Archief 745
Inventaris 745-299
Pagina 230
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypt rapport op officieel briefpapier (of met getypte kop).

Amsterdam, 15 April 1939. Van: Marktopzichter (ondertekend met een onduidelijke handtekening).

Origineel

Getypt rapport op officieel briefpapier (of met getypte kop). Amsterdam, 15 April 1939. Marktopzichter (ondertekend met een onduidelijke handtekening). R A P P O R T.

In vervolg op myn rapport d.d.12 April 1939 en in verband met de verklaringen van den overkruier A.Swaab aan den directeur van het Marktwezen kan ik nog het volgende mededeelen: Grevenstuk-ontkent dat Swaab hem voor het wegbrengen van de besproken vracht kisten zou hebben toegevoegd dat hy(Swaab)geen geld voor de kisten zou aanpakken en dat Tabak dat zelf maar moest doen. Grevenstuk heeft niet gezegd "dat is goed",hetwelk hy ook niet logisch vindt,daar hy dan zeker geen geld in handen zou hebben gekregen.

B.van Dyk verklaarde dat Swaab in het geheel niet heeft aangedrongen op betaling van de ledige kisten. Hy is onmiddellyk weggegaan onder achterlating van de kisten toen van Dyk de opmerking maakte dat Tabak zelf maar moest komen om het geld voor de kisten in ontvangst te komen nemen.

Tenslotte heeft Pouw medegedeeld dat hy Grevenstuk heeft ontslagen.

Den Heer Bedryfschef Amsterdam, 15 April 1939
v/h Marktwezen.

[Handtekening]
Marktopzichter. * Inhoud: Het rapport dient als aanvulling op een eerdere rapportage van drie dagen daarvoor. Het draait om een getuigenverklaring van een 'overkruier' (A. Swaab) en de reactie daarop van betrokkenen (Grevenstuk, Van Dyk en Pouw). De kern van het geschil lijkt te gaan over wie de betaling voor geleverde of weggebrachte kisten mocht ontvangen of had moeten innen. Er is sprake van tegenstrijdige verklaringen.
* Belangrijkste actoren:
* A. Swaab: De overkruier wiens eerdere verklaring de aanleiding vormt.
* Grevenstuk: Ontkent de beschuldiging/lezing van Swaab. Hij wordt uiteindelijk ontslagen.
* Tabak: De persoon die blijkbaar recht had op het geld voor de kisten.
* B. van Dyk: Getuige die bevestigt dat Swaab niet aandrong op betaling.
* Pouw: Waarschijnlijk een leidinggevende die de beslissing tot ontslag nam.
* Toon: Zakelijk, ambtelijk en feitelijk rapporterend. De tekst weerspiegelt een formele interne onderzoeksprocedure binnen een gemeentelijke instelling. * Historische periode: Geschreven in april 1939, slechts enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In Amsterdam was het Marktwezen een grote en belangrijke gemeentelijke dienst, onder andere verantwoordelijk voor de Centrale Markthallen.
* Beroepen: De term overkruier verwijst naar een zelfstandige sjouwer die met een handkar of kruiwagen goederen vervoerde op de markt. Het was zwaar werk met een lage sociale status. De Marktopzichter was een beambte die toezag op de naleving van de reglementen.
* Sociale context: Het document geeft inzicht in de strikte hiërarchie en de directe gevolgen van arbeidsconflicten in die tijd. Een meningsverschil over de afhandeling van betalingen voor statiegeld of vracht van kisten kon blijkbaar direct leiden tot ontslag. Het werpt ook een licht op de kleine alledaagse fricties en mogelijke verdenkingen van onregelmatigheden op de Amsterdamse markten in de jaren '30.

Samenvatting

  • Inhoud: Het rapport dient als aanvulling op een eerdere rapportage van drie dagen daarvoor. Het draait om een getuigenverklaring van een 'overkruier' (A. Swaab) en de reactie daarop van betrokkenen (Grevenstuk, Van Dyk en Pouw). De kern van het geschil lijkt te gaan over wie de betaling voor geleverde of weggebrachte kisten mocht ontvangen of had moeten innen. Er is sprake van tegenstrijdige verklaringen.
  • Belangrijkste actoren:
    • A. Swaab: De overkruier wiens eerdere verklaring de aanleiding vormt.
    • Grevenstuk: Ontkent de beschuldiging/lezing van Swaab. Hij wordt uiteindelijk ontslagen.
    • Tabak: De persoon die blijkbaar recht had op het geld voor de kisten.
    • B. van Dyk: Getuige die bevestigt dat Swaab niet aandrong op betaling.
    • Pouw: Waarschijnlijk een leidinggevende die de beslissing tot ontslag nam.
  • Toon: Zakelijk, ambtelijk en feitelijk rapporterend. De tekst weerspiegelt een formele interne onderzoeksprocedure binnen een gemeentelijke instelling.

Historische Context

  • Historische periode: Geschreven in april 1939, slechts enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In Amsterdam was het Marktwezen een grote en belangrijke gemeentelijke dienst, onder andere verantwoordelijk voor de Centrale Markthallen.
  • Beroepen: De term overkruier verwijst naar een zelfstandige sjouwer die met een handkar of kruiwagen goederen vervoerde op de markt. Het was zwaar werk met een lage sociale status. De Marktopzichter was een beambte die toezag op de naleving van de reglementen.
  • Sociale context: Het document geeft inzicht in de strikte hiërarchie en de directe gevolgen van arbeidsconflicten in die tijd. Een meningsverschil over de afhandeling van betalingen voor statiegeld of vracht van kisten kon blijkbaar direct leiden tot ontslag. Het werpt ook een licht op de kleine alledaagse fricties en mogelijke verdenkingen van onregelmatigheden op de Amsterdamse markten in de jaren '30.

Gerelateerde Documenten 4