Archief 745
Inventaris 745-300
Pagina 418
Dossier 7
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtelijke brief/rapportage.

26 oktober 1939 (gebaseerd op stempel "26/10").

Origineel

Ambtelijke brief/rapportage. 26 oktober 1939 (gebaseerd op stempel "26/10"). Nº 85/102 4717 M. 1939 26/10
I

Aan den Heer Directeur van het Marktwezen.

Hierbij heb ik de eer het volgende onder Uw aandacht te brengen.
Ingevolge de in de op 17 Juli 1939 gehouden vergadering der marktcommissie gemaakte afspraak, is door mij, het vraagstuk van het aanschaffen van eigen stallenmateriaal door marktkooplieden, in een tweetal vergaderingen met de geschillencommissie behandeld.
De notulen van deze vergaderingen zijn reeds in Uw bezit.
Ten aanzien van het genoemde vraagstuk werd algeheele overeenstemming bereikt.
De overeenkomst kan in de volgende punten worden vastgelegd:
a. een koopman is vrij om eigen materiaal (kar of stal) aan te schaffen, in geval blijkt, dat het bedrijf van dien koopman aanschaffing van dit materiaal noodzakelijk maakt;
b. indien de koopman geen eigen loods of bergplaats bezit om dit nieuwe materiaal te stallen, moet hij dit materiaal [in de marge: bij verhuur] bergen bij den verhuurder, waar hij vroeger zijn kar of stal huurde;
c. het aan te schaffen materiaal zal als regel contant moeten worden betaald;
(De beoordeeling hieromtrent zal worden overgela. Dit document is een verslag van een ambtelijk overleg tussen de marktcommissie en de geschillencommissie in 1939. De kern van de zaak is de modernisering van het marktwezen: kooplieden wilden blijkbaar eigen materiaal (kramen en karren) bezitten in plaats van deze te huren bij de gemeente of externe verhuurders.

De gestelde voorwaarden voor eigen bezit zijn strikt:
1. Er moet een aantoonbare noodzaak zijn voor de bedrijfsvoering.
2. Er moet een oplossing zijn voor de stalling (om te voorkomen dat onbeheerd materiaal in de openbare ruimte blijft staan). Opvallend is dat men bij gebrek aan eigen opslag verplicht wordt terug te keren naar de oude verhuurder voor enkel de stalling.
3. Er moet direct (contant) betaald worden, wat duidt op een financieel voorbehoud om schuldenlast bij de kooplieden te voorkomen.

De tekst breekt onderaan de pagina af midden in een woord ("overgela."), wat suggereert dat er een vervolgpagina is. Het document dateert van oktober 1939, kort na de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog (waarin Nederland op dat moment nog neutraal was). Het "Marktwezen" was in die tijd een cruciale gemeentelijke dienst, zeker in steden als Amsterdam, die de distributie van goederen en de orde op de markten reguleerde.

De overgang van gehuurd naar eigen materiaal was een belangrijke sociaal-economische stap voor de individuele marktkoopman, omdat het zelfstandigheid bood, maar het bracht logistieke uitdagingen met zich mee voor de stad (ruimtegebrek voor stalling). De archiefstempels bovenin wijzen op een zorgvuldige administratieve verwerking binnen het gemeentelijk apparaat.

Samenvatting

Dit document is een verslag van een ambtelijk overleg tussen de marktcommissie en de geschillencommissie in 1939. De kern van de zaak is de modernisering van het marktwezen: kooplieden wilden blijkbaar eigen materiaal (kramen en karren) bezitten in plaats van deze te huren bij de gemeente of externe verhuurders.

De gestelde voorwaarden voor eigen bezit zijn strikt:
1. Er moet een aantoonbare noodzaak zijn voor de bedrijfsvoering.
2. Er moet een oplossing zijn voor de stalling (om te voorkomen dat onbeheerd materiaal in de openbare ruimte blijft staan). Opvallend is dat men bij gebrek aan eigen opslag verplicht wordt terug te keren naar de oude verhuurder voor enkel de stalling.
3. Er moet direct (contant) betaald worden, wat duidt op een financieel voorbehoud om schuldenlast bij de kooplieden te voorkomen.

De tekst breekt onderaan de pagina af midden in een woord ("overgela."), wat suggereert dat er een vervolgpagina is.

Historische Context

Het document dateert van oktober 1939, kort na de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog (waarin Nederland op dat moment nog neutraal was). Het "Marktwezen" was in die tijd een cruciale gemeentelijke dienst, zeker in steden als Amsterdam, die de distributie van goederen en de orde op de markten reguleerde.

De overgang van gehuurd naar eigen materiaal was een belangrijke sociaal-economische stap voor de individuele marktkoopman, omdat het zelfstandigheid bood, maar het bracht logistieke uitdagingen met zich mee voor de stad (ruimtegebrek voor stalling). De archiefstempels bovenin wijzen op een zorgvuldige administratieve verwerking binnen het gemeentelijk apparaat.

Gerelateerde Documenten 6