Archief 745
Inventaris 745-300
Pagina 410
Dossier 7
Jaar 1939
Stadsarchief

Archiefdocument

4 december (jaartal onbekend op dit blad, vermoedelijk eerste helft 20e eeuw) Van: Commissie van Advies (impliciet uit tekst)

Origineel

4 december (jaartal onbekend op dit blad, vermoedelijk eerste helft 20e eeuw) Commissie van Advies (impliciet uit tekst) 1                                                   4 December                      9.
                              85/4/6               den Heer Wethouder voor de
                           Amsterdam.            Levensmiddelen,

commissie uit de "Geschillencommissie-kramen". (Samenstelling
der subcommissie: voorzitter der geschillencommissie en twee
leden namelijk een vertegenwoordiger der stallenzetters en
een vertegenwoordiger der koopliedenorganisaties, aan te
wijzen door den voorzitter);
                              e. de subcommissie hoort den aanvrager en den
verhuurder, waarbij de aanvrager zijn materiaal tot nu toe
huurde.
                              Vooral in verband met hetgeen hierboven onder
e is vermeld, namelijk dat men zich, alvorens eigen materiaal
aan te schaffen, moet wenden tot een subcommissie uit de
"Geschillencommissie-kramen", geeft de Commissie van Advies
eenstemmig de voorkeur aan een regeling in het Reglement,
waarbij vooraf toestemming tot het plaatsen van een eigen
kraam (dat wil zeggen een kraam, die niet van een erkenden
verhuurder afkomstig is) wordt vereischt. Zij acht derhalve
de in Uw missive voorgestelde regeling, krachtens welke men
zonder meer een "eigen kraam" op de markt mag plaatsen, doch
zulks dezerzijds achteraf kan worden verboden, minder wensche-
lijk, omdat dit eenigermate indruischt tegen de tusschen de
belanghebbende organisaties gemaakte afspraken.
                              De Commissie wijst er voorts op, dat ook het
belang der marktkooplieden vordert, dat zij vooraf weten,
of het hun is toegestaan een eigen kraam aan te schaffen;
men vindt het bezwaarlijk, dat een koopman, nadat hij de
aanschaffingskosten heeft gemaakt, gevaar zou loopen, dat
hem het gebruik der eigen kraam wordt verboden.
                              Wat Uw vraag betreft, of, bij uitvaardiging van
de in Uw missive voorgestelde regeling, tevens een beroeps-
recht op Burgemeester en Wethouders moet worden opengesteld,
merkt de Commissie op, dat een dergelijk beroepsrecht ner-
gens in het Reglement op de Markten afzonderlijk is vermeld
en dat het daarom, naar haar meening, niet gewenscht is, dit
in één geval wel te doen. De Commissie acht het van zelf
sprekend, dat men tegen handelingen of besluiten van den
dienst in beroep kan gaan bij Burgemeester en Wethouders en
daarna bij den Raad. Ook een redactie, krachtens welke de * Kernboodschap: De Commissie adviseert tegen een regeling waarbij kooplieden zonder voorafgaande toestemming een eigen marktkraam mogen plaatsen. Ze pleiten voor verplichte toestemming vooraf om financiële risico's voor de koopman te voorkomen en om bestaande afspraken tussen stallenzetters en koopliedenorganisaties te respecteren.
* Juridisch/Procedureel: De Commissie ontraadt het instellen van een specifiek beroepsrecht voor deze situatie in het marktreglement, aangezien de algemene weg van beroep bij Burgemeester en Wethouders (en de Gemeenteraad) reeds openstaat.
* Terminologie: Het gebruik van woorden als "missive", "vordert", "dezerzijds" en de spelling "wenschelijk" en "vereischt" duiden op een formeel-ambtelijke stijl uit de vroege tot midden 20e eeuw. Dit document maakt deel uit van de gemeentelijke besluitvorming in Amsterdam betreffende het marktwezen. In die periode was de marktstalling vaak in handen van erkende "stallenzetters". Wanneer kooplieden zelf eigen kramen wilden aanschaffen, ontstonden er fricties tussen de belangen van de verhuurders, de kooplieden en het gemeentelijk toezicht. De "Geschillencommissie-kramen" speelde hierin een bemiddelende rol. De discussie over "vooraf toestemming" versus "controle achteraf" is typerend voor de bureaucratische ordening van de openbare marktruimte in een groeiende stad.

Samenvatting

  • Kernboodschap: De Commissie adviseert tegen een regeling waarbij kooplieden zonder voorafgaande toestemming een eigen marktkraam mogen plaatsen. Ze pleiten voor verplichte toestemming vooraf om financiële risico's voor de koopman te voorkomen en om bestaande afspraken tussen stallenzetters en koopliedenorganisaties te respecteren.
  • Juridisch/Procedureel: De Commissie ontraadt het instellen van een specifiek beroepsrecht voor deze situatie in het marktreglement, aangezien de algemene weg van beroep bij Burgemeester en Wethouders (en de Gemeenteraad) reeds openstaat.
  • Terminologie: Het gebruik van woorden als "missive", "vordert", "dezerzijds" en de spelling "wenschelijk" en "vereischt" duiden op een formeel-ambtelijke stijl uit de vroege tot midden 20e eeuw.

Historische Context

Dit document maakt deel uit van de gemeentelijke besluitvorming in Amsterdam betreffende het marktwezen. In die periode was de marktstalling vaak in handen van erkende "stallenzetters". Wanneer kooplieden zelf eigen kramen wilden aanschaffen, ontstonden er fricties tussen de belangen van de verhuurders, de kooplieden en het gemeentelijk toezicht. De "Geschillencommissie-kramen" speelde hierin een bemiddelende rol. De discussie over "vooraf toestemming" versus "controle achteraf" is typerend voor de bureaucratische ordening van de openbare marktruimte in een groeiende stad.

Gerelateerde Documenten 6