Archiefdocument
Origineel
17 april 1940 (stempel), afgehandeld op 18 april 1940. GEMEENTE AMSTERDAM
Bevolkingsregister AMSTERDAM, [stempel: 17 APR. 1940]
AFD. [handgeschreven: C. 91 B.R. en Verk.]
No. [handgeschreven: 11-47] MEN WORDT VERZOCHT BIJ HET ANTWOORD
BIJLAGEN NAUWKEURIG HET NUMMER EN DE AFDEELING
VAN DIT SCHRIJVEN TE VERMELDEN.
[stempel in paars: Nº 1/25/1 M. 1940 10/4]
Onder toezending van bijgaande Openbare
Kennisgeving, waarvan de publicatie verplichtend is
gesteld bij artikel 112 van het besluit bevolkings-
boekhouding, staatsblad 1936, № 342, verzoek ik U
beleefd deze in de ruimte bestemd voor het publiek van
Uw bureau te doen ophangen of opplakken.
Met dank voor Uwe bereidwilligheid,
[handgeschreven in rood/bruin: Ophangen en gedistribueerd. 18/4-'40 [paraaf]]
De Administrateur, Chef der Afdeeling
Bevolkingsregister en Verkiezingen,
[handgeschreven handtekening]
Aan [handgeschreven: den Heer Directeur Marktwezen]
Model G.A. 6
25.000—5—’36 Dit document is een formele brief van de Amsterdamse afdeling Bevolkingsregister aan de directeur van de dienst Marktwezen. De strekking van de correspondentie is de verspreiding van een 'Openbare Kennisgeving'. De afzender verzoekt de ontvanger om dit document op te hangen in de publieksruimte van zijn kantoor. Het document verwijst naar artikel 112 van het 'besluit bevolkingsboekhouding' uit 1936, wat aangeeft dat het hier om een wettelijke administratieve plicht gaat. Een handgeschreven kanttekening aan de linkerzijde bevestigt dat de instructie op 18 april 1940 is uitgevoerd ("Ophangen en gedistribueerd"). De datum van de brief, 17 april 1940, is historisch saillant: dit is minder dan een maand voordat de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940) plaatsvond. Op dit moment functioneerde het Amsterdamse ambtenarenapparaat nog volledig onder de vigerende Nederlandse wetgeving van voor de oorlog. Het Bevolkingsregister was een cruciaal instrument voor de organisatie van de stad en de registratie van haar burgers. De dienst Marktwezen was verantwoordelijk voor de vele markten in Amsterdam, locaties waar dagelijks duizenden mensen kwamen, waardoor hun kantoren ideale plekken waren voor officiële overheidsmededelingen aan het grote publiek. Het besluit bevolkingsboekhouding uit 1936 was bedoeld om de registratie van de Nederlandse bevolking te moderniseren en te uniformeren, een proces dat later tijdens de bezetting onbedoeld zou bijdragen aan de efficiëntie waarmee de bezetter de bevolking kon controleren.