Archief 745
Inventaris 745-305
Pagina 337
Dossier 7
Jaar 1940
Stadsarchief

Gedrukt officieel besluit / verordening (onderdeel van een groter geheel, waarschijnlijk een staatsblad of officieel mededelingenblad).

Origineel

Gedrukt officieel besluit / verordening (onderdeel van een groter geheel, waarschijnlijk een staatsblad of officieel mededelingenblad). [Pagina 2]

Volgn. 448 | 2

schadelijk is of kan zijn, van ondeugdelijke samenstelling is, in ondeugdelijken toestand verkeert of niet voldoet aan de eischen of ten aanzien waarvan niet is voldaan aan de eischen, gesteld krachtens de genoemde wet, met uitzondering van art. 16 van die wet;
een en ander met dien verstande, dat tot de hierboven onder 3, 4, 5, 6 en 7 bedoelde afvalstoffen niet worden gerekend te behooren afvallen van levensmiddelen in den zin van het Afvallenbesluit 1940 I;
8 „doodgeboren dieren”: doodgeboren en gestorven éénhoevige dieren en runderen of deelen van deze, welke jonger zijn dan 7 dagen en schapen, geiten en varkens, welke jonger zijn dan 30 dagen.

ART. 2
1. Onverminderd het bepaalde bij of krachtens eenig ander wettelijk voorschrift is een ieder verplicht alle te zijner beschikking staande vleeschafvallen, afvallen van wild en gevogelte, vischafvallen, beenderen, ondeugdelijke vleeschwaren en doodgeboren dieren ter beschikking te stellen van het bestuur van de gemeente, op welker grondgebied de genoemde afvalstoffen aanwezig zijn, dan wel van den houder eener vergunning, als bedoeld in art. 5, lid 1.
2. Het bepaalde in het eerste lid geldt niet ten aanzien van afvalstoffen welke de houder bestemd heeft om te worden gebruikt in zijn bedrijf of door dezen in de normale uitoefening van zijn bedrijf verhandeld plegen te worden, onder voorwaarde, dat door den houder ten aanzien van die afvalstoffen wordt gehandeld overeenkomstig de door den Secretaris-Generaal, zoo noodig, te geven voorschriften.

ART. 3
1. De raden van de gemeenten stellen bij verordening regelen vast betreffende de wijze, waarop de in het eerste lid van art. 2 genoemde afvalstoffen ter beschikking moeten worden gesteld.
2. Zij dragen zorg, dat de verordeningen steeds in overeenstemming zijn met de door den Secretaris-Generaal gegeven aanwijzingen.
3. De in dit artikel bedoelde verordeningen, alsmede de verordeningen tot wijziging daarvan worden terstond na haar vaststelling in door den Secretaris te waarmerken afschrift aan den Secretaris-Generaal medegedeeld.

ART. 4
1. Indien de raad eener gemeente binnen één maand na den dag van de afkondiging van dit besluit niet of niet behoorlijk heeft voldaan aan de verplichting, opgelegd in art. 3, lid 1, zal de Secretaris-Generaal burgemeester en wethouders uitnoodigen binnen een bepaalden termijn de noodige regelen vast te stellen en hem mede te deelen overeenkomstig het bepaalde in art. 3, lid 3.
2. Indien burgemeester en wethouders aan zoodanige uitnoodiging niet of niet behoorlijk voldoen, stelt de Secretaris-Generaal de regelen vast.

[Pagina 3]

3 | Volgn. 448

  1. Regelen, ingevolge het bepaalde in de beide vorige leden vastgesteld, worden geacht te zijn vastgesteld door den gemeenteraad.
  2. Het bepaalde in de vorige leden vindt overeenkomstige toepassing, indien een plaatselijke verordening niet in overeenstemming is met de door den Secretaris-Generaal gegeven aanwijzingen en de gemeenteraad heeft nagelaten onverwijld de vereischte wijzigingen aan te brengen.

ART. 5
1. Burgemeester en wethouders dragen zorg, dat de in het eerste lid van art. 2 genoemde afvalstoffen worden ingezameld. De inzameling vindt plaats met inachtneming van de door of vanwege den Secretaris-Generaal gegeven aanwijzingen. Voor zoover de gemeente de inzameling niet zelf ter hand neemt, geschiedt zij door personen of lichamen, in het bezit van een voor dat doel door burgemeester en wethouders afgegeven vergunning.
2. Aan de vergunning worden de voorwaarden verbonden, noodig om een doeltreffende inzameling te waarborgen.
3. Indien de aan de vergunning verbonden voorwaarden of de in art. 6 bedoelde aanwijzingen geheel of gedeeltelijk niet worden nagekomen, wordt de vergunning door burgemeester en wethouders ingetrokken.

ART. 6
1. Burgemeester en wethouders of de houders eener vergunning, als bedoeld in art. 5, lid 1, handelen met de ingezamelde afvallen en cadavers overeenkomstig de aanwijzingen, gegeven door of vanwege den Secretaris-Generaal.
2. Bij de in het vorige lid bedoelde aanwijzingen kan met name de bestemming van de ingezamelde afvalstoffen worden geregeld en kunnen de prijzen worden bepaald, waartegen de afvalstoffen ten hoogste zullen mogen worden te koop aangeboden en verkocht.

ART. 7
Het inzamelen van afvalstoffen, welke ingevolge het bepaalde in art. 2 ter beschikking moeten worden gesteld, is zonder vergunning van burgemeester en wethouders verboden.

ART. 8
1. Hij, die niet of niet behoorlijk voldoet aan de verplichtingen, opgelegd in art. 2, lid 1, of krachtens art. 3, lid 1, dan wel handelt in strijd met het verbod, gesteld in art. 7, wordt gestraft met een geldboete van ten hoogste f 1000 of hechtenis van ten hoogste 6 maanden.
2. Met gelijke straf wordt gestraft de houder eener vergunning, als bedoeld in art. 5, lid 1, die de in art. 6 bedoelde aanwijzingen niet in acht neemt.
3. De feiten, strafbaar gesteld in het eerste en tweede lid, worden beschouwd als overtredingen.

--- * Kern: Dit document regelt de dwingende inzameling van dierlijke bijproducten (slachtafval, kadavers van jonge dieren, visafval, beenderen). Burgers en bedrijven worden verplicht dit materiaal af te staan aan de gemeente of aan geautoriseerde vergunninghouders.
* Hiërarchie: Er is een duidelijke top-down structuur zichtbaar. Hoewel de gemeenten (raad en B&W) de uitvoering regelen, hebben zij nauwelijks beleidsvrijheid. De "Secretaris-Generaal" geeft de bindende aanwijzingen. Als een gemeente niet meewerkt, neemt de Secretaris-Generaal de bevoegdheid over (Art. 4).
* Doel: De regeling dient waarschijnlijk twee doelen: volksgezondheid (voorkomen van verspreiding van dierziekten door onjuiste verwerking van kadavers) en economische sturing (hergebruik van schaarse grondstoffen zoals vetten en beenderen, en prijsbeheersing volgens Art. 6 lid 2).
* Handhaving: Overtredingen worden zwaar bestraft met boetes tot 1000 gulden of gevangenisstraf, wat voor die tijd aanzienlijke sancties waren.

--- Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De terminologie verraadt dit onmiddellijk:
1. Afvallenbesluit 1940 I: Verwijst naar wetgeving die vlak na het begin van de bezetting werd ingevoerd.
2. De rol van de Secretaris-Generaal: Tijdens de bezetting, toen de koningin en de ministers in Londen verbleven, werden de departementen bestuurd door de Secretarissen-Generaal. Zij kregen van de bezetter uitgebreide wetgevende en uitvoerende macht. In dit document fungeert de Secretaris-Generaal (waarschijnlijk van Landbouw en Visserij of van Binnenlandsche Zaken) als de hoogste autoriteit die gemeenteraden kan passeren.
3. Grondstoffenschaarste: Tijdens de oorlog was er een grote behoefte aan het centraal beheren van grondstoffen. Slachtafval en kadavers waren waardevol voor de productie van onder andere zeep, lijm en diervoeder. Door de inzameling centraal te stellen en prijzen te maximeren, probeerde het bestuur de distributie in de oorlogseconomie te beheersen.

Samenvatting

  • Kern: Dit document regelt de dwingende inzameling van dierlijke bijproducten (slachtafval, kadavers van jonge dieren, visafval, beenderen). Burgers en bedrijven worden verplicht dit materiaal af te staan aan de gemeente of aan geautoriseerde vergunninghouders.
  • Hiërarchie: Er is een duidelijke top-down structuur zichtbaar. Hoewel de gemeenten (raad en B&W) de uitvoering regelen, hebben zij nauwelijks beleidsvrijheid. De "Secretaris-Generaal" geeft de bindende aanwijzingen. Als een gemeente niet meewerkt, neemt de Secretaris-Generaal de bevoegdheid over (Art. 4).
  • Doel: De regeling dient waarschijnlijk twee doelen: volksgezondheid (voorkomen van verspreiding van dierziekten door onjuiste verwerking van kadavers) en economische sturing (hergebruik van schaarse grondstoffen zoals vetten en beenderen, en prijsbeheersing volgens Art. 6 lid 2).
  • Handhaving: Overtredingen worden zwaar bestraft met boetes tot 1000 gulden of gevangenisstraf, wat voor die tijd aanzienlijke sancties waren.

Historische Context

Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De terminologie verraadt dit onmiddellijk:
1. Afvallenbesluit 1940 I: Verwijst naar wetgeving die vlak na het begin van de bezetting werd ingevoerd.
2. De rol van de Secretaris-Generaal: Tijdens de bezetting, toen de koningin en de ministers in Londen verbleven, werden de departementen bestuurd door de Secretarissen-Generaal. Zij kregen van de bezetter uitgebreide wetgevende en uitvoerende macht. In dit document fungeert de Secretaris-Generaal (waarschijnlijk van Landbouw en Visserij of van Binnenlandsche Zaken) als de hoogste autoriteit die gemeenteraden kan passeren.
3. Grondstoffenschaarste: Tijdens de oorlog was er een grote behoefte aan het centraal beheren van grondstoffen. Slachtafval en kadavers waren waardevol voor de productie van onder andere zeep, lijm en diervoeder. Door de inzameling centraal te stellen en prijzen te maximeren, probeerde het bestuur de distributie in de oorlogseconomie te beheersen.

Kooplieden in dit dossier 31

Aandeel Bedrijfskap.aardapp.-gross.
Afschrijving auto's
Algemene onkosten
Bananen rijpinrichting
Drukwerk & kantoorkosten
Dubieuze Debiteuren
G.G.D. In Waterlooplein
G.G.D. In Waterlooplein " 3.001,40
G.G.D. In Waterlooplein " 820,--
Gebouwen, op of tegen Waterlooplein " 1.250,--
Gebouwen, op of tegen Waterlooplein
Gebouwen, op of tegen Waterlooplein
Gebouwen, op of tegen Waterlooplein
Gebouwen, op of tegen Waterlooplein
T. Girorekening Nieuwmarkt " 6.655.58
H. van Waterlooplein Bl. Distelweg 6 huis
Intrest en kosten Middenst.bank
Licht- en trammasten en lantaarnpalen Waterlooplein
Loon en Sociale Lasten
Salaris H.G.Ruhe f 144.587.14
Stat.Reserve Centr.Werkg.Ris.Bk.
Terreinen, op Waterlooplein " 202,17
Terreinen, op Waterlooplein " 1.045,--
Te verminderen met de pensioenbijdragen, door het personeel te betalen . . . . . . . . . . . . . . Waterlooplein
Te verminderen met de pensioenbijdragen, door het personeel te betalen . . . . . . . . . . . . . . . Waterlooplein
Vinkeveen aankoop
Alle 31 kooplieden →