Archief 745
Inventaris 745-306
Pagina 22
Dossier 1
Jaar 1940
Stadsarchief

Afschrift van een circulair besluit (Provinciaal Blad van Noord-Holland).

1 augustus 1940.

Origineel

Afschrift van een circulair besluit (Provinciaal Blad van Noord-Holland). 1 augustus 1940. [Bovenaan handgeschreven in zwarte inkt:]
№ II 1/69/1 M. 1940 16/8

[Rechtsbovenaan handgeschreven naam:]
Marthur [?]

[Linksboven:]
No. 763 L.M. 1940.

[Rechtsboven:]
Afschrift

[Handgeschreven in blauwe en rode inkt, rechtsboven het midden:]
Ar. Spuma [?] (3)
Ar. Wijler [?]

[Midden boven:]
PROVINCIAAL BLAD
van
NOORDHOLLAND
1940

[Links in de marge:]
Gezien
[paraaf]

No. 26. Circulaire van 1 Augustus 1940, No. 18-69/14528, 1e Afdeeling, houdende mededeeling van het besluit van den Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandsche gebied, betreffende de benaming "Commissaris der Koningin" en de aanduiding van ambten en instellingen met de toevoeging "Koninklijke".

De Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandsche gebied heeft bepaald, dat de benaming "Commissaris der Koningin" door de Duitsche autoriteiten in het bezette gebied niet meer mag worden gebruikt, en dat deze ambtsdragers in den vervolge zullen moeten worden aangeduid met de benaming "Commissaris der Provincie".

Ook bij andere aanduidingen van ambten en instellingen zal de toevoeging "Koninklijke" in den vervolge achterwege moeten blijven.

Door de Nederlandsche autoriteiten, bestuurscolleges en ambtenaren dient eene soortgelijke gedragslijn te worden gevolgd.

De Secretaris-Generaal, waarnemend Hoofd van het Departement van Binnenlandsche Zaken, die mij het vorenstaande bericht, noodigt mij uit, de onder mij ressorteerende instellingen en ambtenaren daarmede in kennis te stellen, met verzoek aan een en ander de hand te houden.

Bij deze voldoe ik aan die uitnoodiging.

[Links onderaan:]
S.
[paraaf]

Haarlem, 1 Augustus 1940.
De Commissaris der provincie Noordholland,
A. Röell.
Voor eensluidend afschrift,
de Secretaris, Dit document is een cruciaal administratief getuigenis van de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Het betreft de uitvoering van een bevel van de Rijkscommissaris (Arthur Seyss-Inquart) om alle verwijzingen naar het Nederlandse koningshuis uit het openbare bestuur te verwijderen.

De kernpunten van het besluit zijn:
1. Naamswijziging: De titel "Commissaris der Koningin" wordt gewijzigd in "Commissaris der Provincie".
2. Verbod op "Koninklijke": Het predicaat "Koninklijk" mag niet langer gevoerd worden door ambten en instellingen.
3. Keten van uitvoering: Het bevel komt van de Duitse bezetter, wordt doorgegeven door de Nederlandse Secretaris-Generaal van Binnenlandse Zaken (K.J. Frederiks), en wordt hier lokaal uitgevoerd door de Commissaris van Noord-Holland.

Het document illustreert de zogenaamde 'gelijkschakeling' en het proces waarbij de bezetter de legitimiteit van de in ballingschap verkerende Koningin Wilhelmina probeerde te ondermijnen in het dagelijks bestuur. Toen Nederland in mei 1940 werd bezet, vluchtte de koninklijke familie en de regering naar Londen. De Duitsers stelden een civiel bestuur in onder leiding van Seyss-Inquart. In de eerste maanden van de bezetting probeerden de Duitsers de Nederlandse bevolking nog voor zich te winnen, maar tegelijkertijd werden alle symbolische banden met het Huis van Oranje systematisch doorgesneden.

Baron A. Röell, die dit document ondertekende, was de zittende Commissaris van de Koningin. Veel Nederlandse bestuurders bleven in het begin van de oorlog aan in de hoop de belangen van de bevolking zo goed mogelijk te behartigen (de politiek van 'het minste kwaad'), ook al betekende dit dat zij Duitse verordeningen zoals deze moesten uitvoeren. Röell zou uiteindelijk in 1941 met pensioen gaan en worden opgevolgd door een NSB'er.

Dergelijke circulaires verschenen in de zomer van 1940 in alle provincies en markeerden het begin van een steeds strengere censuur en controle op de Nederlandse identiteit en staatsinrichting.

Samenvatting

Dit document is een cruciaal administratief getuigenis van de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Het betreft de uitvoering van een bevel van de Rijkscommissaris (Arthur Seyss-Inquart) om alle verwijzingen naar het Nederlandse koningshuis uit het openbare bestuur te verwijderen.

De kernpunten van het besluit zijn:
1. Naamswijziging: De titel "Commissaris der Koningin" wordt gewijzigd in "Commissaris der Provincie".
2. Verbod op "Koninklijke": Het predicaat "Koninklijk" mag niet langer gevoerd worden door ambten en instellingen.
3. Keten van uitvoering: Het bevel komt van de Duitse bezetter, wordt doorgegeven door de Nederlandse Secretaris-Generaal van Binnenlandse Zaken (K.J. Frederiks), en wordt hier lokaal uitgevoerd door de Commissaris van Noord-Holland.

Het document illustreert de zogenaamde 'gelijkschakeling' en het proces waarbij de bezetter de legitimiteit van de in ballingschap verkerende Koningin Wilhelmina probeerde te ondermijnen in het dagelijks bestuur.

Historische Context

Toen Nederland in mei 1940 werd bezet, vluchtte de koninklijke familie en de regering naar Londen. De Duitsers stelden een civiel bestuur in onder leiding van Seyss-Inquart. In de eerste maanden van de bezetting probeerden de Duitsers de Nederlandse bevolking nog voor zich te winnen, maar tegelijkertijd werden alle symbolische banden met het Huis van Oranje systematisch doorgesneden.

Baron A. Röell, die dit document ondertekende, was de zittende Commissaris van de Koningin. Veel Nederlandse bestuurders bleven in het begin van de oorlog aan in de hoop de belangen van de bevolking zo goed mogelijk te behartigen (de politiek van 'het minste kwaad'), ook al betekende dit dat zij Duitse verordeningen zoals deze moesten uitvoeren. Röell zou uiteindelijk in 1941 met pensioen gaan en worden opgevolgd door een NSB'er.

Dergelijke circulaires verschenen in de zomer van 1940 in alle provincies en markeerden het begin van een steeds strengere censuur en controle op de Nederlandse identiteit en staatsinrichting.

Kooplieden in dit dossier 23

Bevelanders [met rode stippen eronder] Waterlooplein " 247,80
M. Wagenhuizen Waterlooplein " 376,12
N. Eigenhuis Waterlooplein " 115,05 [vinkje]
N. Eigenhuis Waterlooplein "   70,87
Bl.Eigenheimer Waterlooplein 15,75
A. Bonten Waterlooplein " 278,60
Div. soorten Waterlooplein f 19.437,625
G. Franzen Waterlooplein
I. A-soorten exc. Eigenheim. en Bevelanders Waterlooplein 8½ <br> 8½
B. Soort Waterlooplein 7 <br> 7
II soorten Eigenh. en Bevelanders Waterlooplein 8 <br> 8
J. van Andel Waterlooplein
J. Gooyer Wzn (geboren 1881) Waterlooplein 113505
N.G. v.d. Bijl Waterlooplein
B. Pinkster Waterlooplein 1.781,39
B. Pinkster Waterlooplein " 278,60
B. Pinkster Waterlooplein " 3.362,35
A. Geboorte Waterlooplein " 3.362,35 ✓
A. Geboorte Waterlooplein " 3.362,35 [vinkje]
A. Geboorte Waterlooplein " 790.53 [vinkje]
Edward Voûte (Burgemeester) Waterlooplein " 235,07
Edward Voûte (Burgemeester) Waterlooplein " 236,84