45 uur voormiddags bij mijn pakhuis, hetwelk zich bevindt op pier P. op de terreinen van de Centrale Markt, Jan van Galenstraat te Amsterdam (West). Op dat oogenblik kwam een mijner klanten, genaamd Karel Kreyt mij tegemoetloopen. Hij vroeg mij naar den prijs van poters, een aardappelsoort, welke ik op de Centrale Markt in mijn pakhuis in voorraad heb. Ik noemde hem den prijs, waarop hij een mud van deze aardappelen van mij kocht en op zijn driewielige bakfiets laadde. Deze bakfiets stond in de nabijheid van mijn pakhuis. Nadat hij het mud poters opgeladen en betaald had bestelde hij nog een mud poters, alsmede een mud bonte aardappelen. Hij vroeg mij deze bestelling in de middaguren te leveren. Vervolgens vertrok hij. Onmiddellijk nadat Kreyt verdwenen was stelde P.J. Koekenbier, die in dienst is bij zijn broer G.J.G. Koekenbier en die een pakhuis naast het mijne bezet, mij de vraag of Kreyt mij een mud bonten had betaald. Koekenbier had gezien, dat Kreyt, voordat ik hedenmorgen de markt betrad, een mud bonte aardappelen van mijn voorraad op den loswal had afgenomen en opgeladen. Ik antwoordde, dat Kreyt mij niet gesproken had over een mud bonte aardappelen dat hij bij mij zou hebben weggenomen en dat hij mij deze aardappelen dan ook niet betaald had. Onmiddellijk ging ik mijn voorraad na en constateerde ik, dat er een mud (twee zakken) bonte aardappelen van mijn voorraad was weggenomen. Het zeil, waaronder deze aardappelen liggen was weer netjes over de aardappelen gelegd en het bindtouw was er weer over heen geschoven. Onmiddellijk nadat ik de vermissing waarnam heb ik het Marktwezen van een en ander in kennis gesteld, waarbij ik verzocht om Kreyt, die nog op de markt moest zijn, bij het verlaten van de Centrale Markt aan te houden. De prijs van de aardappelen is ƒ 3,30, terwijl de zakken ƒ 0,05 per stuk kosten, zoodat ik door dezen diefstal voor ƒ 3,40 benadeeld ben. Niemand heb ik toegestaan om van mijn voorraad een mud bonte aardappelen weg te nemen of daarover op andere wijze te beschikken. Na voorlezing en volharding teeken ik met U deze aangifte. * De feiten: De aangifte betreft de diefstal van één 'mud' (een oude inhoudsmaat, hier gespecificeerd als twee zakken) 'bonte aardappelen'. De verdachte, een klant van de aangever, heeft deze zakken voor de officiële opening van de handelsdag heimelijk van de loswal gepakt en verstopt onder een zeil. Later die ochtend kocht hij legaal andere aardappelen ('poters') om zijn aanwezigheid te legitimeren, maar werd ontmaskerd door een oplettende buurman (getuige Koekenbier).
* Terminologie:
* Poter: Pootaardappel, bedoeld om te planten.
* Bonte aardappelen: Een destijds gangbare benaming voor bepaalde gevlekte of tweekleurige aardappelrassen.
* Mud: Hoewel het metrieke stelsel toen al lang was ingevoerd, bleef de term 'mud' in de aardappelhandel hardnekkig in gebruik voor een gewicht van ca. 70 kilo (verdeeld over twee zakken).
* Onbezoldigd veldwachter: Een ambtenaar met politiebevoegdheden die niet direct door de politie maar door de gemeente of een specifieke dienst (zoals het Marktwezen) werd betaald voor deze nevenfunctie.
* Juridische waarde: De schade wordt nauwkeurig berekend op drie gulden en veertig cent (inclusief de waarde van de zakken zelf), wat in 1939 een aanzienlijk bedrag was voor een kleine handelaar. Dit document biedt een inkijkje in de dagelijkse gang van zaken op de Centrale Markthallen in Amsterdam-West vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt was het logistieke hart van de voedselvoorziening in de hoofdstad. Dat de aangifte werd doorgestuurd naar de "Wethouder voor de Levensmiddelen" (destijds de SDAP'er Florentinus Marinus Wibaut of diens opvolger, afhankelijk van de precieze portefeuilleverdeling in 1939) onderstreept het belang dat de gemeente hechtte aan orde en eerlijke handel op de marktterreinen. De Jan van Galenstraat is tot op de dag van vandaag verbonden met de groothandel in levensmiddelen (het huidige Food Center Amsterdam). Carel Lodewijk Buenting (ambtenaar/veldwachter) Nies Greidanus (aangever) Karel Willem Kreyt (verdachte) P.J. Koekenbier (getuige). Gemeente Amsterdam Marktwezen Politie