Doorslag van een ambtelijke brief (waarschijnlijk afkomstig uit een gemeentelijk archief).
Origineel
Doorslag van een ambtelijke brief (waarschijnlijk afkomstig uit een gemeentelijk archief). 13 september 1940. De Directeur (dienst onbekend, mogelijk Marktwezen of Stadsreiniging). Handgeschreven (bovenaan): extra
Getypt:
VP/HG.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
1/62/24 M. 2 13 September 1940.
Aanvraag vergunning voor het
ophalen van oud papier ten
name van G.J.Sijmons.
Onder terugzending van de met Uw kantbrieven d.d. 23 en 30 Augustus jl. om advies ontvangen stukken no.794 en 822 L.M.1940 heb ik de eer U te berichten, dat een destijds aan adressant verleende voorkeurskaart voor een plaats op de markt Lindengracht op 30 Mei jl. is ingetrokken, wegens het niet regelmatig bezetten van een plaats op de bedoelde markt (artikel 10 sub b van het Reglement op de Markten). Ter toelichting van zijn verzoek is hij ten kantore van mijn dienst ontboden, aangezien uiteraard voor het ophalen van oud papier geen vergunning wordt vereist. Hij heeft meegedeeld, dat hij zijn verzoek intrekt, weshalve ik U beleefd in overweging geef de onderhavige aangelegenheid als afgedaan te beschouwen.
De Directeur, In dit schrijven rapporteert een directeur (vermoedelijk van de Dienst Marktwezen) aan de wethouder over een lopende zaak betreffende de heer G.J. Sijmons. De kern van de zaak is een misverstand aan de zijde van de burger. Sijmons was zijn vaste standplaats op de markt aan de Lindengracht kwijtgeraakt omdat hij er te vaak niet was (conform het marktreglement).
Blijkbaar heeft Sijmons hierop een aanvraag ingediend voor het ophalen van oud papier, wellicht in de veronderstelling dat hij hiervoor een specifieke marktvergunning of ontheffing nodig had. De dienst stelt echter vast dat voor het ophalen van oud papier "uiteraard geen vergunning wordt vereist". Nadat dit aan Sijmons is uitgelegd tijdens een gesprek op het kantoor, heeft hij zijn aanvraag ingetrokken. De brief dient om het dossier bij de wethouder formeel te sluiten. Het document dateert van september 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De functietitel "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze periode cruciaal, aangezien de schaarste toenam en de distributie van goederen strikt geregeld werd.
De inzameling van oud papier was in deze jaren van groot belang voor de oorlogseconomie en de recycling van grondstoffen. Dat de directeur opmerkt dat hiervoor "uiteraard" geen vergunning nodig is, duidt op een relatief vrije toegang tot deze kleinschalige beroepsactiviteit in die fase van de bezetting, vaak uitgeoefend door mensen die hun reguliere inkomsten (zoals een marktkraam) waren kwijtgeraakt. De genoemde "Lindengracht" is een bekende marktlocatie in de Amsterdamse Jordaan.