Archief 745
Inventaris 745-299
Pagina 207
Jaar 1939
Stadsarchief

Officieel schrijven/besluit van de Gemeente Amsterdam (Burgemeester en Wethouders).

29 april 1939. Van: Burgemeester en Wethouders van Amsterdam (ondertekend door burgemeester W. de Vlugt en de secretaris Van Lier). Aan: Den heer A. Swaab, Rapenburgerstraat 83 II, Amsterdam (C).

Origineel

Officieel schrijven/besluit van de Gemeente Amsterdam (Burgemeester en Wethouders). 29 april 1939. Burgemeester en Wethouders van Amsterdam (ondertekend door burgemeester W. de Vlugt en de secretaris Van Lier). Den heer A. Swaab, Rapenburgerstraat 83 II, Amsterdam (C). [Stempel linksboven:]
No. 77/30/7 M. 1939 29/4 [handgeschreven toevoeging]
AFD. L.M.
No. 48/7 -1939-
BIJLAGEN
[Handgeschreven aantekeningen:] v. f. s., geb 7 blank Sb, G [omcirkeld]

[Bovenaan gecentreerd:]
GEMEENTE AMSTERDAM

[Rechtsboven:]
Markt. [handgeschreven]
AMSTERDAM, 29 April 1939.

[Kader rechtsboven:]
MEN WORDT VERZOCHT BIJ HET ANTWOORD NAUWKEURIG HET NUMMER EN DE AFDEELING VAN DIT SCHRIJVEN TE VERMELDEN.

[Handgeschreven parafen rechtsboven:] M. i. die v. h., dr. Bourse (?)

[Hoofdtekst:]
In ons schrijven van 28 October j.l. No. 48/14 L.M. 1938 deelden wij U o.m. mede, dat het gedeelte van de U destijds voorwaardelijk opgelegde straf - te weten $1\frac{1}{2}$ maand - onmiddellijk in werking zou treden, indien U zich vóór 29 October 1941 wederom aan een strafbaar feit op de Centrale Markt zoudt schuldig maken.
Nu U zich desondanks opnieuw aan een strafbaar feit op de Centrale Markt hebt schuldig gemaakt, treedt deze straf, ingaande 29 April 1939 in werking. Deze straf duurt dus tot en met 12 Juni.
Bovendien zult U voor het nieuw gepleegde strafbare feit, ingaande 13 Juni 1939 gestraft worden met ontneming van het recht van toegang op die markt voor den tijd van een jaar en drie maanden; met dien verstande, dat deze straf deels voorwaardelijk zal zijn. Aan U kan n.l. op 13 Juni 1940 wederom toegang tot deze markt worden verleend.
Indien U zich echter vóór 29 April 1942 voor de derde maal aan een strafbaar feit op de Centrale Markt schuldig maakt, zal de volledige straf van een jaar en drie maanden, ten uitvoer worden gelegd.
VM

[Afsluiting:]
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam,
get. DE VLUGT.
de Secretaris,
(get.) VAN LIER.

Voor eensluidend afschrift
DE SECRETARIS.
[Handgeschreven handtekening:] van Lier

[Linksbeneden:]
Aan
den heer A.Swaab,
Rapenburgerstraat 83 II,
A_L_H_I_E_R (C).

[Voetnoot:]
Model G.A. 6
25.000-1-'39

[Rechtsonder handgeschreven:] 77 Dit document is een officiële kennisgeving van een strafmaatregel opgelegd door het gemeentebestuur van Amsterdam aan een marktkoopman of handelaar, de heer A. Swaab. De kern van de zaak is de recidive van de heer Swaab op de Centrale Markt.

Eerder was hem een voorwaardelijke straf opgelegd van anderhalve maand marktontzegging. Omdat hij vóór de afloop van de proeftijd (29 oktober 1941) opnieuw een strafbaar feit heeft gepleegd, wordt deze voorwaardelijke straf nu omgezet in een onvoorwaardelijke. Direct daaropvolgend krijgt hij een nieuwe straf voor het recente feit: een marktontzegging van 15 maanden, waarvan een deel voorwaardelijk. Als hij zich een jaar goed gedraagt, mag hij op 13 juni 1940 weer de markt op, maar de rest van de straf blijft boven zijn hoofd hangen tot april 1942.

Het document illustreert de strikte handhaving en administratieve controle op de Centrale Markt in de vooroorlogse periode. De getypte tekst met de handgeschreven verificatie "Voor eensluidend afschrift" duidt op een zorgvuldige dossiervorming. De datum van het schrijven, 29 april 1939, plaatst dit document in de maanden vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was de cruciale spil voor de voedselvoorziening van de stad. Orde en naleving van de regels waren daar van groot belang voor de gemeente.

De ontvanger, de heer A. Swaab, woonde aan de Rapenburgerstraat 83. Deze straat lag in het hart van de Amsterdamse Jodenbuurt. Gezien de achternaam en de locatie is het zeer waarschijnlijk dat de heer Swaab een Joodse koopman was. Burgemeester Willem de Vlugt, wiens naam op het document staat, was burgemeester van Amsterdam van 1921 tot 1941. De strikte toon van de brief is kenmerkend voor de ambtelijke communicatie van die tijd, waarin de overheid krachtig optrad tegen overtredingen van de marktverordening om de integriteit van de handel te waarborgen.

Samenvatting

Dit document is een officiële kennisgeving van een strafmaatregel opgelegd door het gemeentebestuur van Amsterdam aan een marktkoopman of handelaar, de heer A. Swaab. De kern van de zaak is de recidive van de heer Swaab op de Centrale Markt.

Eerder was hem een voorwaardelijke straf opgelegd van anderhalve maand marktontzegging. Omdat hij vóór de afloop van de proeftijd (29 oktober 1941) opnieuw een strafbaar feit heeft gepleegd, wordt deze voorwaardelijke straf nu omgezet in een onvoorwaardelijke. Direct daaropvolgend krijgt hij een nieuwe straf voor het recente feit: een marktontzegging van 15 maanden, waarvan een deel voorwaardelijk. Als hij zich een jaar goed gedraagt, mag hij op 13 juni 1940 weer de markt op, maar de rest van de straf blijft boven zijn hoofd hangen tot april 1942.

Het document illustreert de strikte handhaving en administratieve controle op de Centrale Markt in de vooroorlogse periode. De getypte tekst met de handgeschreven verificatie "Voor eensluidend afschrift" duidt op een zorgvuldige dossiervorming.

Historische Context

De datum van het schrijven, 29 april 1939, plaatst dit document in de maanden vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was de cruciale spil voor de voedselvoorziening van de stad. Orde en naleving van de regels waren daar van groot belang voor de gemeente.

De ontvanger, de heer A. Swaab, woonde aan de Rapenburgerstraat 83. Deze straat lag in het hart van de Amsterdamse Jodenbuurt. Gezien de achternaam en de locatie is het zeer waarschijnlijk dat de heer Swaab een Joodse koopman was. Burgemeester Willem de Vlugt, wiens naam op het document staat, was burgemeester van Amsterdam van 1921 tot 1941. De strikte toon van de brief is kenmerkend voor de ambtelijke communicatie van die tijd, waarin de overheid krachtig optrad tegen overtredingen van de marktverordening om de integriteit van de handel te waarborgen.

Locaties

Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 4