Getypte brief (met handgeschreven kanttekening)
Origineel
Getypte brief (met handgeschreven kanttekening) 25 augustus 1939 De Directeur (van de Centrale Markt) VB/HG.
extra [handgeschreven]
77/56/3 M.
1
25 Augustus 1939.
Voorstel om aan A.de Lange
toegang tot de Centrale
Markt te ontnemen.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
In bijlage dezes heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen van een op 24 Augustus jl. door den contrôleur H.Fleijsman opgemaakt rapport, waaruit blijkt, dat A.de Lange, wien als overkruier toegang tot de Centrale Markt is verleend, zich aldaar op 24 Augustus jl. heeft schuldig gemaakt aan diefstal van 5 pond pruimen, ten nadeele van den grossier H.Krant. Ingevolge artikel 35 lid 1 van het Reglement op de Centrale Markt heb ik De Lange voornoemd gestraft met ontnéming van het recht van toegang tot die markt voor den tijd van 14 dagen, namelijk van 26 Augustus tot en met 8 September a.s. Ik moge U beleefd verzoeken wel te willen bevorderen, dat hij ingevolge het tweede lid van aangehaald artikel door Burgemeester en Wethouders wordt gestraft met ontneming van het bedoelde recht voor den tijd van 6 maanden, zulks met ingang van 9 September a.s.
De Directeur, Dit document is een officiële voordracht voor een tuchtmaatregel binnen de Amsterdamse Centrale Markt. De kern van de zaak is de diefstal van 5 pond pruimen door een zogenaamde 'overkruier' genaamd A. de Lange op 24 augustus 1939. Het slachtoffer was de grossier H. Krant.
De directeur van de markt heeft direct opgetreden door de dader voor 14 dagen te schorsen (op basis van artikel 35 lid 1 van het Marktreglement). Hij acht dit echter onvoldoende en verzoekt de Wethouder voor de Levensmiddelen om een zwaardere sanctie te bewerkstelligen via het College van Burgemeester en Wethouders: een toegangsverbod van zes maanden (op basis van lid 2 van hetzelfde artikel). De brief toont de strikte handhaving en de hiërarchische afhandeling van vergrijpen op de marktplaats. De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam was in 1939 de spil van de voedselvoorziening in de stad. Een 'overkruier' was een losse arbeider die met een handkar of kruiwagen goederen transporteerde tussen de handelaren en de kopers. Omdat deze arbeiders grote vrijheid genoten op het marktterrein, was betrouwbaarheid essentieel; diefstal werd dan ook streng bestraft om het vertrouwen in de handelsplaats te waarborgen.
Opmerkelijk is de datum: 25 augustus 1939. Dit is slechts een week voor de Duitse inval in Polen en het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Terwijl de wereld op de rand van een wereldbrand stond, hield de Amsterdamse bureaucratie zich nog nauwgezet bezig met de diefstal van een paar pond fruit. De aanduiding 'Wethouder voor de Levensmiddelen' (toentertijd de SDAP'er Florentinus Marinus Wibaut of diens opvolger in de crisistijd) onderstreept het belang van de voedseldistributie in die jaren.