Extract uit het Boek der Besluiten van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam.
Origineel
Extract uit het Boek der Besluiten van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam. 22 november 1940. No. 22/55 G.B. 1940.
1088 hm 1940
Gezien
[Paraaf]
Geldigheid dienstkaarten Tram op Zaterdag.
Markth.
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten van
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam.
Vrijdag, 22 November 1940.
Op voorstel van den Wethouder voor de Gemeentebedrijven wordt het volgende besluit genomen:
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam;
Gezien het rapport van den Directeur der Gemeentetram, dd. 18 November 1940, No. 33/54;
Gelet op hun besluit van 24 Januari 1936, No. 22/8 G.B.;
B e s l u i t e n :
te bepalen, dat, in verband met de handhaving van den Midden-Europeeschen zomertijd, de dienstkaarten voor de Gemeentetram, geldig op werkdagen van aanvang dienst tot 18½ uur, van 7½ - 18 uur of van 8 - 18½ uur, op Zaterdag in plaats van tot 14 uur geldig zullen zijn tot 16 uur.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen Gemeentebedrijven (20 stuks) en voorts aan alle overige afdeelingen der Gemeentesecretarie, alsmede aan den Gemeente-ontvanger en het Pensioenbureau.
EL
Voor eensluidend extract,
de Secretaris,
(get.) VAN LIER.
[Stempel linksonder:]
No 1/104/1 M. 1940 5/12 * Inhoud: Het besluit regelt een verruiming van de geldigheid van tramkaarten voor gemeenteambtenaren op zaterdagmiddag. De eindtijd wordt verschoven van 14:00 uur naar 16:00 uur.
* Aanleiding: De directe reden voor de wijziging is het handhaven van de "Midden-Europeeschen zomertijd" gedurende de wintermaanden.
* Administratieve weg: Het besluit is genomen op voorstel van de wethouder voor Gemeentebedrijven, na een rapport van de directeur van de Gemeentetram (GVB). Het extract is ondertekend door de secretaris (Van Lier) om de echtheid van de kopie te bevestigen.
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands met de toenmalige spelling (den, dezer, Midden-Europeeschen). Dit document stamt uit november 1940, het eerste jaar van de Duitse bezetting van Nederland. De genoemde "Midden-Europeesche zomertijd" is een direct gevolg van de bezetting; de Duitsers voerden deze tijdzone in mei 1940 direct in ter vervanging van de Amsterdamse Tijd. Omdat men besloot deze zomertijd in de winter van 1940-1941 door te laten lopen (om energie te besparen en de logistiek met het Duitse Rijk synchroon te houden), verschoof het dagritme ten opzichte van het daglicht. Dit had praktische gevolgen voor de werktijden en het openbaar vervoer, waar dit besluit een correctie op vormt. De ondertekenaar "Van Lier" betreft de toenmalige gemeentesecretaris van Amsterdam.