Getypt afschrift van een officieel bericht of krantenartikel.
Origineel
Getypt afschrift van een officieel bericht of krantenartikel. 20 juni 1940 (inhoudelijk), met archiefnotaties uit juni en oktober 1940. No.1/62/35 M.1940 31/10.
No.602 L.M.1940 24/6.
AFSCHRIFT.-
SCHILLENBOER EN VODDENKOOPMAN OFFICIEELE PERSONEN.
Utrecht organiseert een "afvaldienst"
Gemeente voornemens varkens te fokken.
UTRECHT, 20 Juni.- De huisvrouwen zullen het hier ter stede binnenkort nog wat drukker hebben. Zy krygen drie lieden aan de deur voor het ophalen van afval, nl. den gewonen vuilnisman, den officieelen, van gemeentewege aangewezen schillenboer, die behalve schillen ook groentenafval meeneemt, en ten slotte den van gemeentewege aangestelden voddenkoopman, die zich belast met de inzameling van metalen, textielstoffen, beenderen, papier, rubber en nog meer.
= De gemeenteraad besloot vanmiddag, zonder hoofdelyke stemming tot aanvaarding van de voordracht van B.en W., betreffende wyziging van de verordening-Straatpolitie, met het oog op de inzameling van afvalstoffen. Voor dit alles is in byzondere mate de medewerking van het publiek noodig.
Wethouder H.Ploeg, onder wien het Marktwezen en het Reinigingswezen ressorteeren, deelde ons mede, dat de belangrykste vraag is hoe al de stoffen zoo economisch mogelyk worden verwerkt. Dat is echter den kwestie, die het gemeentebestuur zelf niet behoeft op te lossen, want er bestaan regeeringsbureaux, die er wel voor zullen zorgen, dat de stoffen nuttig verwerkt worden.
De organisatie welkenin deze stad in het leven is geroepen, zoo vertelde ons de Wethouder verder, heeft er alleen voor te zorgen, dat de materialen zoo economisch en zoo intensief mogelyk worden opgehaald. De huisvrouw heeft nu een belangryke taak te vervullen, want zy moet zorgen, dat de verschillende nog bruikbare stoffen niet tusschen het huisvuil komen. Vandaar dan ook de instelling van drieerlei ophaaldiensten. De gemeente ontwierp een vergunningsstelsel om niemand schade te berokkenen.
Zy, die thans hun bestaan vinden in het ophalen van vodden e.d. behoeven dus niet bang te zyn, dat zy minder zullen gaan verdienen of hun werk in het geheel niet meer kunnen doen. De bona fide voddenkooplieden kunnen een vergunning krygen van de gemeente. Die vergunningen zullen gelden voor bepaalde wijken in de stad. De voddenkoopman zal er echter wel voor moeten zorgen, dat de goederen op tyd worden afgehaald. Daarom zal getracht worden dit ophalen xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx * Taal en spelling: Het document is geschreven in de destijds gangbare spelling (bijv. "officieele", "hoofdelyke", "wyziging", "tusschen"). Opvallend is het gebruik van de "y" in plaats van "ij" in veel woorden, wat typerend is voor bepaalde schrijfmachines of administratieve stijlen uit die periode. Er staat een typefout in de tekst ("welkenin" in plaats van "welke in").
* Inhoudelijke kern: De gemeente Utrecht professionaliseert de informele sector van afvalinzamelaars. De schillenboer en voddenkoopman worden "officiële personen" met een gemeentelijke vergunning.
* Recycling avant la lettre: De nadruk ligt op de economische waarde van afval. Groenteafval dient als voer voor varkens (die de gemeente zelf wil gaan fokken), terwijl metalen, textiel, botten en rubber worden ingezameld voor industriële herverwerking.
* Sociale aspecten: Er wordt gesproken over een "vergunningsstelsel" om de "bona fide" (te goeder trouw) ondernemers te beschermen en de wildgroei aan inzamelaars te reguleren. * Historische context: Dit document dateert van juni 1940, slechts enkele weken na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting.
* Schaarsche en Oorlogseconomie: De bezetter en de Nederlandse overheid begonnen direct met het organiseren van de grondstoffenvoorraad. Hergebruik werd essentieel omdat de import van grondstoffen door de oorlog stilviel. De "Rijksbureaus" (in de tekst "regeeringsbureaux") speelden hierin een centrale rol.
* Rol van de vrouw: De tekst richt zich expliciet tot de "huisvrouw". In de jaren '40 werd zij gezien als de spil in de huishoudelijke oorlogsvoering; door goed te scheiden aan de bron droeg zij direct bij aan de economische zelfvoorzienendheid.
* Wethouder Ploeg: H. Ploeg was een bekend Utrechts bestuurder. Zijn betrokkenheid markeert de overgang van particuliere liefdadigheid of informele handel naar een strak geregisseerde gemeentelijke reinigingsdienst.