Extract uit het Boek der Besluiten van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam.
Origineel
Extract uit het Boek der Besluiten van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam. 2 februari 1940. No. 7 V.K. 1940. Uitgave gemeentelijk tijdschrift.
169 hm. 1940
Gezien [handgeschreven]
W~ [paraaf]
[Stempel in paars: № 1/5/2 M. 1940 9/2]
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten van
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam
Vrijdag 2 Februari 1940.
De Wethouder voor de Kunstzaken, tevens belast met de bevordering van het Vreemdelingenverkeer, herinnert aan de bespreking, in de vergadering van 24 Januari l.l. gehouden over de uitgave van een gemeentelijk tijdschrift.
De Wethouder voornoemd brengt ter sprake een rapport van het Hoofd van het Bureau voor Propaganda en Vreemdelingenverkeer van 31 Januari l.l., No. 32 P.V., over den redactioneelen en financieelen opzet van een dergelijke uitgave en legt aan de vergadering over een voorloopig model van een gemeentelijk maandblad.
De vergadering kan zich vereenigen met den in het rapport geschetsten opzet van een gemeentelijk maandblad benevens met het getoonde voorloopige model en besluit, opdracht te geven, de uitgave zoo mogelijk ingaande 1 April a.s. te doen verschijnen.
De vergadering besluit, als redacteur van het maandblad aan te wijzen Mr. P.J. Mijksenaar, Hoofd van het Bureau voor Propaganda en Vreemdelingenverkeer, die geregeld overleg zal plegen met de chefs der afdeelingen Gemeenteblad en Kunstzaken, en aan hoofden van afdeelingen, diensten en bedrijven op te dragen, den redacteur van het gemeentelijk maandblad alle noodige medewerking te verleenen, zoowel door het verschaffen van inlichtingen als anderszins.
De kosten, aan de uitgave van een gemeentelijk maandblad verbonden, welke voor een oplaag van 2000 exemplaren op een bedrag van ± f. 6500 per jaar te stellen zijn (derhalve voor 1940 op ± f. 4875), waartegenover een bate uit opbrengst van advertenties, enz. van ± f. 1000 's jaars wordt verwacht, zullen voor het jaar 1940 worden bestreden uit post 704a, art. 7, welke post ingevolge besluit van Burgemeester en Wethouders van 5 Januari 1940, No. 73/202 V.H. 1939, aan de begrooting voor den dienst 1940 is toegevoegd.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeeling Kunstzaken (10 stuks) en voorts aan alle overige afdeelingen der Gemeentesecretarie, alsmede aan het Bureau Gemeentesecretaris (5 stuks), den Gemeenteontvanger en het Pensioenbureau.
Voor eensluidend extract,
de Secretaris,
(get.) VAN LIER.
/ Dit document markeert de formele oprichting van een Amsterdams gemeentelijk maandblad. Het besluit is genomen door het college van Burgemeester en Wethouders (B&W) op 2 februari 1940.
De kernpunten uit het besluit zijn:
* Doel: De creatie van een periodieke publicatie om burgers te informeren en de stad te promoten.
* Redactie: Mr. P.J. Mijksenaar wordt aangesteld als redacteur. Zijn dubbelrol als hoofd van het Bureau voor Propaganda en Vreemdelingenverkeer onderstreept het tweeledige doel van het blad: interne voorlichting en externe citymarketing.
* Financiën: De jaarlijkse kosten worden geraamd op 6.500 gulden voor een oplage van 2.000 exemplaren, deels gedekt door advertentie-inkomsten (1.000 gulden).
* Samenwerking: Er wordt een expliciete opdracht gegeven aan alle gemeentelijke diensten om medewerking te verlenen aan de redactie. Het document dateert van vlak voor de Duitse inval in Nederland (mei 1940). Het laat zien dat het Amsterdamse stadsbestuur, ondanks de oorlogsdreiging in Europa, nog volop bezig was met het professionaliseren van de eigen communicatie en het stimuleren van het "vreemdelingenverkeer" (toerisme).
De figuur P.J. Mijksenaar is historisch van belang; hij wordt beschouwd als een pionier op het gebied van de Amsterdamse citymarketing en overheidsvoorlichting. De nadruk op "propaganda" in zijn functietitel moet in de context van die tijd worden gezien als "voorlichting" of "promotie", hoewel de term kort na dit besluit, onder de bezetting, een veel negatievere lading zou krijgen. Het maandblad waarover gesproken wordt, zou later evolueren en de basis leggen voor de moderne gemeentelijke communicatievormen van de stad Amsterdam.