Archief 745
Inventaris 745-305
Pagina 90
Dossier 83
Jaar 1940
Stadsarchief

Militaire order / Dienstmededeling.

20 april 1940. Van: Garnizoenscommandant van Amsterdam (Luitenant-Kolonel W.A. Boswijk). Aan: Den Heer Administrateur, Hoofd Afd. Alg. Zaken (Mr. J.F. Franken).

Origineel

Militaire order / Dienstmededeling. 20 april 1940. Garnizoenscommandant van Amsterdam (Luitenant-Kolonel W.A. Boswijk). Den Heer Administrateur, Hoofd Afd. Alg. Zaken (Mr. J.F. Franken). (Handgeschreven bovenaan:)
№ 424 Lm. 1940
Marktw
№ 1/29/1 M. 1940 ½/5

Garnizoenscommandant Amsterdam, 20 April 1940.
van
Amsterdam

No. 30 Bew.Geh.

Onderwerp:
Legitimatiebewijzen enz.

(Handgeschreven aantekening in het midden:)
Dit Besluit heeft betrekking op gebouwen, die door Militairen worden bewaakt, dus niet op de C. Markt. Gez [Handtekening] 1-5-40

(Handgeschreven rechtsboven:)
H. Broerke (vertrouwelijk)
Kapitein [Handtekening]
1/5-40 [Handtekening]

(Stempel links:)
Gezien
[Handtekening]

De wacht in de Oranje-Nassau-kazerne is vanaf heden tevens Garnizoenswacht.
Al het personeel van de Militaire Politietroepen moet voorzien zijn van legitimatiebewijzen. Bij het betreden van gebouwen of terreinen moet dit getoond worden aan hen die bevoegd zijn daarnaar te vragen.
Wachtcommandanten onverschillig van welke troepenonderdeelen, moeten eveneens voorzien zijn van legitimatiebewijzen, afgegeven door den C. van het betrokken onderdeel (van I Bat. Bew. Tr.: door den C. van dit Bataljon).
Alvorens op wacht te trekken, neemt de C. dit bewijs in ontvangst bij zijn C. Na aflossing wordt dit bewijs wederom ingeleverd.
Korporaals van aflossing, die posten brengen in andere gebouwen dan waarin de wacht is gelegen, worden door den wachtcommandant tijdelijk in het bezit gesteld van diens legitimatiebewijs.
Militairen, niet in het bezit van een legitimatiebewijs (onder legitimatiebewijs eveneens die te verstaan, genoemd in de door mij vastgestelde algemeene consignes voor Cn. van wachten) mogen in (op) te bewaken gebouwen of terreinen voor zoover deze niet voor het publiek toegankelijk zijn, niet worden toegelaten, tenzij het meerderen zijn onder wiens rechtstreeks bevel de wachtcommandant staat (C.C.; B.C.; Garn. Ct. Het gestelde in vorengenoemde algemeene consignes voor Cn. van wachten blijft van kracht.
De verschillende consignes voor wachten en posten moeten in overeenstemming met het vorenstaande worden aangevuld.
De legitimatiebewijzen te doen maken van gekleurd carton. Behalve van stempel moeten ze voorzien zijn van datum en handteekening van den uitgever (GEEN handteekeningsstempel). Voor militairen, niet tot de Ptr. behoorende, behoeven ze niet op naam te worden gesteld. De noodige maatregelen dienen te worden genomen, dat ze niet in verkeerde handen vallen.
Mocht een bewijs zoek raken, dan moeten alle andere worden ingetrokken en nieuwe van een andere kleur met anderen datum worden uitgegeven.
Indien de legitimatiebewijzen worden gedrukt, zal het aanbeveling verdienen dit reeds dadelijk in verschillende kleuren te doen plaats vinden.

De Luitenant-Kolonel,
Garnizoenscommandant.
W.A. Boswijk.

Den Heer Administrateur,
Hoofd Afd. Alg. Zaken.
(Mr. J.F. Franken).

--- Dit document is een officiële order van de Garnizoenscommandant van Amsterdam betreffende de aanscherping van de toegangscontrole op militaire objecten. De kernpunten zijn:

  1. Uniformering van legitimatie: Er wordt een strikt systeem van legitimatiebewijzen ingevoerd voor alle militairen die wachtlopen of objecten betreden.
  2. Beveiligingsprotocol: De bewijzen moeten bij aanvang van de wacht worden afgehaald en bij beëindiging worden ingeleverd. Dit duidt op een streng beheer om misbruik te voorkomen.
  3. Preventie van vervalsing: Er wordt expliciet vermeld dat handtekeningen origineel moeten zijn (geen stempels) en dat er gewerkt moet worden met gekleurd karton. Bij verlies van één bewijs moet de gehele serie worden vervangen door een nieuwe kleur, een klassieke methode om gecompromitteerde veiligheidssystemen te herstellen.
  4. Uitzonderingen: De handgeschreven kanttekening verduidelijkt dat deze strikte militaire regels niet gelden voor de 'Centrale Markt', maar enkel voor specifiek door militairen bewaakte gebouwen.

--- De datum van het document, 20 april 1940, is cruciaal. Dit is minder dan drie weken vóór de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Het document weerspiegelt de staat van paraatheid en de toenemende nervositeit over spionage, sabotage en de zogenaamde "vijfde colonne".

De Oranje-Nassau-kazerne in Amsterdam was een strategisch knooppunt. Door deze kazerne aan te wijzen als centrale garnizoenswacht, probeerde de legerleiding de controle over de stad en haar militaire installaties te centraliseren. De strikte instructies voor legitimatiebewijzen laten zien dat men bang was voor infiltranten in Nederlands uniform, een vrees die tijdens de meidagen van 1940 bewaarheid zou worden. Het feit dat dit document gericht is aan een civiel administrateur (Mr. Franken), wijst op de noodzakelijke coördinatie tussen het militair gezag en het gemeentelijk apparaat van Amsterdam tijdens de mobilisatie.

Samenvatting

Dit document is een officiële order van de Garnizoenscommandant van Amsterdam betreffende de aanscherping van de toegangscontrole op militaire objecten. De kernpunten zijn:

  1. Uniformering van legitimatie: Er wordt een strikt systeem van legitimatiebewijzen ingevoerd voor alle militairen die wachtlopen of objecten betreden.
  2. Beveiligingsprotocol: De bewijzen moeten bij aanvang van de wacht worden afgehaald en bij beëindiging worden ingeleverd. Dit duidt op een streng beheer om misbruik te voorkomen.
  3. Preventie van vervalsing: Er wordt expliciet vermeld dat handtekeningen origineel moeten zijn (geen stempels) en dat er gewerkt moet worden met gekleurd karton. Bij verlies van één bewijs moet de gehele serie worden vervangen door een nieuwe kleur, een klassieke methode om gecompromitteerde veiligheidssystemen te herstellen.
  4. Uitzonderingen: De handgeschreven kanttekening verduidelijkt dat deze strikte militaire regels niet gelden voor de 'Centrale Markt', maar enkel voor specifiek door militairen bewaakte gebouwen.

Historische Context

De datum van het document, 20 april 1940, is cruciaal. Dit is minder dan drie weken vóór de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Het document weerspiegelt de staat van paraatheid en de toenemende nervositeit over spionage, sabotage en de zogenaamde "vijfde colonne".

De Oranje-Nassau-kazerne in Amsterdam was een strategisch knooppunt. Door deze kazerne aan te wijzen als centrale garnizoenswacht, probeerde de legerleiding de controle over de stad en haar militaire installaties te centraliseren. De strikte instructies voor legitimatiebewijzen laten zien dat men bang was voor infiltranten in Nederlands uniform, een vrees die tijdens de meidagen van 1940 bewaarheid zou worden. Het feit dat dit document gericht is aan een civiel administrateur (Mr. Franken), wijst op de noodzakelijke coördinatie tussen het militair gezag en het gemeentelijk apparaat van Amsterdam tijdens de mobilisatie.

Kooplieden in dit dossier 31

Aandeel Bedrijfskap.aardapp.-gross.
Afschrijving auto's
Algemene onkosten
Bananen rijpinrichting
Drukwerk & kantoorkosten
Dubieuze Debiteuren
G.G.D. In Waterlooplein
G.G.D. In Waterlooplein " 3.001,40
G.G.D. In Waterlooplein " 820,--
Gebouwen, op of tegen Waterlooplein " 1.250,--
Gebouwen, op of tegen Waterlooplein
Gebouwen, op of tegen Waterlooplein
Gebouwen, op of tegen Waterlooplein
Gebouwen, op of tegen Waterlooplein
T. Girorekening Nieuwmarkt " 6.655.58
H. van Waterlooplein Bl. Distelweg 6 huis
Intrest en kosten Middenst.bank
Licht- en trammasten en lantaarnpalen Waterlooplein
Loon en Sociale Lasten
Salaris H.G.Ruhe f 144.587.14
Stat.Reserve Centr.Werkg.Ris.Bk.
Terreinen, op Waterlooplein " 202,17
Terreinen, op Waterlooplein " 1.045,--
Te verminderen met de pensioenbijdragen, door het personeel te betalen . . . . . . . . . . . . . . Waterlooplein
Te verminderen met de pensioenbijdragen, door het personeel te betalen . . . . . . . . . . . . . . . Waterlooplein
Vinkeveen aankoop
Alle 31 kooplieden →