Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen. 23 mei 1940 (vlak na de Nederlandse capitulatie). De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of een gerelateerde gemeentelijke dienst). ten. H. Broere [handgeschreven rechtsboven]
VP/HG.
1/39/2 M.
Verzonden 23/5-140. [handgeschreven]
23 Mei 1940.
den Heer Officier van
Justitie bij de Arrondissements-
rechtbank te Amsterdam,
Kl. Gartmanplantsoen,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 5.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 21 Mei jl. (No.
1623/II/AZ1940) heb ik de eer U te berichten, dat Jan Fre-
derik Muller, geboren 26 Februari 1906 te Amsterdam en
wonende aldaar in een logement aan de Oude Zijds Achterburg-
wal 39 A, bij mijn dienst niet voor 30 Maart jl. heeft mee-
gedeeld, dat hij zijn legitimatiekaart van de Centrale Markt
had verloren.
De Directeur, Deze ambtelijke correspondentie betreft een verificatievraag van het Openbaar Ministerie aan een gemeentelijke instantie (waarschijnlijk het beheer van de Centrale Markthallen). De kern van de zaak is de datum waarop een zekere Jan Frederik Muller het verlies van zijn legitimatiekaart heeft gemeld. De directeur bevestigt dat Muller dit verlies niet vóór 30 maart 1940 heeft aangegeven.
Het feit dat de Officier van Justitie hiernaar informeert, suggereert dat de vermiste kaart mogelijk is misbruikt, of dat Muller verdacht wordt van een strafbaar feit waarbij het tijdstip van verlies van zijn identiteitsbewijs cruciaal is voor zijn alibi of verklaring. Het adres van de betrokkene (Oude Zijds Achterburgwal 39 A) wijst op een verblijf in een logement, wat in die tijd vaak bewoond werd door ongehuwde arbeiders of personen in een sociaal kwetsbare positie. De brief is gedateerd op 23 mei 1940, slechts negen dagen na het bombardement op Rotterdam en de Nederlandse overgave. Ondanks de shock van de Duitse bezetting draaide de bureaucratische machine van de politie, justitie en de gemeente Amsterdam gewoon door.
De Centrale Markt in Amsterdam was een vitale schakel in de voedselvoorziening. Een legitimatiekaart gaf toegang tot dit terrein. In tijden van schaarste en beginnende distributie (die al voor de oorlog was voorbereid) waren dergelijke bewijzen zeer fraudegevoelig en gewild voor de zwarte handel. De precieze datering van het verlies van een dergelijk document was daarom van groot belang voor strafrechtelijk onderzoek. De vermelding "Wijk 5" duidt op de specifieke politieressort-indeling van Amsterdam in die periode.